Het rapport laat zien hoe andere landen omgaan met bijvoorbeeld het representativiteitsvraagstuk: is de belangenorganisatie geschikt om op te komen voor de belangen die onderwerp zijn van de procedure en hoe is de relatie van de belangenorganisatie met de achterban waarvoor de organisatie opkomt?
In algemeenbelangacties, zoals de Urgenda-zaak of de zaak over aanhoudende geluidshinder van Schiphol, procederen belangenorganisaties ter bescherming van de rechten en belangen van anderen. Voordat ze dit kunnen doen, beoordeelt een rechter eerst of de belangenorganisatie voldoende representatief is. Naar aanleiding van een motie in de Tweede Kamer zijn in dit onderzoek de in Nederland gestelde eisen vergeleken met die in omringende landen.
Lees het volledige artikel op de website van het WODC.