Glimpses of colonialism | Missionary Photographs 1900 - 1960

Historische foto’s kunnen gemakkelijk suggereren dat de kijker geschiedenis ziet. In zekere zin is dit ook waar, maar men moet zich daarbij ook realiseren dat een foto gemaakt is vanuit een bepaald perspectief, en dat het beeld niet altijd even onschuldig is als het lijkt. Een kritische blik kan ervoor zorgen dat men gevallen van kolonialisme onthult, waarin de inheemse bevolking genegeerd of gedegradeerd wordt. Dit betekent niet dat deze foto’s weggezet moeten worden als inherent misleidend, maar wel dat iemand verder kan kijken, om de ‘biografie’ van een foto te bestuderen en zo kansen te ontdekken om nieuwe informatie en betekenissen te onthullen. Dat is dan ook precies waar deze kleine expositie over gaat: door missionaire foto’s van het Katholiek Documentatie Centrum (KDC) centraal te stellen en te bestuderen met welk doel de foto’s gemaakt zijn, waar deze gepresenteerd zijn, welke verborgen boodschappen erin verborgen zijn en hoe ze nu nog gebruikt worden.

We nodigen u op deze wijze uit om deze foto’s kritisch te bestuderen en te bevragen, om zo de originele intenties en perspectieven te zien, en te ontdekken welke alternatieve perspectieven deze foto’s belichamen.

Snel naar


1. Virtuele tentoonstelling

 a. Introductie
 b. Casus I
 c. Casus II
 d. Casus III
 e. Conclusie 

Deze pagina is nog in ontwikkeling. Kijk voor de volledige informatie op de Engelse pagina

Indigenous children at missionary boarding school in Suriname
Indigenous children at missionary boarding school in Suriname (and backside of the photo), n.d.

Casus I - Wiens verhaal?

Inheemse kinderen op een internaat van de missionarissen, g.d.

Stelt u zichzelf, voordat u verder leest, deze vraag: Wat zie ik in deze foto? Welk, en wiens verhaal vertelt het op het eerste gezicht?

Deze foto is onderdeel van een reeks van drie, allen met hetzelfde bijschrift: 

“Echte natuurkinderen, die Indiaanse jongens, gezond en gaaf die door goede leiding en vorming kunnen opgroeien tot flinke degelijke mensen.” 

Dit bijschrift vertelt ons één verhaal, nameljik een koloniaal verhaal over inheemse “natuurkinderen” die hulp en sturing nodig hebben van de beschavende kerk. Tegelijkertijd worden alle kinderen op de foto’s in deze reeks omschreven als ‘jongens’, in lijn met de westerse binaire categorisatie, maar waarschijnlijk niet in lijn met de ervaringen van deze kinderen. De kinderen zijn afgebeeld terwijl zij zandkastelen aan het bouwen zijn, wat suggereert dat de foto waarschijnlijk in scène is gezet om te suggereren dat de kinderen van het internaat net zoals ‘westerse kinderen’ kunnen zijn. We zullen nooit te weten komen wat deze kinderen er zelf van vonden dat ze gefotografeerd zijn. 

Door naar hen te luisteren die als kind op dergelijke internaten zijn opgegroeid, kunnen we nieuwe perspectieven ontdekken. Zoals de volgende uitspraken van voormalig scholieren van het Katholiek Internaat Rajpur (Abdoelrahman, 2008): 

“Overal aangeleerd: ‘Nederlands praten, geen andere taal’.”

“Dankzij de zuster, de pastoors, hebben we een goed leven gehad.”

“[Wanneer je je misdroeg] dan werd je op een mierennest geplaatst [...]. En als je het niet meer aankon en begon te huilen en springen, mocht je weer weg.”

De kinderen op de foto kunnen echter niet tegen ons praten. Hun verhalen hebben geen plek gekregen, terwijl hun gezichten een rol hebben binnen het vertellen van het verhaal van de missie. Zoals in de volgende casussen verder zal blijken, dient missiefotografie vaak een dergelijke rol. 

A meeting between two bishops and important members of the Santigron community
A meeting between two bishops and important members of the Santigron community (and backside of the photo), Santigron, 1958

Casus II – Verder kijken dan twee bisschoppen 

Een belangrijke ontmoeting tussen twee bisschoppen en belangrijke leden van de gemeenschap van Santigron, Santigron, 1958. 

In oktober van 1958 reisden de Nederlandse aartsbisschop Bernardus Alfrink en de eerste bisschop van Paramaribo, Stephanus Kuijpers, naar het binnenland van Suriname om een bezoek te brengen aan het Marrondorp Santigron. Het bezoek was onderdeel van een langere tour langs de Nederlandse Antillen en Suriname ter viering van de nieuwe bisdommen van Willemstad en Paramaribo. Hun bezoek is vastgelegd in een foto, namelijk een portret van de bisschoppen met een geselecteerd gezelschap van inwoners van Santigron. 

Deze bezoeken en foto’s vertegenwoordigen de manier waarop de christelijke boodschap over de wereld werd verspreid. Deze evangeliserende initiatieven hebben plaatsgevonden binnen een koloniale context. Deze context wordt duidelijk als men het schokkende bijschrift op de achterkant van de foto leest.

