MAN-BCU347
Sustainable Intervention Methods
Cursus informatieRooster
CursusMAN-BCU347
Studiepunten (ECTS)6
Categorie-
VoertaalNederlands
Aangeboden doorRadboud Universiteit; Faculteit der Managementwetenschappen; Bachelor Geografie, Planologie en Milieu;
Docenten
VorigeVolgende 3
Coördinator
dr. ir. L. Carton
Overige cursussen docent
Examinator
dr. ir. L. Carton
Overige cursussen docent
Contactpersoon van de cursus
dr. ir. L. Carton
Overige cursussen docent
Docent
dr. ir. L. Carton
Overige cursussen docent
Docent
prof. dr. A. Lagendijk
Overige cursussen docent
Collegejaar2022
Periode
3  (30-01-2023 t/m 09-04-2023)
Aanvangsblok
3
Onderwijsvorm
voltijd
Opmerking-
Inschrijven via OSIRISJa
Inschrijven voor bijvakkersJa
VoorinschrijvingNee
WachtlijstNee
Plaatsingsprocedure-
Cursusdoelen
Aan het einde van de cursus Interventiemethodologie is de student in staat om:
  • De verschillende perspectieven en rollen van de planner bij het analyseren en plannen van ingrepen in de fysieke leefomgeving, en de belangrijkste dilemma’s waar een planner zich voor gesteld ziet bij een potentieel interventievraagstuk te duiden;
  • Kennis over het scala aan planningsmethoden die beschikbaar zijn, gestructureerd naar fase van besluitvorming: (1) probleemformulering, (2) ontwerp van alternatieven, (3) ex-ante impact assessment  en (4) Implementatie en ex-post evaluatie weer te geven en te reproduceren;
  • Verdiepend inzicht te geven in een selectie van de belangrijkste methoden  voor elk van de fasen uit de besluitvormingscyclus: Methode voor probleemformulering: Actor analyse; Methode voor het ontwerp van alternatieven: The Natural Step approach; Methoden voor impact assessment: Kosten-Baten analyse en Multi-Criteria Evaluatie; Methode voor uitvoering: inleiding in Project Management;
  • De meest toegepaste methoden en technieken toe te passen, met de volgende selectie aan methoden: Actor analyse (uitgevoerd in participatieve setting); Kosten-Baten analyse; Multi-Criteria Evaluatie;
  • De bovengenoemde methoden in een doorgaande cyclus van een besluitvormingsproces,  met aanbreng van consistentie tussen de opeenvolgende fasen toe te passen; 
  • Enkele interventie-  en procesfacilitatie technieken in een workshop-setting met stakeholders op een eenvoudige manier toe te passen.
     
Inhoud
In deze cursus leren studenten over verschillende benaderingen t.a.v. het faciliteren van collectieve besluitvorming en voorbereiding van interventies ten aanzien van korte en lange termijn uitdagingen op gebied van duurzaamheid in de ruimtelijke, fysieke en sociale leefomgeving (In het Engels: sustainability challenges). Duurzaamheidsuitdagingen staan centraal in de cursusvoorbeelden en in het interventieproject dat studenten tijdens de cursus oppakken als 'running case'. Daarom heet deze cursus "sustainable intervention methods".

Actief de interventie cyclus doorlopen voor een duurzaamheidsvraagstuk: 
Studenten ontwerpen zelf een aantal alternatieve interventies  voor een specifiek actueel duurzaamheidsvraagstuk in of gerelateerd aan de leefomgeving. Dat kan gaan over knelpunten in complexe systemen qua ecologische en/of economische aspecten en/of sociale aspecten, gekoppeld aan leefomgeving of ruimtelijke dynamiek. De onderwerpen gaan over actuele, urgente vraagstukken waar collectieve visievorming en besluitvorming over nodig is, inzake (des-) investeringen, ombuigingen, interventie, verandering van aansturing of fysieke ingrepen. Domeinen waarop de vraagstukken spelen zijn bijvoorbeeld energie, infrastructuur, en  afval, maar ook bijvoorbeeld de lange wachttijden voor een sociale huurwoning.  Vervolgens maken studenten een afweging tussen de verschillende alternatieve interventies voor hun running cases, na het ex-ante inschatten van effecten van ieder ontworpen alternatief. Het nul-alternatief wordt altijd meegenomen als een mogelijk alternatief. Het gezamenlijk ontwerpen van beleidsalternatieven, in samenwerking met actoren, en een toekomstgerichte inschatting van die alternatieven, zijn onderdelen die in deze cursus veel aandacht krijgen, in vergelijking met andere cursussen van de GPM bachelor opleiding. 

