Kwantiteit en kwaliteit

Binnen de vier domeinen, maar vooral binnen het domein onderzoek, speelt nog een ander vraagstuk, namelijk die van kwaliteit versus kwantiteit.

In de notitie 'Ruimte voor ieders talent' wordt gewezen op de te eenzijdige nadruk op kwantitatieve outputindicatoren (zoals aantal publicaties en citaties, journal impact factor, en publicatiecriteria). De kanttekeningen bij een aantal van deze indicatoren zijn onder meer dat ze niet vergelijkbaar zijn over verschillende wetenschapsgebieden en daarmee onvoldoende recht doen aan de diversiteit binnen de wetenschapsbeoefening. Daarnaast zeggen deze kwantitatieve indicatoren niet per definitie iets over kwaliteiten van de onderzoeker en kunnen ze een belemmerende factor vormen in de transitie naar ‘open and robust science’ (zie ook de aanbevelingen uit The Declaration on Research Assessment. Hierbij wordt gestreefd naar een open academische cultuur, waarin onderzoekers zorgvuldig tijd en aandacht investeren in het delen van onderzoeksdesigns, -data en -resultaten met zowel collega-wetenschappers als de samenleving. In de evaluatie en beoordeling van wetenschappelijke prestaties zou daarom meer aandacht moeten komen voor de kwaliteit van onderzoek.

In lijn hiermee vragen subsidieverstrekkers en universiteiten tegenwoordig steeds vaker om een narratief CV. Hierin beschrijven kandidaten op een verhalende wijze hun loopbaan, hun visie op en bijdragen aan onderzoek en, afhankelijk van welke domeinen worden beoordeeld, ook hun visie op de andere domeinen (onderwijs, impact, leiderschap). Er wordt niet langer gevraagd om een volledige publicatielijst, maar om een beperkt aantal kernpublicaties met een toelichting waarom de kandidaat dit als waardevolle output beschouwt.