Zoek in de site...

Voorbeelden taken

Leren praten

Tijdens dit spel moet uw kind uitvinder Daisy helpen om haar robot Kroink te leren praten. Hierbij zit uw kind voor een laptop en ziet verschillende dierenplaatjes. Robot Kroink verzint steeds verhaaltjes over de dieren, maar kan nog niet in één keer een hele zin zeggen. In plaats daarvan zegt ze steeds een stukje van de zin. Om Kroink te helpen moet uw kind op een knop drukken, zodat Kroink het volgende stukje van de zin zegt. Uw kind hoort bijvoorbeeld eerst “de leeuw”, drukt dan op de knop en hoort “graaft”, drukt weer op de knop, hoort “een kuil”, etc. Op deze manier leert Kroink om hele zinnen te gebruiken. Om er zeker van te zijn dat ze alles begrijpt, stelt Daisy uw kind af en toe een vraag over een zin. Deze taak helpt ons erachter te komen hoe kinderen zinnen begrijpen. Dit kunnen we afleiden door hoe snel ze op de knop drukken op bepaalde momenten in de zin.

Zinnen beoordelen

Dit taakje is het tweede deel van het vorige spel. Kroink kan nu hele zinnen gebruiken, maar spreekt nog niet altijd goed Nederlands. Ze zegt bijvoorbeeld: “leeuw de graaft een kuil”. Uw kind moet daarom uitvinder Daisy nog één keer helpen door Kroink te vertellen of haar zin goed of fout is. Zo zien we welke combinaties van woorden kinderen toestaan in het Nederlands.

Nemo

Met dit spelletje kijken we hoe goed uw kind niet-relevante informatie kan onderdrukken. Uw kind ziet op de laptop het visje Nemo. De bedoeling is dat uw kind Nemo eten geeft. Dit kan door op twee vissenknoppen op het toetsenbord te drukken: één aan de linkerkant en één aan de rechterkant. Wanneer Nemo naar links zwemt moet uw kind op de linkerknop drukken en wanneer Nemo naar rechts zwemt moet uw kind op de rechterknop drukken. Dit moet zo snel mogelijk. Soms zwemmen er andere visjes om Nemo heen, de ene keer dezelfde kant op, de andere keer de andere kant op. In de laatste situatie moet de zwemrichting van de andere visjes dus genegeerd worden. Eerder onderzoek heeft laten zien dat tweetalige kinderen hier sneller in kunnen zijn dan eentalige kinderen.

Taalvaardigheid

Het is belangrijk voor ons om te weten hoe vaardig uw kind in beide talen is. Wij kunnen dit op verschillende manieren onderzoeken. Bijvoorbeeld door middel van een woordenschattaak: uw kind ziet steeds vier plaatjes op de laptop en hoort een woord. Uw kind moet dan naar het plaatje wijzen dat het woord uitbeeldt. Een ander voorbeeld van een taak is de zinnenherhaaltaak. In deze taak luistert uw kind naar een aantal zinnen die hij of zij steeds zo precies mogelijk moet nazeggen. Ook zullen wij u natuurlijk vragen naar de taalvaardigheid van uw kind bij het invullen van de vragenlijst.

zinnenherhaaltaak