Esther Aarts heeft een nieuw boek uitgebracht
Esther Aarts heeft een nieuw boek uitgebracht

Vici-beurs voor Esther Aarts: hoe darmen met de hersenen praten bij overeten en obesitas

Onze darmen geven signalen aan de hersenen die aangeven of we honger hebben of verzadigd zijn. We begrijpen echter nog niet goed hoe de verbinding tussen darmen en brein het eetgedrag beïnvloedt wanneer mensen eten zonder honger te hebben. Bij overeten spelen ook factoren als beloning, emoties en verlies van controle een rol. De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft een prestigieuze Vici-beurs toegekend aan professor Esther Aarts om twee manieren te onderzoeken waarop de darmen de hersenen kunnen beïnvloeden. Het doel van het project is om te bepalen hoe GLP-1- en SCFA signalen van invloed zijn op beloning, emotie, aandacht en lichaamsbewustzijn, vooral bij mensen met zowel overgewicht/obesitas als ADHD.

Er is wereldwijd een sterke toename te zien in het gebruik van GLP-1RA-medicatie voor gewichtsverlies. Vanwege de relatief hoge kosten en bijwerkingen van deze medicijnen, is het belangrijk om meer inzicht te krijgen in de werking ervan en de relevante doelgroepen. Door een gebrek aan neuroimagingstudies die de effecten van GLP-1RA's op verschillende aspecten van ongecontroleerd eten bij obesitas direct onderzoeken, blijft de invloed van darmen op onze hersenen onduidelijk. Het eerste doel van het project is daarom onderzoeken hoe de darm-hersenas – en vooral het GLP-1-signaal – invloed heeft op verschillende hersenprocessen die ons eetgedrag beïnvloeden. Het gaat daarbij om hoe we signalen uit ons lichaam voelen, motivatie, emotie en bewuste controle.

De tweede doelstelling gaat over de invloed van prebiotische vezels, zoals inuline. Deze vezels kunnen het gevoel van verzadiging versterken. Dat gebeurt via stoffen die darmbacteriën aanmaken, de zogenoemde korteketenvetzuren (SCFA’s). Bij mensen met ADHD zijn deze stoffen vaak lager dan normaal. Het is nog niet duidelijk hoe SCFA’s andere processen in de hersenen beïnvloeden. Omdat prebiotica een leefstijloptie kunnen zijn en mogelijk langdurig medicijngebruik kunnen voorkomen of verminderen, is het belangrijk om goed te begrijpen wat hun effect is.

Aarts: “Het percentage obesitas is naar schatting 70% hoger bij ADHD, en verschillen in gedrags- en emotionele regulatie spelen een belangrijke rol in deze hogere percentages. Door gecontroleerde behandelingen met medicijnen en voeding kunnen we beter begrijpen hoe de darm-hersenas invloed heeft op de hersenprocessen die meespelen bij overeten.”

Maatschappelijke impact en potentieel op lange termijn

Deze inzichten zullen ons begrip van de verbinding tussen darmen en hersenen bij hogere cognitieve functies vergroten en informatie opleveren die nodig is voor een gepersonaliseerde aanpak voor voorkomen en behandelen van obesitas. Het project is zeer relevant voor mensen met ADHD. In Nederland heeft ongeveer 3,2% van de volwassenen ADHD, een groep met naast een verhoogd risico op obesitas, ook een hogere kans op insulineresistentie en diabetes type 2. Door neurocognitieve of metabole verschillen tussen personen met ADHD en personen met een vergelijkbare BMI te identificeren, kan het onderzoek het bewustzijn vergroten van de metabole uitdagingen waarmee deze groep wordt geconfronteerd en stigma helpen verminderen door aan te tonen dat overeten het gevolg kan zijn van neurobiologische factoren. Aarts: “Ondanks de bekende metabole uitdagingen bij ADHD, is er nog geen onderzoek gedaan naar GLP-1-receptoragonisten of prebiotische vezels bij ADHD.”

Op langere termijn kunnen de bevindingen als leidraad dienen voor toekomstig onderzoek naar chronische GLP-1RA-behandeling bij mensen met ADHD en obesitas, om te helpen bepalen of de kosten (en bijwerkingen) van dergelijke medicijnen de moeite waard zijn voor deze groep. Hoewel prebiotica op zichzelf waarschijnlijk geen groot gewichtsverlies veroorzaken, kunnen ze wel een ondersteuning zijn bij levensstijlinterventies en uiteindelijk dienen als preventieve strategie of als een alternatief met minder risico's voor langdurige medicatie. Het onderzoek kan ook aanleiding geven tot gerichte prebiotische studies bij andere groepen met impulsief overeten of aandoeningen die verband houden met verlaagde SCFA-waarden, zoals ernstige depressieve stoornissen, de ziekte van Parkinson en de ziekte van Alzheimer.

Contactinformatie

Gaat over persoon
prof. dr. E. Aarts (Esther)
Thema
Gedrag, Hersenen, Zorg & Gezondheid