Binnen de Welzijnsmonitor LHBTIQA+ Gelderland en Overijssel werkt Rijnierse aan de vraag: hoe ervaren LHBTIQA+-personen in deze provincies de acceptatie van genderdiversiteit en seksuele oriëntatie? Ze kijkt daarbij naar thema’s als sociale acceptatie, veiligheid, zorg, sport, religie, leefomgeving en overheidsbeleid.
Waarom is dit onderzoek nodig?
‘Uit verschillende onderzoeken blijkt dat de acceptatie en veiligheid van queer inwoners de afgelopen jaren onder druk is komen te staan. Als we beter inzicht krijgen in hun ervaringen, kunnen overheden en maatschappelijke organisaties gerichter werken aan een gelijkwaardige samenleving.’
Hoe is de samenwerking met RSCR ontstaan?
‘De samenwerking met RSCR ontstond via contacten in adviesraden, stageprojecten en alumni sociologie die bij Vizier werkten of werken. Inmiddels is het een langdurige samenwerking geworden waarin beide partijen hun eigen expertise inbrengen.’
Hoe ziet deze samenwerking eruit?
We werken tijdens het onderzoek op verschillende momenten samen. We stellen bijvoorbeeld samen vragenlijsten op, werven respondenten en bereiden de data voor op de analyse. RSCR voert een groot deel van de analyses uit. Mijn collega’s en ik verwerken de resultaten in rapportages en kijken hoe ze gebruikt kunnen worden in beleid en de praktijk. Het contact is informeel en laagdrempelig. We bellen elkaar makkelijk even en hebben regelmatig overleg
Wat waardeer je het meest aan jullie samenwerking?
'De gedeelde ambitie achter het onderzoek. We willen allemaal bijdragen aan betere leefomstandigheden voor LHBTIQA+-personen en zetten ons onderzoek in om maatschappelijke verandering mogelijk te maken. En de groei van het onderzoek laat zien wat die samenwerking oplevert. In 2025 vulden maar liefst 3.533 respondenten de vragenlijst in. Daardoor ontstaan steeds meer mogelijkheden om diepgaand onderzoek te doen naar het welzijn en de ervaringen van verschillende groepen binnen de LHBTIQA+-gemeenschap.’
Welke ontwikkelingen merk je op in jouw werkveld dankzij jullie samenwerking?
'We zien dat gemeenten onze resultaten gebruiken om inclusiebeleid te ontwikkelen, te evalueren en nieuwe interventies vorm te geven. Ook worden op basis van de monitor lokale deelrapportages ontwikkeld voor gemeenten zoals Zwolle, Arnhem en Enschede.
Daarnaast leveren de gegevens nieuwe wetenschappelijke inzichten op, doordat onderzoekers van RSCR de data gebruiken voor wetenschappelijke publicaties. Zo versterken maatschappelijke impact en wetenschappelijke kennis elkaar.’