Mgr. Alfrink (in het wit) en mgr. S. Kuijpers (in het zwart) met een groep van de bosn****bevolking in Santigron. 

Daar waar de bisschoppen bij naam genoemd worden, wordt de rest van de groep aangeduid met de algemene en discriminerende term bosn****. De keuze voor deze term ontneemt de lokale aanwezigen hun persoonlijke identiteit en zeggenschap. De fotograaf heeft de namen van de aanwezigen, en de rol die zij speelden in de gemeenschap, waarschijnlijk wel geweten, maar besloten deze niet te vermelden. Verder onderzoek met de hulp van de Surinaamse culturele antropoloog Salomon Emanuels, hebben ons inzichten opgeleverd die een geheel nieuw historisch en sociaal beeld van de foto mogelijk maken. 

De missionarissen en hun bezigheden werden aanvankelijk sceptisch ontvangen door de inwoners van Santigron. Pas toen de inheemse bevolking haar eigen traditionele religieuze activiteiten voort mocht zetten, kregen de missionarissen voet aan de grond. In de daaropvolgende decennia kwam zo een bloeiende katholieke gemeenschap in Santigron tot stand. De locatie en de personen in deze foto vormen daar het bewijs van.

De foto in kwestie is waarschijnlijk genomen voor het huis van Lief Bottong (wat ook diende als prikbord voor lokale mededelingen). Bottong staat ook op de foto, hij is de derde persoon vanaf rechts. Voor hem staat de basja (een belangrijke politieke functie binnen Marrongemeenschappen) van Santigron, Tietie Akoete Menig. Menig was onderdeel van de groep binnen Santigron die de alledaagse gang van zaken bepaalde. Links van Kuijpers staat J.H.A. Simson, het hoofd van de lokale basisschool. Deze foto legt dus een moment vast waarop belangrijke vertegenwoordigers van de katholieke en Marron gemeenschappen met elkaar kennismaken. Dit laat zien dat de complexe historische en sociale achtergrond van deze foto veel meer verhalen herbergt dan enkel het verhaal van deze twee bisschoppen. 

Sisters and Indigenous children and adults in front of a hut on the school grounds
Sisters and Indigenous children and adults in front of a hut on the school grounds (and backside of the photo), Malang, 1958

Casus III - Hoe de betekenis van een foto door de tijd heen verandert

Zusters en inheemse kinderen en volwassenen voor een hut op het schoolterrein, Malang, 1958. 

Een andere manier om de verschillende betekenissen van een foto te ontdekken is door de ‘biografie’ van een foto te bekijken. 

Onderschrift: De achterzijde van de foto. 

Deze foto, genomen in oktober van 1958 in Malang, Oost-Java, toont drie zusters van de katholieke congregatie ‘Zusters van het Arme Kind Jezus’ samen met Javanese kinderen en volwassenen. De school van de congregatie was vooral bedoeld om arme Javaanse kinderen te helpen, waarvan de meeste nooit gedoopt zijn. De foto laat een moment zien waarop de zusters hulpgoederen uitdelen aan de kinderen en hun families. Het onderschrift legt de nadruk op het geven van deze aalmoezen als onderdeel van hun missie: “Bewoonders van de hutjes op ons schoolerf. Het kleine bengeltje verheugt zich op een nieuw pakje.” Dit schetst een beeld van de lokale bevolking als dankbare ontvangers van hulp, waarmee een liefdadige, maar hiërarchische, relatie in stand wordt gehouden. 

De ’biografie’ van een foto herleidt de geschiedenis van een foto, en de verschillende manieren waarop foto’s gebruikt zijn en de verschillende betekenissen die de foto gehad heeft vanaf het moment dat deze genomen is. Het reconstrueren van de levensloop van een foto zorgt ervoor dat men de veranderende betekenis in de verschillende contexten kan bestuderen. 

De achterkant van de foto’s tonen meestal handgeschreven bijschriften, en een gestandaardiseerde classificatie die het onderwerp, locatie, institutie en datum omvatten. Deze zijn vervolgens gebruikt om de foto te categoriseren en te contextualiseren binnen de digitale database van het KDC. 

Opmerkelijk is dat deze foto zes jaar nadat die genomen is, gepubliceerd werd in een missionair tijdschrift. Deze versie van de foto is echter bijgesneden, en het onderschrift is gereduceerd tot: “Inwoners van de hutten op ons schoolerf. Het sentiment van het kind dat maar al te graag een nieuwe outfit in ontvangst wilde nemen is hierin dus geheel verdwenen. Hierdoor is de foto van zijn individuele verhaal vervreemd geraakt, en de inheemse bevolking wordt tot één groep gerekend. Dit laat zien hoe de betekenis van een foto kan veranderen door de context waarin deze zich bevindt. Door te begrijpen waar een foto geweest is en hoe deze gebruikt is, kunnen we begrijpen hoe een verhaal vervormd en versimpeld is over de tijd heen. 

Welk verhaal denk je dat deze foto vertelt?