Radboud Universiteit
Zoek in de site...

Margot van Mulken kiest: Liber precum

Datum bericht: 21 januari 2020

De decaan van de letterenfaculteit en hoogleraar Internationale bedrijfscommunicatie blijkt een onvermoede voorliefde te hebben voor middeleeuwse handschriften. 'En dan het origineel, geen digitale versies', zegt Margot van Mulken. Alleen dan zie je de wordingsgeschiedenis van het manuscript.

Tekst: Bea Ros

Het boekje meet krap dertien bij acht centimeter. Beetje gewoontjes zelfs, zonder de kleurenrijkdom van miniaturen die menig ander middeleeuws manuscript sieren. Maar Margot van Mulken is helemaal niet in plaatjes geïnteresseerd. Ze kijkt naar de letters en de toets van de kopiist. Met haar neus in het perkament: 'Ik denk dat hier wel vier of vijf verschillende handen aan gewerkt hebben. Kijk nou toch hier, het lijkt wel een drukletter, zo keurig en regelmatig! En toch is het met de hand geschreven.'
In de geklimatiseerde kluis met bijzondere handschriften koos ze het Liber precum, een vijftiende-eeuws gebedenboek. Waarom nou net dit? 'Omdat het een samengesteld handschrift is.'

Margot van Mulken-Dick van Aalst-156358Margot van Mulken met het Liber precum. Foto: Dick van Aalst

Amour

Het boekje telt gebeden in het Latijn, maar ook in het Middelengels. Van dat laatste begint  Van Mulken te stralen. 'Gaaf, gaaf, gaaf!' Middelengels is namelijk verwant aan het oud-Frans (denk 1066, Willem de Veroveraar) en in die taal heeft de letterendecaan en hoogleraar Internationale bedrijfscommunicatie zich in een vorig leven grondig verdiept. Ze deed toen promotieonderzoek naar de Perceval van Chretien de Troyes, godfather van de ridderromans. Het is in het oud-Frans geschreven en destijds was het een ware bestseller. Er zijn vijftien handschriften bewaard gebleven die allemaal van elkaar verschillen, mede door de diverse dialecten van het oud-Frans.
Van Mulken had de schone taak die vijftien versies versregel voor versregel, negenduizend stuks, te vergelijken. 'Ik had tien enorme klappers met alle transcripties.' Ze vergeleek de spelling van rijmwoorden, waarbij flour’ (bloem) in het ene dialect wel op ‘amour’ rijmt, maar in dialecten waar ‘fleur’ gezegd werd, niet en dan moest het rijm worden aangepast. Ze kwam tot de conclusie dat er iets niet klopte: 'Eerst leken twee versies bijvoorbeeld heel erg op elkaar, maar driehonderd verzen verder begonnen ze uit elkaar te lopen, alsof het een heel ander handschrift was. Ik wist bijna zeker dat die handschriften ooit uit elkaar waren gehaald en in andere samenstelling weer samengenaaid waren. Dat kon ik met transcripties niet bewijzen, ik móest de originelen zien.'

Kimmetje

Keihard bewijzen kon ze het niet – 'ik denk nog steeds dat ik gelijk had' - maar ze hield er wel de liefde voor de materiële kant van middeleeuwse manuscripten aan over. “Perkament, dat is van een kwaliteit, echt niet te geloven! Op zo’n vel trokken kopiisten vierkanten waarbinnen ze moesten schrijven. Soms gaat het over de lijntjes, omdat ze net niet uit komen. Dat zie je in dit handschrift ook. Kijk maar naar dit ‘which’, het origineel had waarschijnlijk ‘wh’ als afkorting, maar deze kopiist wilde het voluit schrijven. In die tijd was er niet zoveel respect voor wat de oorspronkelijke auteur bedoeld had, alles was van iedereen. De wiki-manier, maar dan anders.'
Ze bestudeert het Liber precum nog eens wat beter. En ontwaart een kimmetje, een strook perkament die overblijft nadat er iets uitgesneden is. Roept dan uit: 'O kijk, kijk, hier staat een 4, dat is een katernsignatuur. Dus dit is de laatste bladzijde van een katern geweest. Dit vind ik dus kicken, hier moet iets gebeurd zijn.'

Margot van Mulken-Dick van Aalst-156446Het vijftiende-eeuws gebedenboek Liber precum. Foto: Dick van Aalst

Origineel

Digitale versies zijn belangrijk om een manuscript breed toegankelijk te maken. Maar ze kunnen het origineel nooit vervangen, vindt Van Mulken. 'Je hebt het echte object nodig. Je leest zoveel meer af aan een handschrift dan alleen de woorden. Je ziet de hele wordingsgeschiedenis.'
En zelfs meer dan dat, ook hoe het een boek daarna vergaan is. Want halverwege het boek staat er opeens ‘John Core died 1805.’ Daar is geen woord latijn aan, laat staan middeleeuws. De achtereenvolgende bezitters van het handschrift benutten lege plekken in het perkament om hun familiegeschiedenis te noteren. Van Mulkens ogen glimmen: 'Dat dit zo oud is en er nog steeds is en dat we er met onze vingers aan mogen zitten. Ik word daar heel blij van.'

Paspoort Liber precum

Objectnummer: Hs 194
Wat: Liber Precum, samengesteld handschrift met gebeden in Latijn en Middelengels, 196 folia
Materiaal: perkament met inkt, verfpigmenten en leren band uit 1974
Datering: 15e eeuw
In collectie sinds: onbekend
Schenker/aangekocht van: onbekend