Centraal in de collatio stond Dempfs kritische pamflet ‘Die Glaubensnot der deutschen Katholiken’ (1934), dat hij onder een pseudoniem publiceerde uit protest tegen het concordaat tussen het Vaticaan en Hitler-Duitsland. Daarin waarschuwde hij voor een ‘spiritualiteit zonder kerk’: een religieus gevoel dat losraakt van gemeenschap, en daardoor gemakkelijk misbruikt kan worden voor politieke doeleinden. Dempf waarschuwde voor een valse vorm van spiritualiteit, die geloofstaal gebruikte om nationalistische ideeën te rechtvaardigen.
Inigo liet zien hoe Dempf in gesprek ging met tijdgenoten als Karl Barth en Carl Schmitt, en hoe hij politieke theologie (het vermengen van geloof en macht) bekritiseerde. Voor Dempf was mystiek juist de plek waar het goddelijke en het menselijke elkaar kunnen bevragen en zuiveren. Tegelijk bleef hij zoeken naar een samenleving waarin geloof, cultuur en filosofie met elkaar in evenwicht zijn.
De collatio liet zien hoe Dempfs werk, geschreven onder druk van censuur en wat uiteindelijk zorgde voor een lesverbod voor Dempf in 1938, nog steeds verrassend actueel is. Zijn denken roept vragen op over de rol van spiritualiteit in een geseculariseerde wereld: kan er vrijheid bestaan zonder gemeenschap, of verliest spiritualiteit dan haar fundament?