Gedragswetenschapper Linda Reus wijdt zich toe aan wat je kunt doen als de ontwikkeling van een kind niet vanzelf gaat. Ze richt zich in het bijzonder op hypotone kinderen. Deze kinderen worden als baby's heel slap geboren, waardoor ze niet goed kunnen bewegen, minder geluid maken, minder expressie in hun gezicht hebben en minder op aanraking reageren. De wetenschap buigt zich met name over de medische oorzaken achter hypotonie. Belangrijk onderzoek, want die oorzaken kunnen behoorlijk uiteenlopen. ‘Er gaat alleen veel minder aandacht naar hoe je alsnog een gelijkwaardige interactie met je kindje op kunt bouwen en hoe je jouw kind beter kunt begrijpen’, begint Reus. En die interactie is cruciaal, omdat hypotone kinderen vaak sociaal-emotionele gedragsproblemen ontwikkelen. Denk dan aan de moeite om vriendschappen op te bouwen en om jezelf te kunnen uiten. Daarom richt Reus haar onderzoek nu op deze kant van het verhaal. Een onderzoek dat volledig gefinancierd is via het Radboud Fonds.
Oorzaken van hypotonie
Problemen in het centrale zenuwstelsel, zoals zuurstofgebrek rond de geboorte, een syndroom of een hersenafwijking, zijn de meest voorkomende oorzaken van hypotonie. Reus’ promotieonderzoek ging over het Prader-Willi-syndroom, kort gezegd een hersenafwijking waarbij kinderen ernstig hypotonisch geboren worden en de spierverslapping lang blijft bestaan. ‘Met kinderfysiotherapie, logopedie en ergotherapie kunnen we die kinderen nu goede begeleiding geven om zich toch zo goed mogelijk lichamelijk te ontwikkelen’, zegt Reus.