‘Ruwe’ woorden gaan wereldwijd samen met rollende r, blijkt uit onderzoek

Woorden die gaan over ruwe oppervlakken hebben bijzonder vaak ook een rollende /r/-klank — een associatie die minstens 6000 jaar teruggaat in sommige taalfamilies en te vinden is in honderden gesproken talen wereldwijd. Dat laat nieuw taalkundig onderzoek van de Radboud Universiteit, University of Birmingham en University of British Columbia zien. De resultaten zijn vandaag in Scientific Reports verschenen.

Taalwetenschappers analyseerden woorden voor ‘ruw’ en ‘glad’ in 332 gesproken talen rond de wereld, en vonden daarbij bewijs van een onvermoede associatie tussen spraakklanken en textuur. Vergeleken met woorden voor ‘glad’ is het voor woorden voor ‘ruw’ vier keer zo waarschijnlijk dat ze een rollende /r/ hebben, van zakarra in Baskisch en barzgar in Mongools tot het Hongaarse durva en het Nederlandse ruw.

Vervolgens vonden ze dat dit /r/-voor-ruw patroon ook te vinden is in woorden voor zintuiglijke ervaringen in 38 hedendaagse Indo-Europese talen, en dat het zelfs te traceren is in de gereconstrueerde oervormen van het Proto-Indo-Europese — wat laat zien dat het patroon in deze grote taalfamilie waarschijnlijk al meer dan zes millenia bestaat.

 

‘Ruwe’ woorden gaan wereldwijd samen met rollende r, blijkt uit onderzoek

Kaart: prevalentie van een rollende /r/ in woorden voor ‘ruw’ versus ‘glad’ in 112 talen uit 25 verschillende taalfamilies. Het onderzoek beschrijft 4 studies waarin nog veel meer talen en woorden bekeken worden, waaronder ook talen uit Noord- en Zuid-Amerika waar rollende /r/ meer zeldzaam is en het patroon dus ook niet gevonden wordt.

Voor het Engels en het Hongaars, twee talen die niet aan elkaar verwant zijn, vonden ze dat ongeveer 60% van de woorden voor ruwere texturen, zoals ‘rough’, ‘coarse’, ‘gnarled’ en ‘durva’, ‘érdes’, ‘göcsörtös’ een /r/-klank bevatten — meer dan twee keer zo vaak als woorden voor gladdere texturen zoals ‘smooth’, ‘silky’, ‘oily’ en ‘sima’, ‘selymes’, ‘olajos’.

Patronen en associatie

Co-auteur Mark Dingemanse, taalkundige aan de Radboud Universiteit: “Op zichzelf zou elk van deze patronen al opvallend zijn, maar samen laten ze een diepgewortelde associatie zien tussen de klanken van spraak en ons gevoel voor textuur. Kennelijk is het heel natuurlijk voor ons om de /r/ en het gevoel van ruwheid met elkaar te verbinden, wat ervoor zorgt dat deze associatie boven komt drijven en ook makkelijker blijft hangen zelfs als talen veranderen.’

Eerste auteur Bodo Winter van de Universiteit van Birmingham: “Dit is één van de meest wijdverbreide gevallen in gesproken talen van cross-modale iconiciteit, waarbij ons gevoel voor klank verbonden wordt met onze tastzin. Dat zulke cross-modale assocaties zo breed voorkomen laat zien dat onze woordenschat deels gevormd wordt door de menselijke gave om gelijkenissen te zien tussen vorm en betekenis.”

Ongeveer driekwart van de gesproken talen van de wereld heeft een /r/-klank, en de rollende /r/ (zoals in het Zeeuws, Vlaams, Fries, en veel Hollandse dialecten) komt daarbij het meest voor. Niet alle talen hebben een rollende /r/ en sommige hebben helemaal geen /r/-klanken. Wereldwijd is het patroon het sterkst in talen die specifiek een een rollende /r/ hebben.

Meer weten? Neem contact op met

Contactinformatie

Thema
Taal

Aan deze website wordt nog gewerkt. Meer informatie: 'een nieuwe website'.