Waar haal jij je onderwijslust vandaan?
''Mijn onderwijslust is sterk verbonden met de lessen die ik heb geleerd in Latijns-Amerika. Mijn reizen in de regio en mijn ervaringen met de mensen daar, met hun verschillende talen, gebruiken en visies op de wereld, hebben mijn kijk op waar we aan de universiteit mee bezig zijn en hoe we bijdragen aan de vorming van jonge mensen sterk veranderd. Ik ben meer gaan kijken naar de groep en naar wat er nodig is om gezamenlijk te groeien. Ik geniet van de vele mogelijkheden die het universitair onderwijs biedt om studenten de kracht van leren en het ter discussie stellen van hun eigen kennis te laten ervaren. Het is een lust om hen mee te nemen in onbekende geschiedenissen en samen te verkennen welke betekenis deze kunnen hebben voor onze kijk op onszelf en onze relaties met anderen. Telkens geniet ik bovendien weer als het ons lukt om samen van de collegezaal een plek te maken waar we ons ontwikkelen, plezier hebben en samen bewust worden van het feit dat vragen stellen een tweede natuur geworden is.''
Welk onderwijsmoment is jou altijd bijgebleven?
''Het eerste wat mij te binnen schiet, zijn de hoorcolleges die ik als eerstejaarsstudent Geschiedenis volgde. De kennis van de docenten en hun vermogen om geschiedenis tot leven te brengen als verhalenvertellers versterkten mijn liefde voor het vak. Toch is dit, wanneer ik langer bij de vraag stilsta, niet het onderwijsmoment dat mij als docent het meest heeft gevormd.
Dat inzicht kwam pas vele jaren later, toen ik met een groep studenten de film The Couple in the Cage: Two Undiscovered Amerindians Visit the West (1992–1993) bekeek. Deze film documenteert het activistische kunstproject van Coco Fusco en Guillermo Gómez-Peña, die zich voordeden als leden van een niet eerder ontdekte inheemse stam. De film maakte diepe indruk op de studenten. Een van hen, met een inheemse achtergrond, werd zichtbaar geraakt en huilde om het verdriet dat het kolonialisme voor zoveel generaties heeft achtergelaten.
Dit moment liet mij voelen dat de koloniale geschiedenis die ik onderzocht meer is dan een verhaal over het verleden. Het zette een proces van zelfreflectie in gang dat nog altijd voortduurt en mijn denken over mijn rol als docent in een wereld vol ongelijkheid en onrecht blijvend beïnvloedt.''
Wat hoop jij studenten mee te geven?
''In mijn onderwijs nodig ik studenten uit om de wereld vanuit andere perspectieven te bekijken. Geschiedenis ziet er anders uit voor een Mexica in zestiende-eeuws Tenochtitlan, een creoolse of mestizo inwoner van achttiende-eeuws Lima, of een Zwarte tot slaaf gemaakte in het Caribisch gebied. Ook recentere ervaringen met ongelijke globale integratie en kapitalistische expansie hebben geleid tot ideeën en theorieën die niet alleen helpen de regio te begrijpen, maar ook onze eigen aannames bevragen. Daarom probeer ik studenten na te laten denken over de betekenis van concepten zoals creolisering, het pluriversum en buen vivir (het goede leven) voor de wijze waarop ze kijken naar zowel het verleden als het heden.
Daarnaast richt ik me steeds meer op de vaardigheden die studenten nodig hebben om hun plaats in complexe sociale en politieke systemen te begrijpen. Wat betekent het als leren vooral wordt gezien als individuele voorbereiding op het beroepsleven? Hoe kunnen solidariteit en samenwerking leren juist toegankelijker, leuker en betekenisvoller maken? En hoe kunnen kritiek en deconstructie bijdragen aan het vormgeven van andere toekomsten? Door met studenten over deze vragen in gesprek te gaan hoop ik dat ze inzien dat er meer is dan één weg vooruit, en dat het goed leren omgaan met verandering en een beetje chaos pas echt onmisbare vaardigheden zijn.''
Waar ben je als docent trots op?
''Ik ben op veel dingen trots, maar het meest trots ben ik wanneer ik zie hoe studenten zich ontwikkelen: hoe zij hun blokkade overwinnen om iets te vragen, enthousiast raken over nieuwe ontdekkingen, komen met argumenten waarom mijn betoog nog te weinig rekenschap geeft van machtsstructuren in taal of praktijken, elkaar helpen groeien door feedback te geven en aantekeningen te delen en zich betrokken tonen bij de universiteit en de wereld daarbuiten. Hun nieuwsgierigheid, creativiteit en waardering herinneren mij telkens weer waarom ik docent ben. Ik haal motivatie uit de waardering die studenten tonen voor mijn onderwijs en voor mij als persoon.''
Wat zou je nog eens willen uitproberen in je onderwijs?
''Ik zou graag met studenten gedurende een periode als collectief – met 30, 40 studenten en mijzelf inclusief – een volwaardig artikel schrijven. En dit als onderdeel van de activiteiten die we in de collegezaal ontwikkelen. De afgelopen periode heb ik hiermee al eens kort geëxperimenteerd en erg genoten van de dynamiek die ontstond toen studenten in een online document aan de slag gingen en ze op het scherm voor in de collegezaal konden zien hoe ze elkaars creativiteit versterkten. Er ontstond ruimte voor humor, gesprekken over hoe je een goede inleiding opbouwt en hoe verschillende perspectieven bij elkaar gebracht kunnen worden. Juist in een tijd waarin generatieve AI de dynamiek van schrijfopdrachten zo sterk beïnvloedt, is dit mogelijk een manier om vast te houden aan schrijfonderwijs dat inhoud en praktijk op interactieve wijze bij elkaar weet te brengen.''