Wim T. Schippers
Wim T. Schippers

Naar aanleiding van het overlijden van Wim T. Schippers (1 juli 1942 - 10 juni 2026)

De makers van de Barend Servet Show op de omslag van hp, (v.l.n.r.) Ruud van Hemert, Ellen Jens, IJf Blokker, Wim van der Linden, Gied Jaspars en Wim T. Schippers, 20 januari 1973

Onlangs overleed presentator, acteur en kunstenaar Wim T. Schippers. Schippers werkte in de jaren zeventig mee aan de voor die tijd provocerende Barend Servet Show. Het VPRO-programma was een doorn in het oog van alle 'fatsoenlijke' Nederlanders, met name oudere kijkers, De Telegraaf en confessionele partijen als CHU en KVP. CPG-onderzoeker Johan van Merriënboer schreef in ‘Grote idealen, smalle marges’ (deel 10 in de serie Parlementaire Geschiedenis van Nederland) een vignet over de parlementaire ophef over de Barend Servet Show (zie hieronder).

De Barend Servet Show: onzedig en cult  

‘Een klassieker uit de televisiegeschiedenis. (…) Een van de meest ontregelende humoristische programma’s ooit. Vijf miljoen televisiekijkers (…) en meteen een paar miljoen daarvan woedend’, aldus luidde de ronkende introductie van een aflevering van Andere Tijden uit 2019 over de Barend Servet Show.i In totaal ging het om vijf shows, uitgezonden door de VPRO tussen 23 november 1972 en 27 december 1973. De laatste uitzending was een Kerstspecial.ii 

De Barend Servet Show was provocerend en vervreemdend; een schijnbaar amateuristische anti-show gevuld met onsamenhangende sketches en liedjes, vloeken, toiletscenes en veel bloot. Het programma was opgebouwd rond slapstick- en stripachtige personages met een heel eigen taal: Fred Haché, Sjef van Oekel en de derderangs journalist Barend Servet gespeeld door IJf Blokker.iii Oudere kijkers waren geschokt over al die ‘vunzigheid’, maar onder de jeugd kreeg de show snel een cultstatus. Stopwoorden van de hoofdrolspelers – ‘ik word niet goed, reeds’, ‘prima de luxe’, ‘pollens’ – doken meteen op in het spraakgebruik, de laatste twee staan nog altijd in Van Dale. 800.000 ouderen waardeerden de eerste aflevering met een 3 of lager, 840.000 jongeren met een 8 of hoger.iv 

De tweede show – die 4,8 miljoen kijkers trok – veroorzaakte groot tumult vanwege het doorbreken van het ‘taboe inzake Soestdijk’.v Een volkse dubbelganger van koningin Juliana trad op te midden van halfnaakte danseressen, een striptease-act en een ‘buurman’ met ontbloot onderlijf.vi De Telegraaf stelde de volgende dag in een commentaar op de voorpagina: ‘Het is niet duidelijk wat de VPRO met zijn Barend Servet Show bezielt. Domheid, platvloersheid of doelbewuste ondermijning van alle normen, die, hoe deze ook aan verandering onderhevig mogen zijn, in een beschaafd land gelden.’vii In de ministerraad klaagde Udink (CHU) over majesteitsschennis. ARP-Kamerlid Vermaat vroeg het kabinet stappen te ondernemen ‘ten einde de continuering van een dergelijke onfrisse, onfatsoenlijke uitzending te voorkomen’. Op 4 januari 1973 kreeg de VPRO een officiële berisping. De inhoud van de show leverde volgens minister Engels (KVP) van CRM een gevaar op voor de openbare orde en de goede zeden. Veel kijkers hadden de gewraakte scenes ervaren als ‘een onwaardige ridiculisering’ van het staatshoofd.viii 

