De ontwikkeling van de hersenen verloopt in een reeks stappen die strak gereguleerd zijn in tijd en ruimte. Wanneer één enkel aspect van dit proces wordt verstoord, kunnen er structurele en functionele problemen ontstaan, wat leidt tot neurologische ontwikkelingsstoornissen (NDD’s). De oorzaak van deze NDD’s is vaak genetisch, wat leidt tot zeldzame syndromen met symptomen zoals een verstandelijke beperking, autismespectrumstoornissen, aandachtstekort- en hyperactiviteitsstoornissen, schizofrenie en motorische en taalstoornissen. Dit onderzoek richt zich op de monogene NDD’s Witteveen-Kolk-syndroom en de ziekte van Lesch-Nyhan en maakt gebruik van meerdere ziektemodellen om te onderzoeken hoe verschillende biologische veranderingen de hersenontwikkeling verstoren. De resultaten tonen aan dat deze aandoeningen, ondanks hun verschillende genetische oorzaken, overlappende ontwikkelingsprocessen beïnvloeden. Tegelijkertijd blijkt uit het onderzoek dat geen enkel experimenteel model de complexiteit van deze aandoeningen volledig kan weerspiegelen. In plaats daarvan biedt de combinatie van uit menselijke stamcellen afgeleide neurale organoïden met muizen- en zebravismodellen een vollediger en informatiever beeld. Elk model biedt specifieke voordelen, waardoor verschillende aspecten van de ziekte gericht kunnen worden bestudeerd. Deze bevindingen illustreren een praktische strategie voor het bestuderen van zeldzame NDD’s en leggen de basis voor de ontwikkeling van therapeutische benaderingen.
Sara Sebastiani (1995) behaalde een bachelor- en masterdiploma in medische biotechnologie aan de Universiteit van Milaan. Tijdens haar studie en stages groeide haar interesse in neurobiologie verder, met een focus op neurologische ontwikkeling. Na haar afstuderen cum laude, gemotiveerd om verder te gaan met het bestuderen van zeldzame neurologische ontwikkelingsstoornissen, verhuisde Sara naar Nijmegen om haar promotieonderzoek te starten bij het Donders Center for Neuroscience van de Radboud Universiteit. In haar onderzoek combineerde ze ziekte modellen bij mensen en dieren om de pathogene mechanismen van twee zeldzame neurologische ontwikkelingsstoornissen te bestuderen.