Zoek in de site...

beschrijving van alle workshops

Workshop 1: Literatuurdidactiek: poëzie
Als het om literatuur gaat, hebben taaldocenten een complexe taak: ze moeten leerlingen zowel kwalificeren in het lezen van literaire teksten als hen motiveren om te lezen. In deze workshop staan we stil bij literatuurdidactische concepten en inzichten die van pas kunnen komen in het taalonderwijs. We passen die toe op een domein waarmee leerlingen en (beginnende) leraren traditioneel moeite hebben: poëzie. In de workshop ervaar je hoe aanstaande taaldocenten in de opleiding in aanraking komen met literatuurdidactiek en denk je na over de vraag hoe je dat proces mee kunt begeleiden.

Workshop 2: Link-making in bèta-onderwijs
In deze workshop gaan we aan de hand van een aantal voorbeelden zien hoe link-making een rol kan spelen in bèta-onderwijs. Studenten leren aan de hand van een artikel van Scott, Mortimer & Ametller (2013) pedagogical links in te zetten in hun lesontwerpen. In hoeverre zijn de links herkenbaar en toepasbaar voor professionals in de school en hoe kunnen we onze studenten helpen om pedagogical links te herkennen en effectief te gebruiken?

Workshop 3: MCM/gamma-vakken: doceren en begeleiden vanuit een visie op het vak
Topografie of geografisch onderzoek leren doen, jaartallen of actief historisch denken, kenmerken van de rechtstaat of actuele vraagstukken analyseren in hun maatschappelijke context. Vaak zien we dat studenten verklaren hoe belangrijk ze het vinden dat hun leerlingen bijvoorbeeld beter kritisch gaan redeneren, om vervolgens in hun lesontwerpen vooral reproductiegerichte werkvormen in te zetten. Studenten vinden het dus vaak moeilijk om aan te geven wat de kern van hun vak is en wat ze ermee willen bereiken.

In deze workshop bieden we een aantal oefeningen om duidelijk te krijgen wat je student (en jijzelf) wil bereiken met haar/zijn vak. Het doel van de workshop is om te ervaren hoe ingewikkeld de afwegingen in het formuleren van een vakvisie zijn door het zelf (weer) eens te doen en daardoor studenten erbij te kunnen ondersteunen. We hopen dat door deze workshop WPB’ers nog beter feed-up, feed-back en feed-forward kunnen geven door samen met de student inconsistenties op te sporen tussen wat de student zegt te willen bereiken en wat zij/hij in de les doet.

Workshop 4: Waar sta jij voor als lerarenopleider/werkplekbegeleider?
Studenten in onze opleiding krijgen vaak de vraag om hun opvattingen over leren en onderwijs te expliciteren. Deze opvattingen vormen een drijvende kracht voor de keuzes die studenten maken en de werkwijze die ze hanteren.
Als we dit belangrijk vinden bij onze studenten, is natuurlijk de vraag gerechtvaardigd in hoeverre wij als opleiders/werkplekbegeleiders onze eigen opvatting scherp voor ogen hebben.
Hoe wil jij je studenten, die leraar willen worden, laten leren? Ruimte voor experimenteren of strakke begeleiding? Aandacht voor persoonlijke ontwikkeling of werken aan duidelijke criteria en bekwaamheidseisen?
In deze bijeenkomst gaan we aan de hand van een werkvorm je eigen opvattingen en ideeën over het opleiden van aanstaande leraren boven tafel krijgen.
Deze opvattingen zullen we koppelen aan vijf gangbare visies op het opleiden van leraren.

Workshop 5: Stagebeoordeling als instrument voor feed-up en feed-forward
Beoordeling van beginnende leraren in de lespraktijk is een belangrijk maar ook veel besproken thema. Eén jaar geleden is er gestart met de herziening van het huidige beoordelingsformulier. Na een jaar samen ontwikkelen is er een prototype van het nieuwe formulier beschikbaar en klaar om gebruikt te worden in de begeleiding van onze studenten in scholen. Tijdens deze bijeenkomst wordt dit prototype besproken en gaan we samen in gesprek om het formulier kritisch tegen het licht te houden en ook praktisch toe te passen. Een tipje van de sluier: het beoordelingsformulier is meer gericht op formatieve evaluatie!

