Het is bij kwantitatief onderzoek onmisbaar: software waarmee je verzamelde data kunt analyseren en omzetten in visuele weergaves, zoals grafieken en tabellen. Omdat de toepassingseisen per onderzoek specifiek zijn en verschillen, schrijven onderzoekers die software vaak zelf: van simpele algoritmes tot complexe analysetools. Toch wordt die zelfgeschreven software nog zelden gedeeld, merkt Linus op. ‘Zonde, want andere onderzoekers kunnen er veel aan hebben. Als je je software deelt, kunnen zij die hergebruiken of aanpassen voor hun eigen onderzoek.’
Hergebruik en integriteit
Vanuit de nieuwe functie van Research Software Trainer wil Linus onderzoekers adviseren over het delen van zelfgeschreven software. Zijn functie is vergelijkbaar met die van de Data Stewards, die Radboud-onderzoekers al langer helpen om data openbaar beschikbaar te stellen. ‘Ook dat gebeurt met het oog op hergebruik en integriteit’, zegt Linus, die deels ook als Data Steward werkt. ‘Bij het delen van data is het belangrijk dat deze voldoen aan de FAIR-principes. Oftewel: de data moeten vindbaar, toegankelijk, interoperabel (het moet kunnen samenwerken met andere software) en herbruikbaar zijn. Die principes gelden ook bij het delen van zelfgeschreven onderzoeksoftware. Dit zodat je als onderzoeker vanuit het oogpunt van integriteit niet alleen je verzamelde data laat zien, maar ook aantoont hoe je die geanalyseerd hebt.’
Om de zelfgeschreven onderzoeksoftware volgens de FAIR-principes te kunnen delen, komt er veel kijken. ‘Vooral als je wilt dat anderen die kunnen hergebruiken’, legt Linus uit. ‘Zo is het allereerst belangrijk om te besluiten op welk platform je de software openbaar maakt en of er aan auteursrechtelijke eisen wordt voldaan. Ook moet het duidelijk zijn hoe de software werkt, zoals met welke input je de software moet voorzien en wat voor output je kunt verwachten. Over al die criteria adviseer ik. Met herbruikbare onderzoeksoftware help je andere wetenschappers om een volgende stap te zetten en voort te bouwen op je werk.’
Meedenken en doorverwijzen
Linus wil verschillende workshops hierover opzetten, met de focus op ‘best practices’, en niet zo zeer het leren van een programmeertaal. ‘Binnen elke faculteit zijn er collega’s die met programmeren kunnen helpen, ik kan je met hen in contact brengen. Ook zijn er online leermodules beschikbaar waarin programmeren aan bod komt, daar kan ik eveneens naar doorverwijzen. En als je vragen over begrijpelijke, herbruikbare softwarecodes hebt, dan wil ik graag meedenken.’
In de functie van Research Software Trainer komen Linus’ onderzoeksachtergrond en softwarekennis samen. Ooit begon hij als onderzoeker Historische Keltische Taalkunde, de afgelopen jaren werkte hij als productowner en developer bij het Donders Instituut. Als Radboud-onderzoeker kun je hem mailen, bellen of via Teams benaderen voor advies of een gesprek op de campus. ‘Waar je eigenlijk naar toe wilt, is dat je als onderzoeker vanaf de start al rekening houdt met het FAIR maken van je software. Daarmee voorkom je dat je achteraf dingen moet herschrijven. Mijn wens is om intensief samen te werken met de collega’s van de faculteiten die programmeerkennis hebben, zodat we onderzoekers samen kunnen helpen zo vroeg mogelijk aan de toegankelijkheidseisen voor de zelfgeschreven onderzoeksoftware te voldoen. Hopelijk kunnen we zo met elkaar tot een Radboud-breed bewustzijn komen en een cultuurupgrade bereiken.’