Interventie perspectieven:  

Erkennende dat praktijk complex, onzeker en weerbarstig is, besteden we in deze cursus aandacht aan hoe men een inhoudelijk (Geografisch, Planologisch danwel Milieukundig) ruimtelijk vraagstuk kan structureren en systematisch, oplossingsgericht kan aanpakken in een dynamische, multi-actor en multi-level governance context. 
De verschillende perspectieven op planning en interventie, ieder met een eigen theoretische achtergrond, vormen het kader waarbinnen de uitgangspunten en conceptuele eigenschappen van methoden besproken worden. De rol van de planner of interventie-analyst verschilt per perspectief. Globaal wordt onderscheid gemaakt tussen twee hoofdstromingen; het rationele paradigma (modernistisch perspectief) en het netwerk paradigma (relationele bril, gericht op 'multi-actor' en 'multi-level' relaties tussen actoren, arrangementen en instituties, ofwel postmodernistisch perspectief).  
Als kapstok en rode draad van de cursus wordt de klassieke fase-indeling van een beleids-interventiecyclus aangehouden -volgens het klassieke perspectief op beleidsprocessen volgens Hoogerwerf, Dunn en vele anderen. Na een introductie over de verschillende perspectieven en rollen van de planner of analyst, wordt op een 'hands-on manier' de verschillende fasen doorlopen. Daarbij worden een aantal veelgebruikte methoden en modellen behandeld, qua methodiek (als recept) en qua toepassing d.m.v. praktijkvoorbeelden. 

Kern van de cursus:
De gehele cyclus van besluitvorming over een (eventuele) interventie in de fysieke leefomgeving, ten aanzien van een actueel duurzaamheidsvraagstuk, wordt eenmalig doorlopen gedurende de cursus. Methoden die in de praktijk veelvuldig worden toegepast vooraf aan een interventie, zijn de Actoren analyse, Kosten Baten Analyse en de Multi-Criteria Evaluatie. Deze zullen binnen deze cursus tijdens de colleges besproken worden, en toegepast worden in een eigen projectwerkstuk. Praktijkvoorbeelden en het projectwerk zijn leidend voor een reflectie op het gebruik van de methoden in het proces van planning (besluitvorming en interventie) als antwoord op ruimtelijke vraagstukken. In plaats van een 'externe'  reflectie op een besluitvormingsproces als buitenstaander, beoogt de cursus door het toepassen van methoden een reflexieve handelingswijze aan te moedigen vanuit het perspectief van de ‘insider,’ volgens de theorie van Donald Schön over 'the reflective practitioner: how professionals think in action'.  

Projectwerk:
Om interventies zelf te kunnen ontwerpen en de consequenties van ruimtelijk ingrijpen te kunnen onderzoeken en vergelijken, krijgt de student in deze cursus de opdracht om de gehele cyclus van planvorming, van analyse en ontwerp tot implementatie, te doorlopen. En daarbij verschillende methoden en technieken toe te passen op een ruimtelijk vraagstuk. In hoofdlijnen wordt aandacht besteed aan vier fasen in het planningproces:
1.         probleemformulering en analyse (actoren analyse  en  systeem analyse)
2.         ontwerp  (scenario’s, alternatieven)  
3.         impact assessment (evaluatie van alternatieven) 
4.         implementatie (inleiding projectmanagement)

Werkwijze:  
In de cursus ‘spelen’ studenten in projectgroepen een adviesbureau, dat een actueel praktijkvraagstuk gaat analyseren. Studenten worden geacht een integrale probleemanalyse te kunnen maken op grond van wetenschappelijk geaccepteerde methoden. Coherentie en consistentie tussen de fasen in het planningsproces vormen een centraal onderdeel in de werkstukopdracht. Een actueel ruimtelijk vraagstuk dient daarbij als 'running case' waarbij studenten alle fasen de planningscyclus doorlopen en de colleges direct toepassen op hun eigen casusonderwerp.  
De gehele cyclus van agendavorming tot projectuitvoering wordt doorlopen om te leren hoe men ruimtelijke vraagstukken kan afbakenen/ inkaderen, structureren, en analyseren. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat het ruimtelijk vraagstuk complex en onzeker is, zich in een multi-actor en multi-level omgeving afspeelt, en op verschillende manieren geframed kan worden, afhankelijk van de insteek die men kiest. 

