Foto van de toetsconferentie op 8 december 2022

Terugblik toetsconferentie: Hoe haal je de toets uit de student? En uit de docent?

“De les geschiedenis is uitgevallen. Weer voor niets geleerd.” Het is een volstrekt normale verzuchting van een doorsnee middelbare scholier. En met die vanzelfsprekende instelling komen onze studenten naar de Radboud Universiteit. Ze weten niet beter: leren doe je voor het tentamen. Dat dat allerlei negatieve gevolgen heeft, dat weet iedere docent, en met meer detail en inzicht in de onderliggende patronen en principes weten de onderwijskundigen dat ook. Hoe kunnen we die negatieve gevolgen voorkomen of verminderen? Die vraag stond op 8 december jl. centraal op de eerste Toetsconferentie van de Radboud Universiteit. 

Onder de titel Denken, Durven, Doen had de Special Interest Group Toetsing van het TLC een hele dag georganiseerd om de urgentie te vergroten van het besef dat we onze toetspraktijken goed onder de loep moeten nemen. Er waren keynotes van specialisten op het gebied van toetsing. Tamara van Schilt-Mol van de HAN, Sylvia Heeneman van de Universiteit van Maastricht en Jan Bransen, academisch leider van het TLC, verscherpten hun uitdaging tot de vraag hoe we de toets uit de student en uit de docent zouden kunnen halen. 

De insteek van de toetsdeskundigen was een iets andere. Als het nu eenmaal een gegeven is dat studenten voor de toets leren, hoe kunnen we ons inzicht in die ogenschijnlijk onuitroeibare gewoonte dan zodanig benutten dat de negatieve gevolgen achterwege blijven en de positieve gevolgen – want die zijn er ook – groter worden gemaakt. Langs deze lijn kan dan een herziening van het onderwijs op gang gebracht worden, zo is het idee, waarbij het beoordelen van de ontwikkeling van onze studenten zijn leerfunctie behoudt en we met elkaar – docent en student samen – verantwoorde beslissingen kunnen nemen over de benodigde vervolgstappen. 

De titel van de conferentie suggereert een route: om als even bezorgde als enthousiaste docent je dromen waar te kunnen maken en je studenten actief in de leer-, oefen- en ontwikkelstand te krijgen, moet je in samenspraak met je collega’s je toetspraktijk durven herzien, en dat kun je doen door te streven naar een praktijk die aan het eind van de dag door één van de deelnemers programmatisch oefenen werd genoemd. Die praktijk bestaat al in diverse opleidingen in het hoger onderwijs, onder andere in de Maastrichtse opleiding geneeskunde. Sylvia Heeneman schetste in haar keynote de boeiende principes. 

In diverse workshops werden ’s middags plannen voor de Radboud Universiteit gesmeed. Onder de deelnemers waren diverse opleidingsdirecteuren. Dat schept hoop, want om programmatisch oefenen in een opleiding mogelijk te maken, heb je goed samenwerkende docententeams nodig. Natuurlijk kan een opleidingsdirecteur van zijn of haar docenten niet met een simpele druk op de knop een goed samenwerkend team maken, maar als jouw perspectief vanzelfsprekend een hele opleiding betreft, kun je aan je collega’s wel gemakkelijker en beter uitleggen waarom het herzien van onze toetspraktijk nodig is en om goed samenwerkende docententeams vraagt. 

Het was maar een eerste conferentie, met ruim vijftig enthousiaste deelnemers. Maar het was wel echt een heel inspirerende conferentie, die smaakt naar meer. De Special Interest Group Toetsing kan met veel energie en enthousiasme verder. Bevindingen van de dag en verdere plannen voor een andere omgang met het beoordelen van de ontwikkeling van studenten – en docenten – zijn te vinden op het nieuwe Teams-kanaal van de SIG Toetsing. Mocht je belangstelling hebben om eens te kijken, ga je gang. Natuurlijk kun je je ook aansluiten bij de SIG Toetsing

Contactinformatie