De Kerstspecial joeg opnieuw velen in de gordijnen. Naast een flinke hoeveelheid bloot bevatte deze uitzending een persiflage op de kersttoespraak van de koningin. De show trok 4,6 miljoen kijkers en kreeg het laagste waarderingscijfer ooit: een 4,3.ix Drie KVP-woordvoerders eisten dat de VPRO voor een bepaalde termijn zou worden uitgesloten van uitzendingen, maar de wind was gedraaid: er zat intussen een ‘progressief’ kabinet met een andere minister van CRM, Van Doorn (PPR). Servets Kerstshow bevatte volgens hem niets dat gevaar opleverde voor de openbare orde of goede zeden. Daarbij kon hij zich mede beroepen op het besluit van de Raad van State om de berisping voor de tweede show te vernietigen: die was onvoldoende gemotiveerd.x (JvM) 

Literatuurverwijzing

i www.anderetijden.nl/aflevering/794/Waar-heb-dat-nou-voor-nodig, uitgezonden op NPO 2 op 1 mei 2019.

ii Wim. T. Schippers, Gied Jaspars, Ruud van Hemert en Wim van der Linden, Het Barend Servet Effect. Teksten en reflecties op vijf shows van de VPRO (Amsterdam 1974) p. 6. 

iii Frans Haks, ‘Over Fluxus en Wim T. Schippers’ in: Schippers e.a., Het Barend Servet Effect, p. 190-191. 

iv Jan Bank, ‘Systeem Servet-show leidt tot verveling’, de Volkskrant, 15 dec. 1972. 

v Gerard van den Boomen aangehaald in: J.H.J. van den Heuvel, ‘Gij zult geen aanstoot geven. Overheidsingrijpen in programma's van radio en televisie na de Tweede Wereldoorlog’ in: J.H.J. van den Heuvel e.a., Een vrij zinnige verhouding. De VPRO en Nederland 1926-1986 (Baarn 1986) p. 267; Jan Bank, ‘VPRO gaat door met Barend Servet’, de Volkskrant, 4 jan. 1973.

vi https://wiki.beeldengeluid.nl/index.php/Barend_is_weer_bezig; de uitzending Barend is weer bezig van 14 dec. 1972, www.youtube.com/watch?v=2SRonh0t3TQ geraadpleegd op 10 febr. 2022; Wim Hazeu, Wat niet mocht… een overzicht van censuur, ernstige en minder ernstige gevallen van vrijheidsbeknotting in Nederland (1962-1981) (z. pl. 1982) p. 128-130. 

vii ‘Het misbruik van de VPRO’, De Telegraaf, 15 dec. 1972.

viii Handelingen II 1972/73, Aanhangsel, p. 353, vraag Vermaat, 15 dec. 1972. Het antwoord van 8 jan. 1973 bevat een afschrift van de officiële berisping van 4 jan.; Notulen MR, 15 dec. 1972; op grond van de toen geldende Omroepwet kon de minister repressief optreden tegen radio- en televisie-uitzendingen; Johan van Merriënboer, ‘Barend Servet en de Omroepwet’, www.ru.nl/cpg/onderzoek/lopend-onderzoek/columns/barend-servet-omroepwet/ geraadpleegd op 10 febr. 2022.

ix Kerstshow uit 1973 van Wim T. Schippers, www.vpro.nl/speel~WO_VPRO_041859~vpro-wim-t-schippers-1973-waar-heb-dat-nou-voor-nodig~.html, geraadpleegd op 10 febr. 2022; Handelingen II 1973/74, Aanhangsel, p. 1595, antwoord minister Van Doorn, 29 jan. 1974.

x Kerstshow uit 1973 van Wim T. Schippers, www.vpro.nl/speel~WO_VPRO_041859~vpro-wim-t-schippers-1973-waar-heb-dat-nou-voor-nodig~.html, geraadpleegd op 10 febr. 2022; Handelingen II 1973/74, Aanhangsel, p. 1595, antwoord minister Van Doorn, 29 jan. 1974.

Contactinformatie