Bert Jansen (docent Burgerlijk recht) komt in De Stentor in actie tegen het faillissement van Disbergen Hydraulic Hybrid (DHH), waarbij hij als curator is aangesteld. Volgens Jansen is het faillissement uitgesproken op basis van een vordering van een pensioenfonds die niet had mogen worden ingediend. De betreffende vordering, die betrekking had op een voormalige medewerker, is inmiddels teruggedraaid. Jansen heeft daarom een verzetschrift ingediend om het faillissement ongedaan te maken. Hij benadrukt dat dit ongebruikelijk is, maar niet uniek. Volgens hem had het pensioenfonds niet-ontvankelijk moeten worden verklaard, omdat het geen vordering meer op het bedrijf had.
Paul Bovend'Eert (emeritus hoogleraar Staatsrecht) stelt in NRC dat niet de politie en het Openbaar Ministerie, maar het kabinet primair verantwoordelijk is voor de veiligheid rond boerenprotesten op snelwegen. Aanleiding is het dodelijke ongeval op de A59 bij Oss. Volgens Bovend'Eert schuiven premier Jetten en minister van Binnenlandse Zaken Heerma de verantwoordelijkheid ten onrechte af op het OM en lokale autoriteiten. Hij benadrukt dat het OM onder ministrieel gezag valt en dat de minister van Justitie en Veiligheid daarom politieke verantwoordelijkheid draagt voor het opsporings- en vervolgingsbeleid. Bovend'Eert vindt dat het kabinet het voortouw moet nemen om gevaarlijke demonstraties op snelwegen tegen te gaan.
Michiel Tjepkema (hoogleraar Bestuursrecht) legt in De Stentor uit hoe nadeelcompensatie werkt voor ondernemers en burgers die schade ondervinden van wegwerkzaamheden. Volgens Tjepkema kunnen overheden schade beperken door maatregelen te nemen, zoals het aanleggen van omrijroutes of het waarborgen van de bereikbaarheid van bedrijven. Hij wijst erop dat er geen landelijk beleid voor nadeelcompensatie bestaat, waardoor bestuursorganen verschillende regels hanteren. Tjepkema pleit voor meer rechtsgelijkheid. Volgens hem leiden de huidige verschillen tot onzekerheid en wordt de uitkomst van schadeverzoeken te afhankelijk van deskundigen.
Lize Glas (universitair hoofddocent Internationaal en Europees recht) duidt in Trouw de juridische discussie over boeren die met trekkers snelwegen blokkeren tijdens protestacties. Aanleiding is het besluit van burgemeesters, het Openbaar Ministerie, de politie en het kabinet dergelijke blokkades in de regel strafrechtelijk te vervolgen. Volgens Glas is het juridisch niet vanzelfsprekend dat een trekkerblokkade buiten het demonstratierecht valt. Glas benadrukt dat het uiteindelijk aan de rechter is om te beoordelen of de actie onder het demonstratierecht valt. Ook wijst Glas erop dat de nieuwe landelijke lijnruimte laat voor uitzonderingen door het lokale gezag.