Drie centrale vragen
Wat is kunst? Wat is schoonheid? En wat is de functie van kunst?
Aan de hand van deze drie vragen gaat Jeroen Linssen door de geschiedenis van het denken over kunst. Is kunst een kwestie van nabootsing van de natuur of draait het om het uitdrukken van gevoelens? Wat is het verschil tussen een normaal object en een kunstwerk? Kun je schoonheid objectief vaststellen of is het een kwestie van persoonlijke smaak? En heeft kunst een educatieve of therapeutische functie? Of is kunst vooral bedoeld om er gewoon van te genieten?
Van oudheid tot het einde van de kunst
Plato vroeg zich af wat de verhouding is tussen schoonheid en moraliteit. Bij Aristoteles komt de vraag naar de functie van de kunst bovendrijven. Hume en Kant richtten zich op wat het smaakvermogen vermag. Nietzsche en Bataille brengen ons bij de kwestie van de verhouding tussen kunst en roesbeleving en extase. De vraag in hoeverre kunst een bevrijdende, emancipatoire werking kan hebben staat bij Marcuse centraal. Heidegger confronteert ons met de verhouding tussen kunst en waarheid. En bij Danto stuiten we op de uitdagende vraag of de kunst niet ten einde is nu alles in de kunst kan en mag.