‘Er is bijna geen periode geweest waarin er geen hijskraan op de campus stond’, vertelt conservator Academisch Erfgoed Chris Dols. ‘En om al die gebouwen aan te kleden kocht de universiteit decennialang zeefdrukken, litho’s en andere soorten kunst aan.’ Naast deze aankopen verwierf de universiteit werken via de BKR-regeling, een regeling uit de vorige eeuw (1949-1987) voor kunstenaars die van hun werk moeilijk rond konden komen.
Inmiddels ligt het grootste deel van die kunstcollectie, circa 1500 werken, opgeslagen in een depot op de campus. ‘En dat is zonde’, stelt Willy Piron, hoofd van het Centrum voor Kunsthistorische Documentatie. ‘Die werken horen ergens aan de muur te hangen in plaats van stof te vangen.’ Bovendien geldt: hoe groter de collectie, hoe moeilijker het beheer. Vandaar dat de Radboud Universiteit dit najaar een groot deel van de collectie, ruim 1000 werken, aanbiedt via een veiling. ‘Om onze collectie optimaal te beheren én te gebruiken voor onderwijs, onderzoek en tentoonstellingen, moeten we kiezen welke werken we behouden en welke niet meer passen bij de universiteit’, legt Piron uit.