Tönissen vroeg waarom die grens er eerst niet was. Leijenhorst maakte het onderscheid duidelijk tussen leugens waaraan iedereen meedeed en bedrog waarbij iemand buiten de waarheid werd gehouden. In het eerste geval werkte het toneelspel zelfs troostend; in het tweede geval, zoals bij het meisje, werd het moreel problematisch.
Het gesprek verschoof naar de vraag in hoeverre de praktijk van "Rental Family" verschilde van de rollen die mensen dagelijks spelen. Leijenhorst benadrukte dat de film een vraagstuk mee naar huis gaf: hoe echt zijn de rollen die mensen vervullen als partner, ouder, collega? En waarom zou het erg zijn dat die rollen variëren tussen situaties? Tönissen stelde dat authentieke rollen een geschiedenis hebben, terwijl rollen die de acteurs vanuit het bedrijf spelen dat niet hadden. Leijenhorst betwijfelde dat verschil, omdat de scripts die de acteurs gebruikten juist wél geschiedenis in zich droegen, zij het verzonnen.
Zelfbeeld en spiegel
Tönissen sloot af met de slotscene van de film, waarin het hoofdpersonage geconfronteerd wordt met een spiegel. Wat was hier de betekenis van? Leijenhorst presenteerde drie mogelijke interpretaties. De eerste – narcisme – vond hij te flauw. Een tweede verklaring was dat de acteur in de spiegel keek om te achterhalen wie hij werkelijk was, iets wat aansloot bij het grote thema ‘authenticiteit’ van de film. Hij vond het betekenisvol dat de hoofdpersoon aan het einde in de spiegel keek en lachte, alsof hij zichzelf voor het eerst écht zag na eindelijk ‘geland’ te zijn in Japan.
Tönissen verwees naar een uitspraak in de film dat God in alles en iedereen zit. Leijenhorst koppelde dit aan de existentiële zoektocht naar het ware zelf. Vervolgens benadrukte hij dat dit extra interessant was in Japan, waar er veertien woorden voor “ik” bestaan en het zelf relationeel bepaald wordt. Daardoor was het onderscheid tussen authentiek en rol veel minder eenduidig.
Tot slot vertelde Leijenhorst een persoonlijke anekdote over zijn vaderschap, waarin “fake it till you make it” verrassend goed bleek te werken. Daarmee illustreerde hij dat rollenspel niet enkel Japans was, maar universeel.