Waarom is sport zo belangrijk?

Sport speelt een belangrijke rol voor veel mensen, zowel direct als indirect, lichamelijk en sociaal. Met je profielwerkstuk kun je bijvoorbeeld onderzoeken waarom voetbalfans zo fanatiek zijn of hoe het kan dat sporten als onplezierig wordt ervaren. Bekijk hier mogelijke vragen en bronnen ter inspiratie.

Waarom?

Sport is natuurlijk vooral leuk om te doen, maar het is ook goed voor je gezondheid. Door te sporten verbrand je je eten en verklein je de kans om dik te worden (obesitas). Verder is berekend dat mensen die sporten minder kans hebben op heel veel ziekten, zoals hart- en vaatziekten, of daar sneller van genezen. In beweging blijven helpt bovendien om de doorbloeding van je hersenen op gang te houden, en dat helpt je weer om beter te leren (of minder te vergeten, als je ouder bent).

Met sport loop je natuurlijk ook een kans op blessures. En dan kun je niet naar school of naar het werk, en moet de dokter er naar kijken. Dat kost weer geld. Toch hebben wetenschappers uitgerekend dat het de samenleving 700 miljoen euro per jaar zou besparen als iedereen voldoende zou bewegen (omdat minder mensen ziek worden).

Wie?

Niet iedereen doet evenveel aan sport. In Nederland sporten zo’n 10 miljoen Nederlanders (tweederde) minstens eens per maand. Zo’n 5 miljoen Nederlanders (eenderde) sport minstens eens per week. Gemiddeld besteden Nederlanders 1,7 uur per week aan sport. Eigenlijk is dat helemaal niet veel, want een week heeft 168 uur. Aan stil zitten - televisie kijken, computeren, lezen – besteden we veel meer tijd (ruim 20 uur per week).

Jonge mensen doen meer aan sport dan oudere mensen, maar tegenwoordig doen ook veel ouderen aan sport. Er zijn ongeveer evenveel mannen als vrouwen die aan sport doen, maar mannen doen meer aan wedstrijdjes en kijken vaker naar sport op televisie dan vrouwen. Homoseksuele mannen doen net zo vaak aan sport als mannen die geen homo zijn, maar als ze sporten doen ze minder vaak aan voetbal (of een andere ‘teamsport’). Veel homoseksuele mannen vinden het niet prettig dat daar vaak opmerkingen worden gemaakt over hun ‘geaardheid’ (homo!). Die ‘grapjes’ zijn niet altijd kwaad bedoeld, maar als het over jou gaat komt dat niet leuk over.

Wat?

De sport die door de meeste Nederlanders wordt beoefend is zwemmen. Een op de drie Nederlanders zwemt wel eens, in zee of in het zwembad. Fitness is de sport die het vaakst wordt beoefend. Dat komt omdat er minder mensen zijn die aan fitness doen (20%) dan aan zwemmen (33%), maar de mensen die fitnessen doen dat vaker dan de mensen die zwemmen. Voetbal is de sport met de meeste mensen die daarvoor lid zijn van een sportvereniging. Ruim 1 miljoen Nederlanders, vooral jongens, zijn lid van een voetbalclub (en daarmee van de KNVB, de voetbalbond). 700.000 Nederlanders zijn lid van een tennisvereniging. Een van de snelst groeiende sporten is hockey (250.000 leden). Hockey is populair omdat de sfeer daar beter is dan bij voetbal, vinden veel mensen. Daarnaast vinden veel ouders het goed als hun kinderen deelnemen aan een ‘teamsport’ – daarvan leer je hoe je moet samenwerken en met elkaar omgaat.

Internationaal

In vergelijking met andere Europese landen doet Nederland het erg goed. Er is geen land in Europa waar per inwoner zoveel sportclubs zijn (25.000 in Nederland). Behalve in Denemarken is er ook geen ander land waar er zoveel sportvrijwilligers zijn (1,5 miljoen in Nederland). Verder is er geen ander land waar sportvoorzieningen zo dichtbij zijn als in Nederland. Nederland telt 1.500 zwembaden, 2.000 fitnesscentra en ruim 3.000 voetbalclubs.

Topsport

Bij de Olympische Spelen van Rio de Janeiro in 2016 haalde Nederland 19 medailles waarvan 8 goud. Daarmee eindigde Nederland 11e in het ‘medailleklassement’ na onder andere Amerika (121 medailles) en Groot-Brittannië (67 medailles). De hoogste positie die Nederland ooit haalde in het klassement was de 8e positie (in Sydney, in 2000). Toen wonnen onder andere Pieter van den Hoogenband (zwemmen), Anky van Grunsven (paardrijden) en Leonie van Moorsel (wielrennen) meerdere gouden medailles. In totaal haalde Nederland tussen 1990 en 2012 267 medailles op de Olympische Spelen, waarvan 78 goud. De meeste medailles haalt Nederland met het zwemmen (21%, 56 medailles). Geen wonder. Met de zee dichtbij, veel meren en grote rivieren als de Rijn en de Maas, is Nederland een waterrijk land. Bijna een vijfde van het Nederlandse grondgebied bestaat uit water.

Vragen

  • Hoe belangrijk is sport eigenlijk om te stimuleren dat mensen in beweging blijven? Je kunt toch ook tuinieren, of de trap nemen in plaats van de lift?
  • Wat maakt dat de ene persoon wel aan sport en de andere niet?
  • Waarom is fitness zo populair geworden? Wat bepaalt eigenlijk dat de ene sport populairder is dan de andere?
  • Wordt er bij voetbal vaker ‘homo!’ geroepen dan bij andere sporten? En waarom is dat?
  • Waarom kent Nederland zoveel sportclubs en vrijwilligers?
  • Hoe kan het dat Nederland in verhouding tot echt heel grote landen als de V.S. en China verhoudingsgewijs zoveel medailles haalde op de Olympische Spelen van 2012?
  • Als Nederland zoveel medailles wint met zwemmen, betekent dit dan ook dat de overheid zorgt dat ieder kind leert zwemmen? Hoe is zwemles eigenlijk georganiseerd in Nederland?

Meer weten?

Het Mulier Instituut doet sportonderzoek. Daar vind je de meeste cijfers en rapporten.
Het RIVM maakt mooie kaartjes over sport (www.sportopdekaart.nl). Daar zie je waar (welke stad of provincie) er het meeste wordt gesport. De grootste sportorganisatie is NOC*NSF. Dat is de ‘koepelorganisatie’ van alle 76 sportbonden. Daar lees je ook veel over het sportverleden van Nederland. Alles over de Olympische Spelen vind je op de website het Internationaal Olympisch Comité.

Deze handreiking voor een profielwerkstuk is gemaakt door de Faculteit der Sociale Wetenschappen.