Selectie van methoden in de cursus:
  • In de eerste fase vindt de 'framing' van het vraagstuk plaats. Een Actoren analyse en het bepalen van een afbakening qua schaal en scope maken onderdeel uit van deze probleemformuleringsfase.
  • In de tweede fase wordt aandacht besteed aan omgevingsscenario’s  en het ontwerpen van alternatieven. Hiervoor wordt de Natural Step Approach als belangrijkste methodisch kader gebruikt.
  • Enkele eenvoudige participatieve workshoptechnieken worden aangereikt als hulpmiddel bij het uitvoeren van de eerste twee fasen in het projectwerk (brainstorming, ranking).
  • In de derde fase komt het inschatten van effecten aan bod. De twee meest algemeen gebruikte evaluatiemethoden worden toegepast: de Kosten Baten Analyse (KBA) en de Multi-Criteria Evaluatie (MCE).  
  • In de vierde fase komt een inleiding in projectmanagement aan bod.
 Afbakening, keuze van elementen in de cursus:
  • We richten ons in de cursus op bestaande methoden, modellen en technieken die veel gebruikt worden  in de beleidsvorming en de praktijk van ruimtelijke planning. Het theoretisch fundament waarop deze methoden, modellen en technieken berusten - de epistemologie - is afkomstig uit wetenschappelijke stromingen zoals de beleidsanalyse, complex-adaptieve systemen en transitie theorie, STSS  (philosophy of science technology and society studies).  In de cursus zoeken wij naar een balans tussen klassieke en actuele methoden en aanpakken. 
  • Enkele elementen die opgenomen zijn in de cursus: 
  • Een klein modelleerpracticum met behulp van System Dynamics modelling maakt onderdeel uit van de cursus. Deze introductie dient om een eerste indruk te krijgen van het uitvoeren van probleemanalyse met behulp van (systeem-) modellen, om modelgebruikers en hun rol in besluitvormingsprocessen te begrijpen;
  • Een college over de ethische afwegingen en dilemma's waar een planner zich voor gesteld ziet,  en een reflexief college over het karakter van publieke en 'commons' goederen en diensten in het fysieke domein, en manieren waarop overheden deze collectieve goederen en diensten probeert te beheren en poogt te behoeden voor een zogenoemde 'Tragedie van de gemeenschapsgoederen';
  • In de cursus is een zekere spanning tussen moderne en postmoderne  opvattingen over beleidsveranderingen en transities ingebouwd. Een kritische houding t.o.v. methoden zoals KBA en MCE  wordt tijdens het college besproken, terwijl deze methoden in het projectwerk door de studenten 'hands-on' worden toegepast.  De gedachte is dat de studenten door het zelf toepassen van deze methoden op een eigen projectonderwerp, oog krijgen voor de sterktes en zwaktes van deze methoden, alsmede inzicht in hoe ze werken.
Extra:
Deze cursus is onderdeel van de interdisciplinaire minor Sustainability Challenges.

Gemotiveerde studenten van andere studierichtingen dan Geografie, Planologie en Milieu, kunnen deze cursus volgen als keuzevak, als onderdeel van een keuzevakkenpakket van de interdisciplinaire minor Sustainability Challenges. Voorkennis is dan niet vereist. Voor studenten van buiten de faculteit der Management is mogelijk enige bereidheid nodig om enkele onderdelen qua voorkennis bij te werken, door een extra achtergrond artikel te lezen. Bijvoorbeeld t.a.v. bijvoorbeeld systeemanalyse of interventie-onderzoek.   
 
 
Niveau

Voorkennis
  • wenselijk, niet noodzakelijk: voorkennis uit algemene traject eerste jaars Bachelor (algemene academische onderzoeksvaardigheden) zoals gedoceerd in meerdere Bachelor programma's
  • wenselijk, niet noodzakelijk: voorkennis cursus Onderzoeks en Interventie Methodologie A (OIM-A)
  • Toetsinformatie
    Schriftelijk tentamen en werkstuk. Aanwezigheid bij de werkcolleges is verplicht, en een formele ingangseis voor het tentamen. Voor studenten die het vak niet binnen een jaar afronden, blijven de deelcijfers geldig voor andere jaren (max 3 jaar). Het schriftelijk tentamen wordt waarschijnlijk digitaal afgenomen, on campus. 
    Bijzonderheden
    Deze cursus is tevens te volgen als kernvak in de interdisciplinaire minor Sustainability Challenges.
    Niveau
    Ba 2 PM

    Verplicht materiaal
    Artikelen
    Een set met wetenschappelijke artikelen, boekhoofdstukken en handreikingen vormen het leermateriaal in de cursus.

    Aanbevolen materiaal
    Literatuur
    Een leeslijst met te lezen artikelen en hoofdstukken per college, en een set met artikelen wordt beschikbaar gesteld.

    Werkvormen
    Hoorcollege
    AanwezigheidsplichtJa

    Sustainability certificate

    Werkgroep
    AanwezigheidsplichtJa

    Algemeen
    Colleges, werkcollege met ‘running casus’

    Toetsen
    Eindcijfer
    Weging1
    ToetsvormDigitale toets met CIRRUS
    GelegenhedenBlok 3, Blok 4

    Beoordeling
    De toets bestaat uit een deelresultaat van het groepsproject (werkstukcijfer) en een individueel deelresultaat van een tentamen (tentamencijfer).

    Opmerking
    Studenten kunnen aanvragen om een oud deelcijfer ‘op te halen uit het archief’ tot drie jaar terug. (zie cursusmanual.)