Radboud Universiteit
Zoek in de site...

Als de lokale overheid vertrouwen geeft, krijgt ze vertrouwen terug

Datum bericht: 11 september 2022

Kun je met mensen die in de bijstand zitten ook anders omgaan dan nu doorgaans gebeurt? Met minder strenge regels en meer ruimte voor eigen initiatief? Dat is geprobeerd in 2018 en 2019 in zes Nederlandse steden, waaronder Nijmegen. Voor uitstroom naar werk lijkt de experimentele nieuwe aanpak weinig succesvoller dan de huidige. Maar voor het vertrouwen in met name de lokale overheid maakt die wél verschil.

János Betkó is beleidsadviseur Inkomen bij de gemeente Nijmegen en buitenpromovendus Sociologie aan de Radboud Universiteit. Hij is bezig met de afronding van zijn proefschrift dat, kort gezegd, gaat over het ‘Nijmeegse bijstandsexperiment’ dat tussen december 2017 en januari 2020 werd uitgevoerd. Een experiment dat tegelijkertijd ook liep in andere Nederlandse steden, en dat draaide om twee vragen. Ten eerste: kunnen we ook anders omgaan met mensen in de bijstand en de eisen die we aan hen stellen? En ten tweede: wat kan zo’n andere aanpak opleveren?

Experiment Participatiewet

Wie in de bijstand zit, heeft normaal gesproken verplichtingen als het gaat om solliciteren (hoe vaak per week of maand) en het accepteren van passend werk. Ook zijn er strikte regels over hoe veel er bijverdiend mag worden en hoe lang dat mag. Kom je je verplichtingen niet na, dan kan een boete volgen.

In experiment met de Participatiewet werd in zes steden gekeken of een andere benadering ook zou kunnen werken. Kort samengevat waren de varianten:

  • Een ontheffing van re-integratieverplichtingen, waarbij deelnemers zelf in actie konden komen en ook wat meer konden bijverdienen gedurende langere tijd;
  • Intensievere begeleiding en ondersteuning op maat met behulp van groepscoaching, meer naar wens van de deelnemer zelf. Ook hier werden de bijverdienregels versoepeld;
  • Een controlegroep voor wie niets veranderde qua regels, maar die wel op dezelfde momenten als de andere groepen werd geënquêteerd.

Ten tijde van het experiment telde Nijmegen ongeveer 8500 bijstandsgerechtigden. Daarvan hebben ruim 300 mensen meegedaan aan het experiment: elke ‘variant’ telde zo’n 120 deelnemers.

Meer dan ‘uitstroom naar werk’

Over de resultaten van dit experiment werd al eerder gerapporteerd, zowel voor Nijmegen als voor alle zes deelnemende steden. Kijk je daarbij naar het effect van de nieuwe aanpak op de uitstroom naar werk, dan lijkt er slechts een bescheiden effect te zijn. Voor zijn proefschrift kijkt Betkó echter verder, bijvoorbeeld naar de factor: vertrouwen in de overheid. Is dat gestegen met de nieuwe aanpak?
Begin augustus publiceerde Betkó met collega’s een artikel dat op die vraag een antwoord geeft. En dat luidt: ja. ‘De andere benadering van bijstandsgerechtigden, die minder uitgaat van wantrouwen maar juist meer van vertrouwen, heeft geleid tot meer vertrouwen in de lokale overheid. Maar niet tot meer vertrouwen in bijvoorbeeld de landelijke overheid, en evenmin tot meer vertrouwen in de sociale omgeving.’

Vertrouwen geven, vertrouwen krijgen

Dat lijkt een bescheiden resultaat, maar Betkó is er blij mee. ‘Vertrouwen in de overheid, in de politiek, is van belang voor burgerschap, voor het willen bijdragen aan de samenleving. Ik vind het boeiend om te zien dat vertrouwen lokaal, de laag die het dichtst bij de mensen staat, kan toenemen met zo’n experiment. Ons artikel laat zien: een beleid dat is gebaseerd op vertrouwen in plaats van wantrouwen kan helpen om dat vertrouwen bij de burger een boost te geven. En dat lijkt me een boodschap van belang in Nederland, dat traditioneel een high trust land is maar waar de afgelopen jaren het vertrouwen in de overheid flink gedaald is, en waar we nu te maken hebben met een aantal crises tegelijk die dat vertrouwen nog eens extra ondermijnen.’

Interessant is ook, vindt Betkó, dat deelnemers zelfs meer vertrouwen kregen in de lokale politiek als ze lage verwachtingen hadden van het effect van het experiment op hun arbeidsmarktparticipatie. ‘Of ze werk of vrijwilligerswerk aan het experiment over dachten te houden, maakte minder uit dan of ze het gevoel hadden: ik word respectvol behandeld, ik word gehoord.’

Bureaucratische hoepels

Zijn deze uitkomsten voldoende om te kiezen voor een aanpak die minder uitgaat van wantrouwen en boetes en meer van vertrouwen en een beetje manoeuvreerruimte, bijvoorbeeld ook in het kunnen bijverdienen? Betkó: ‘Als je alleen kijkt naar uitstroom naar werk, kun je concluderen: een andere aanpak levert te weinig op, laat maar zitten. Maar je kunt ook zeggen: als dat verschil niet groot is, maar je op een factor als vertrouwen wel effect ziet, dan verdient de nieuwe aanpak misschien wel de voorkeur.’

Daar komt bij dat het huidige, bureaucratische systeem van controleren en beboeten een hoop werk en kosten met zich meebrengt. Als dat minder zou kunnen, valt daar wellicht ook wat voor te zeggen. Betko: ‘Bovendien vind je onder de mensen in de bijstand relatief veel mensen met een slechte gezondheid, mentale problematiek of laaggeletterdheid.  Dit zijn allemaal factoren waardoor zij niet altijd goed kunnen omgaan met de bureaucratische hoepels waar ze doorheen moeten springen. Als daar wat aan te doen is – en de gemeente kan dat niet alleen, want de Participatiewet en hoe die wordt uitgevoerd komt van het Rijk - , moeten we het misschien niet laten.’

Foto: Hannah Busing via Unsplash