De Instellingstoets Kwaliteitszorg (ITK) vindt iedere zes jaar plaats om te beoordelen hoe de Radboud Universiteit de kwaliteit van het onderwijs bewaakt en verbetert. Het behalen van de ITK zorgt ervoor dat individuele opleidingen de komende zes jaar minder uitgebreid hoeven te worden beoordeeld, omdat voor bepaalde onderdelen de kwaliteitszorg van het onderwijs van de instelling als geheel als voldoende is beoordeeld.
Sterke punten en aanbevelingen
Sterke punten
Het panel constateert de onderstaande sterke punten:
- Onderwijsvisie – De onderwijsvisie sluit goed aan bij de identiteit van de universiteit en berust op drie heldere pijlers – academisch, persoonlijk en duurzaam – die studenten en docenten universiteitsbreed herkennen en waarderen als kernwaarden.
- Horizontale samenwerking – De universiteit werkt actief aan het verbeteren van horizontale samenwerking tussen faculteiten, onder meer via nieuwe overlegstructuren zoals van de vice-decanen. Dit draagt bij aan een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de doorvertaling van de onderwijsvisie naar beleid en praktijk.
- Betrokken medezeggenschap – Studenten en medewerkers in de medezeggenschapsorganen denken constructief mee en dragen bij aan breed gedragen keuzes.
- Concreet beleid – Voor vrijwel alle aspecten van onderwijskwaliteit is er een duidelijk en actueel beleid, vastgelegd in onder andere het Handboek Kwaliteit Onderwijs. Dit biedt opleidingen en faculteiten in toenemende mate houvast en richting bij het waarborgen van onderwijskwaliteit.
- Duurzaamheid – Duurzaamheid is systematisch geïntegreerd in onderwijs, bedrijfsvoering en campuscultuur via het centrale programma Radboud Duurzaam. Dit zorgt voor een vliegwieleffect op het gebied van duurzaamheid.
Aanbevelingen
Met het oog op de verdere ontwikkeling van de instelling doet het panel een aantal aanbevelingen. Deze aanbevelingen doen geen afbreuk aan het positieve oordeel over de instelling als geheel.
- Balans centraal-decentraal – Optimaliseer de balans tussen decentrale vrijheid en centrale regie door duidelijk te expliciteren op welke terreinen (zoals toetsing, voorzieningen en kwaliteitszorg) uniformiteit en centrale kaderstelling noodzakelijk zijn voor de effectieve realisatie van de onderwijsvisie, en waar ruimte blijft voor facultaire en opleidingsspecifieke invulling. Neem centraal regie om samenwerken, uitwisseling van ervaringen en harmonisatie te realiseren waar dit de kwaliteitszorg verbetert.
- Kwaliteitszorg – Zorg voor beter zicht en effectievere sturing op het opvolgen van verbeteracties door meer harmonisering van kwaliteitszorginstrumenten en het verstevigen van mandaten.
- Maatschappelijke oriëntatie – Formuleer een heldere visie op de samenwerking met maatschappelijke partners en het werkveld, in de regio maar nadrukkelijk ook daarbuiten, in Europees en mondiaal perspectief. Het doel daarvan is zowel langere termijn doorontwikkeling als externe validering van het onderwijs. Deel goede voorbeelden binnen de universiteit.
- Centrale kaders voor toetsing en AI – Ontwikkel centrale kaders voor toetsbeleid en het gebruik van generatieve AI in onderwijs en toetsing.
- Versterking PDCA-cyclus – Zorg voor het systematisch sluiten van de Plan Do Check Act-cyclus (planning, uitvoering, monitoring en bijstelling) door op alle niveaus duidelijke afspraken te maken over de opvolging van verbeteracties, vaste evaluatiemomenten in te bouwen en succesvolle initiatieven structureel te verankeren in beleid. Dit vergt zowel centrale regie op de implementatie als goede monitoring en opvolging van de uitkomsten.
Rector magnificus José Sanders is content met het positieve oordeel van het NVAO. ‘Dit is een mooie bevestiging van het harde werk van alle medewerkers en studenten die bijdragen aan de kwaliteit van ons onderwijs. De aanbevelingen helpen ons bovendien om onze onderwijskwaliteit nog verder te verbeteren.’
De aanbevelingen worden, samen met de vicedecanen onderwijs, vertaald naar een plan van aanpak dat zoveel mogelijk aansluit bij de nieuwe universiteitsstrategie.