Erik van der Heijden, hoogleraar Interventie Longziekten

Erik van der Heijden benoemd tot hoogleraar Interventie Longziekten

Erik van der Heijden is benoemd tot hoogleraar Interventie Longziekten aan het Radboudumc / de Radboud Universiteit. Hij ontwikkelt technologische innovaties voor de verbetering van vroege diagnostiek en behandeling van patiënten met longkanker. Ook zet hij zich in voor toepassing van deze nieuwe technologie in de dagelijkse praktijk.

Opsporing van vroege longkanker is meestal een toevalsbevinding. ‘Iemand komt bijvoorbeeld op de Eerste Hulp vanwege een ongeluk en krijgt een CT-scan. Daarop ziet een arts toevallig een verdachte plek in de longen’, vertelt longarts Erik van der Heijden. ‘We kunnen dan vroeg therapie starten, met een grote kans op genezing. Ik werk met mijn team aan de ontwikkeling van technologie waarmee we tumoren heel vroeg in kaart brengen en lokaal in de long behandelen.’

Broodkruimels

Toch is het lastig aantonen of een verdachte plek daadwerkelijk longkanker is. ‘Van alle mensen die bestraling krijgen voor een vroeg stadium van longkanker, heeft 65% geen bewijs dat het longkanker is’, zegt Van der Heijden. De standaard diagnose is nu een biopt van de verdachte plek door de borstkas, maar dat is bij dieper gelegen plekken niet altijd mogelijk. Daarnaast leidt zo’n biopt in twintig procent van de gevallen tot een klaplong. ‘Dus we hebben betere en minder invasieve diagnostiek nodig.’

Van der Heijden ontwikkelde daarom een nieuwe techniek: cone beam CT navigatie bronchoscopie. Daarbij ligt de patiënt op een hybride operatiekamer met een CT-scanner. Artsen gaan met een bronchoscoop, een flexibele katheter, met onder meer een camera en een lampje eraan, via de mond de longen in naar steeds kleinere vertakkingen van de luchtpijp. Daarbij bepalen ze de route naar de tumor op basis van CT-beelden. ‘Alsof je binnenin een boom naar het kleinste twijgje gaat. We zetten bij iedere splitsing een puntje op de computerbeelden, dat de juiste afslag aangeeft. Die puntjes wijzen als een soort broodkruimels de weg.’ Eenmaal bij de tumor neemt de arts biopten voor een precieze diagnose.

Robot

Deze techniek moet breed beschikbaar komen, vindt Van der Heijden: ‘We hebben de kosteneffectiviteit aangetoond en per 1 januari 2024 vergoeden zorgverzekeraars dit. Wij leiden andere centra op en werken intussen aan verbetering van de technologie.’ Dat gebeurt bijvoorbeeld met slimme software die de arts als een soort tomtom naar de tumor leidt. Verder kunnen de instrumenten beter. ‘We gebruiken een katheter met een kromme tip, die lastige bochten moeilijk neemt. We bereiden nu testen voor met een beter stuurbare katheter. Ook zouden we die met een robot kunnen gaan sturen.’

Artsen gebruiken de CT-gestuurde bronchoscopie momenteel voor diagnostiek. ‘Maar als we toch met onze instrumenten in die long zitten, kunnen we daar ook direct behandelen’, vertelt Van der Heijden. ‘Bijvoorbeeld immunotherapie direct in een tumor injecteren, of een tumor lokaal verhitten met magnetronstralen. Met zulke technieken in een vroeg stadium van ziekte, kun je meer invasieve en belastende behandelingen in een later stadium van ziekte voorkomen en de uitkomsten bij longkanker verbeteren.’

Loopbaan

Erik van der Heijden (Eindhoven, 1965) studeerde geneeskunde aan de Radboud Universiteit. Hij promoveerde op zijn proefschrift, getiteld ‘Effects of β2-adrenoceptor agonists on the diaphragm; functional and morphological studies in animal models’. Een deel van het onderzoek vond plaats in de Mayo Clinic, USA. Van der Heijden volgde de opleiding tot longarts in het Radboudumc en werd daar in 2002 medisch specialist. Hij ontving recent twee grote subsidies: van IHI-EU en van KWF. De benoeming geldt per 1 december 2022 voor een periode van vijf jaar.