Meijeren vindt het enorm interessant waarom er nog zo veel mensen zijn die vrijwilligerswerk willen doen in een tijd van individualisering. Zijn onderzoek richt zich specifiek op vluchtelingenhulp en laat iets opvallends zien: het aantal mensen dat begint of stopt met vrijwilligerswerk voor vluchtelingen is vele malen groter dan de groep die vrijwilliger blijft.
Zorg goed voor onze vrijwilligers; steek ze een hart onder de riem
Er lijkt dus een bindingsprobleem te zijn van humanitaire organisaties aan vrijwilligers, maar is dit erg? ‘Vrijwilligers zijn het eerste gezicht die vluchtelingen zien als ze in een nieuwe samenleving stappen. Dan verwacht je misschien dat humanitaire organisaties hun vrijwilligers goed kennen, juist omdat ze zo belangrijk zijn. Maar dat valt toch tegen’, zegt Meijeren. Daar wil hij verandering in brengen. Vijf jaar lang voerde hij gesprekken met vrijwilligers en nam op grote schaal vragenlijsten af om erachter te komen: ‘waarom doe jij wat je doet?’, maar ook ‘wat zijn redenen om te stoppen met vrijwilligerswerk?’.
Waarom starten mensen met vrijwilligerswerk voor vluchtelingen?
Misschien denk je dat vrijwilligers vluchtelingen willen helpen om zich vooral een goed gevoel over zichzelf te geven. Het onderzoek van Meijeren laat zien dat dit slechts een bijrol speelt. Uit zijn gegevens herkent hij compassie, ervaring opdoen en rechtvaardigheid als drie belangrijke redenen om humanitaire hulp te bieden. Dat geeft Meijeren hoop omdat mensen niet puur vanuit eigenbelang lijken te handelen. ‘Ik kan het niet helemaal één-op-één met elkaar verbinden, maar het lijkt er zelfs op dat er juist veel nieuwe vrijwilligers zijn begonnen als statement tegen Fabers actie’, begint Meijeren. Paginagrote advertenties verschenen in de krant uit solidariteit voor iedereen die humanitaire hulp aan vluchtelingen biedt. De polariserende actie van Faber lijkt daarmee juist verbindend gewerkt te hebben. Wat doen deze vrijwilligers dan waarom ze zo onmisbaar zijn?
Wat doen vrijwilligers voor vluchtelingen?
Meijeren noemt kamp Heumensoord, dat de afgelopen tien jaar twee keer als noodopvang gediend heeft, als concreet voorbeeld. ‘Dat is echt een plek waar ineens acute hulp nodig is’ zegt Meijeren. Mensen delen kleding uit, geven een spoedcursus Nederlands, maar verlenen ook juridische hulp aan vluchtelingen. ‘In dat laatste geval zie je de drijfveer carrière ervaring terug’, zegt Meijeren. Veel rechtenstudenten willen het asielrecht beter leren kennen en zijn ervan overtuigd dat humanitaire hulp een belangrijke schakel is om hun vak beter te begrijpen. “Hoe leer je anders wat rechtvaardigheid écht betekent?”, is de gedachtegang.
Waarom stoppen vrijwilligers?
Noodhulp is per definitie tijdelijk, dus daar zal je altijd ook weer vrijwilligers kwijtraken. ‘Dat is ook normaal: “het leven ging weer verder”, zeggen veel van onze respondenten’, verduidelijkt Meijeren. Aan de andere kant stoppen er vrijwilligers om redenen waar we wél iets aan kunnen doen. Uit het onderzoek bleek dat er vaak meer vrijwilligers worden geworven dan dat er vluchtelingen zijn, waardoor veel vrijwilligers te weinig te doen hebben. Toch is het zonde om deze ‘overbodige’ groep te verliezen. Als er meer geld naar die organisaties zou gaan vanuit de overheid zou je al die mensen bijvoorbeeld wat structurele taken kunnen geven, al is dat nu misschien wishful thinking. Aan de anderen kant worden sommige vrijwilligers juist weer overvraagd.
Juist omdat je vanuit compassie en rechtvaardigheid handelt kun je niet zomaar de knop omzetten als je weer thuis bent
Op het gebied van humanitaire hulp aan vluchtelingen zag Meijeren dat vrijwilligers zelfs een burn-out konden krijgen. Juist omdat je vanuit compassie en rechtvaardigheid handelt kun je niet zomaar de knop omzetten als je weer thuis bent, dat is in je normale baan trouwens al lastig. ‘Je werkt hard aan iemands integratie in de samenleving, wel meer dan vier uur per week. Als die verblijfsvergunning dan toch wordt geweigerd kan dit echt een enorme klap voor je mentale gezondheid zijn’, zegt Meijeren.
Een simpel schouderklopje en een “Je bent goed bezig”, zou al een verschil kunnen maken
Hij zag dan ook dat er in de communicatie nog best wat stappen te maken zijn. Vrijwilligers geven aan bemoedigende woorden en emotionele steun te missen. ‘Een simpel schouderklopje en een “Je bent goed bezig”, zou al een verschil kunnen maken. In die zin zijn de paginagrote steunbetuigingen in de kranten een goede stap, wellicht om de verkeerde reden vanwege Faber haar acties, maar de vrijwilligers krijgen nu wel ruim erkenning’, zegt Meijeren.
Wat kunnen organisaties doen?
Meijeren hoopt dat humanitaire organisaties zijn bevindingen, met name de redenen om te stoppen, mee gaan nemen in het opzetten van nieuwe projecten voor vluchtelingen. ‘De eerste stap is dat de organisaties hun vrijwilligers moeten leren kennen’, beveelt Meijeren aan. Neem bijvoorbeeld het inzicht dat er dus heel veel rechtenstudenten zijn die, vanuit een gevoel van rechtvaardigheid, maar al te graag juridische hulp verlenen aan vluchtelingen. En, tot slot, zorg goed voor onze vrijwilligers; steek ze een hart onder de riem. Want, zo blijkt uit harde cijfers, vrijwilligerswerk voor vluchtelingen draagt bij aan compassie, rechtvaardigheid en levert onschatbare kennis op voor onze samenleving. Daar kan zelfs een ‘lintjesaffaire’ geen verandering in brengen.