Alexandra van Huffelen

Stad en universiteit helpen elkaar vooruit – column Alexandra van Huffelen

Op 18 maart vonden de gemeenteraadsverkiezingen plaats en onder de kandidaat-raadsleden voor de gemeente Nijmegen zaten opvallend veel mensen met een Radboud-achtergrond. Wat zegt dat over de connectie tussen Nijmegen en de Radboud Universiteit? En hoe kunnen we elkaar vooruithelpen?

Laat ik deze column beginnen met een felicitatie aan alle Nijmegenaren die zijn verkozen voor de Nijmeegse gemeenteraad. Voor een deel van deze kersverse raadsleden is de Radboudcampus bekend terrein. Zo bleek uit onderzoek van Vox dat bijna de helft van de kandidaat-raadsleden een link met de Radboud Universiteit heeft. Het onderstreept hoe nauw stad en universiteit in ruim honderd jaar Radboud met elkaar verweven zijn geraakt.

Het feit dat zoveel mensen naar Nijmegen komen om te studeren, er na hun studie blijven hangen én zich zo thuis voelen dat ze zich via de lokale politiek voor de stad willen inzetten, komt in eerste plaats doordat Nijmegen gewoon een heel fijne stad is. Daarbij weet Nijmegen haar positieve imago goed naar buiten te brengen, bijvoorbeeld via de slogan Old City, Young Vibe. Daar profiteren wij als universiteit ook weer van. Studenten kiezen niet alleen voor een bepaalde opleiding of een bepaalde universiteit, maar net zo goed voor een stad waar ze zich op hun plek kunnen voelen.

Om te zorgen dat al die studenten daadwerkelijk een woonruimte krijgen waar ze zich op hun plek kunnen gaan voelen, heeft de Radboud Universiteit de gemeente nodig. Studentenhuisvesting blijft een grote uitdaging. Een uitdaging die zonder hulp van onder meer de gemeente Nijmegen en studentenhuisvester SSH& nog vele malen groter zou zijn. Dat de gemeente het belang van studentenhuisvesting ook inziet, bleek twee weken geleden maar weer. Toen overhandigde wethouder Noël Vergunst een symbolische oranje sleutel aan SSH&-directeur Kees Stunnenberg als aftrap van de bouw van 192 nieuwe studentenwoningen aan de Groenewoudseweg.  

We zijn niet alleen afhankelijk van Nijmegen, maar we hebben de stad én de regio ook van alles te bieden. Dit bleek andermaal in de weken rondom de gemeenteraadsverkiezingen. Op 11 maart opende de Radboud Universiteit tijdens Future Forward de deuren voor professionals uit de wijde omgeving om alles te leren over toekomstbestendige organisaties. En op 24 en 25 maart deden onderwijsprofessionals kennis en inzichten op over onderwijsinnovatie. 

Stad en universiteit helpen elkaar vooruit. Ook met projecten waarin we samen optrekken. Denk bijvoorbeeld aan de recente excuses die burgemeester Hubert Bruls recent namens het stadsbestuur aanbood voor de rol van Nijmegen in het slavernijverleden. Dit deed hij nadat historici van de Radboud Universiteit vorig jaar publiceerden over het slavernijverleden van de stad. Die historische kennis én de excuses namens de stad zijn belangrijke stappen om discriminatie en ongelijkheid in het heden tegen te gaan.

Een ander voorbeeld is het net afgeronde Living Labs-project, waar onderzoekers van de Radboud Universiteit, samen met de gemeente Nijmegen en nog veel meer samenwerkingspartners optrokken om na te gaan hoe je landbouw en natuurherstel kan combineren. Wie leest over verdroging, ruimtegebrek en stikstofproblematiek, zou denken dat natuurherstel en landbouw op gespannen voet staan. Maar als vijf jaar onderzoek, onder meer in de Ooijpolder-Groesbeek, iéts duidelijk maakte, is het dat zowel natuur als landbouw kunnen floreren wanneer onderzoekers, boeren, gemeentes en natuurinstanties het gesprek aangaan.

De komende jaren liggen er nog veel meer geweldige kansen voor stad en universiteit om gezamenlijk nog meer te bereiken. Denk aan extra onderzoek naar maatschappelijke vraagstukken die spelen in Nijmegen. En aan het voeren van slimme communicatiecampagnes waarmee we (internationaal) talent naar Nijmegen blijven trekken. En last but not least ook aan 3.500 extra, hoognodige studentenwoningen. De Radboud Universiteit kan niet zonder Nijmegen en Nijmegen kan niet zonder Radboud Universiteit. We helpen elkaar verder vooruit.