***********************************************************************************

Workshop 6: Dialoog over de pedagogische rol
Docenten en studenten staan altijd voor de uitdagende pedagogische vraag: ‘Wat is op dit moment voor deze leerling het meest in zijn/haar belang en waarom vind ik dat?’ Deze vraag zal door verschillende leraren verschillend beantwoord worden. De ene leraar ziet leerlingen als kwetsbare kinderen die zo goed mogelijk voorbereid dienen te worden op een complexe maatschappij, en de andere leraar ziet leerlingen als potentiële veranderaars van die maatschappij. Het mensbeeld en de waarden die aan dit soort opvattingen ten grondslag liggen zijn bepalend voor het pedagogisch handelen van de leraar. Het is van belang dat (aankomende) leraren hier zicht op krijgen om hier vervolgens op te reflecteren en hierover de dialoog op te zoeken met anderen. In die dialoog komen drie invalshoeken aan bod die elkaar cyclisch opvolgen: pedagogisch bewustzijn, pedagogisch legitimeren en pedagogisch-didactisch handelen.
In deze workshop wordt samen verkend hoe je als opleider/begeleider een betekenisvolle dialoog kan voeren vanuit die drie invalshoeken.

Workshop 7: Samen leerlingwerk analyseren in de begeleiding
Een goede les sluit aan bij de beginsituatie van de leerlingen. Ervaren leraren gebruiken hun ervaringskennis om deze beginsituatie in te schatten. Studenten hebben die ervaringskennis nog niet, en aan het begin van de opleiding worstelen ze daarom vaak met vragen als: Wat snappen de leerlingen al van dit onderwerp, wat nog niet? Hoe krijg ik daar zicht op in de les? Wat betekent dat voor mijn volgende les?
Onderzoek laat zien dat studenten en begeleiders echter zelden samen leerlingwerk analyseren. Wanneer ze dat wel gaan doen, helpt dat om te reflecteren op de rol van de docent, wat leerlingen (nog niet) begrijpen, en op mogelijke vervolgstappen om aan te sluiten bij het leren van de leerlingen. In deze workshop gaan we in op ervaringen van begeleiders als ze samen met studenten leerlingwerk gaan analyseren, en onderzoeken we manieren om dit te doen. Hoe help je studenten om informatie te verzamelen over het leren van leerlingen, die zinvol te interpreteren, en dat te vertalen in beslissingen voor volgende lessen? En om dat steeds zelfstandiger te doen?

Workshop 8: Formulieren voor ontwerp en evaluatie
Het afgelopen jaar is er binnen de Radboud Docenten Academie een nieuw formulier ontwikkeld dat studenten ondersteunt bij het ontwerpen en evalueren van onderwijsactiviteiten. Dit formulier vervangt het “lesvoorbereidingsformulier” dat in allerlei varianten gebruikt werd, omdat de oude formulieren niet bewerkstelligden wat wij voor ogen hadden. Het draaide vaak uit op een plichtmatige invuloefening, terwijl het zou moeten gaan over de vragen die je jezelf stelt als docent tijdens de voorbereiding op een onderwijsactiviteit of bij de evaluatie ervan. De nieuwe formulieren zetten op allerlei niveaus aan tot het overdenken van die vragen. In deze workshop gaan we verkennen hoe wij als opleiding - instituut en school – onze rol kunnen oppakken in de begeleiding van de student hierbij.

Workshop 9: Van Mystery tot meso-niveau
Bij het vak Professioneel Persoonlijk Leren (PPL) leren studenten wat het leerproces binnen een lerarenopleiding inhoudt. Doelen stellen, reflecteren, regie nemen zijn termen die hierbij passen. Aanvankelijk is dat leren vooral gericht op de eigen ontwikkeling, maar gaandeweg verschuift de focus richting de school als organisatie (meso-niveau) waarbinnen docent en leerling functioneren. Om studenten te prikkelen na te denken over hun plek en rol binnen de school, wordt er in een van de PPL colleges gebruikt gemaakt van een "mystery" rond zorgleerlingen. Praktijknabij, met oog voor theorie en praktijk.
In deze workshop krijg je inzicht in de manier van werken bij een mystery, wat de meerwaarde ervan is en wordt er gezamenlijk onderzocht hoe de ervaringen van  studenten kunnen worden gekoppeld aan de stagepraktijk.

Workshop 10: Video-analyse
In deze workshop is te zien hoe je feedback, feedup en feedforward kunt combineren in een bespreking van een video-opname. Studenten hebben het nodig dat wij begeleiders hen progressieve feedback geven, zodat ze zelfvertrouwen krijgen en ook gaan inzien wat ze al kunnen in relatie tot het werkdoel (feedup) dat ze hebben gesteld. Door met deze feedback te starten in een nabespreking ontstaat een veilig leerklimaat waardoor student en WPB samen kunnen gaan zoeken naar een strategie voor de student om zich verder te ontwikkelen (feedforward). aan de hand van voorbeelden gaan we oefenen hiermee.

Ga terug naar overzicht