Zoek in de site...

Verslag: Utopia, dichterbij dan ooit? Lezingen door cultuurwetenschapper Edwin van Meerkerk en filosoof Tinneke Beeckman

Verslag: Utopia, dichterbij dan ooit?  | Lezingen door cultuurwetenschapper Edwin van Meerkerk en filosoof Tinneke Beeckman

Gespreksleiding: filosoof Jeroen Linssen, intermezzo door dichter Wout Waanders

Dinsdag 1 maart 2016 | 19.30 - 21.30 uur | Radboud Reflects, LUX en Algemene Cultuurwetenschappen van de Radboud Universiteit

Precies vijfhonderd jaar geleden schreef Thomas More zijn Utopia. Sinds die tijd is het werk niet meer uit de literaire en filosofische cultuur weg te denken. Hoe utopisch waren de vergezichten die Thomas More schetste nu eigenlijk? Hij reageerde in eerste instantie op het Engeland van zijn tijd, zal cultuurwetenschapper Edwin van Meerkerk aantonen. Filosoof Tinneke Beeckman laat de luisteraar zien waarom het optekenen van een utopie belangrijk, maar tegelijkertijd risicovol is.

Ontdekkingsreizigers

Christoffel Columbus voer naar de West, Amerigo Vespucci zette zeil naar de Nieuwe Wereld. Het was de tijd van ontdekkingsreizigers, van grote verhalen over verre oorden. Enkele jaren na het overlijden van Vespucci – in 1516 – publiceerde More een gefingeerd reisverhaal. Hij laat hoofdpersoon Raphaël Hythlodaeus meegaan op de verkenningsreizen van Vespucci. Na de laatste expeditie besluit Hythlodaeus niet terug te keren. “Met metgezellen trekt hij verder en hij ontmoet bewoners van de nieuwe wereld: Utopia. Een leergierige Europeaan vond een staat onaangetast door corruptie, corruptie die na de val van het Romeinse Rijk was opgekomen in Europa,” aldus Van Meerkerk.

Voor de lezer van Utopia zich kan laven aan dit reisverslag in boek twee, wordt hem in boek één een tirade over de Engelse maatschappij voorgeschoteld. Van Meerkerk: “Diefstal werd er met de dood bestraft, zonder dat mensen de kans kregen in hun eigen bestaan te voorzien. More verwerkte in de kritiek een pleidooi voor sociaal beleid. Er was een grote klasse van armen die geen duidelijk toekomstperspectief had.”

Geen Luilekkerland

In het tweede gedeelte schrijft More over een ideale wereld. Van Meerkerk: “Mensen zijn altijd op zoek naar het paradijs op aarde. Dat doen ze thuis, in de samenleving, maar vooral wanneer ze op vakantie gaan.” Van Meerkerk verhaalt over een resort dat door Royal Caribbean wordt aangeprezen als een ‘private island paradise’ – een oord dat je alles biedt wat je je kunt voorstellen. Hoe zit dat in het fictieve Utopia, door More geschetst? Was het daar Luilekkerland zoals het in de middeleeuwen werd geschetst?

Bepaald niet. Wie voet aan wal zet in Utopia, treft een heel realistisch land, vertelt Van Meerkerk. “Gewone mensen wonen er in gewone steden en ze werken voor de kost. Geld had je niet nodig, want iedereen werkt. Iedereen kent er zijn plek. De hiërarchie was er sterk om de voorspoed en rust te bewaken. De bevolking was wars van frivoliteiten, keek niet om naar goud en zilver en dronk geen druppel alcohol. Favoriete tijdsbesteding? Lezen en moreel verheffende spelletjes zoals een ethische versie van schaak.”

Eenvormigheid

De keerzijde is evident: punctualiteit, netheid en uniformiteit sijpelen in elk facet van de samenleving door. Vrouwen hadden een achtergestelde positie. En er waren meer ongerijmdheden. “De welvaart van utopiërs werd mede mogelijk gemaakt door slaven,” vertelt Van Meerkerk. “Ze beleden geweldloosheid, maar voerden oorlog. Ze veroverden land zodat ze koloniën konden stichten.”

Het is dus niet alleen maar rozengeur en maneschijn in Utopia. “Dat is een spanning die in het boek zit: is Utopia een ideale wereld of een totaal onhaalbaar en onwenselijk idee? Misschien laat het boek van More wel zien dat een samenleving die gefundeerd is op prachtige principes uiteindelijk toch onleefbaar blijkt te zijn, dat een staat die iedereen gelukkig maakt onmogelijk is.”

Saaie kleding

Wanneer gespreksleider en cultuurfilosoof Jeroen Linssen aan Van Meerkerk vraagt of hij iets uit Utopia zou mee willen nemen naar het hier en nu, antwoordt hij: “Eén van de mooiste dingen vind ik het idee dat iedereen morele idealen en religieuze overtuigingen heeft. Dat staat in Utopia een streven naar gemeenschappelijkheid niet in de weg. Daar moet ik wel bij zeggen dat ik jeuk krijg van de eenvormigheid. Iedereen moest voorgeschreven saaie kleding dragen.”

De Vlaamse filosoof Tinneke Beeckman antwoordt op de vraag naar de keerzijde van Utopia dat “elke gelegenheid tot verleiding is uitgeschakeld. Verleiding leidt tot verlangen, verlangen leidt tot conflict. Om een harmonieuze samenleving te hebben, moet je zulke zaken uitsluiten. Je mag niet pokeren ofzo, dat is allemaal verboden.”

Denkoefening

Beeckman bekijkt de utopie vanavond door een filosofische bril. Wat maakt de utopie van More vandaag de dag nog belangrijk en boeiend? Beeckman: “Het is een denkoefening die breekt met de traditie. Bovendien roept het de vraag op of je aan politiek moet doen als je goede ideeën hebt.”

De utopie is ook een manier om de morele vraag voorop te stellen. More reageerde op falend moreel leiderschap van de elite en aristocratie, dat hij gewaar werd in Engeland.” Volgens More was niet alleen de individu verantwoordelijk voor zijn gedrag, maar ook beleid en context bepalen in sterke mate of mensen moreel kunnen handelen. “Als burgers stelen,” stelt Beeckman, “hebben ze geen alternatief. Het is de verantwoordelijkheid van de politiek om te zorgen dat burgers de kans krijgen zichzelf te ontwikkelen.”

Machiavelli

Het schetsen van een utopisch wereldbeeld kent ook een beperking. Beeckman verlaat zich op een tijdgenoot van More: de Italiaanse Niccolò Machiavelli. “Machiavelli stelt dat je wel kunt dromen van politieke plannen, maar als je ze werkelijk zou willen opleggen zet je je eigen ondergang in. Het is de vraag of je duurzaam politiek beleid kunt voeren wanneer je al te zeer vertrekt vanuit het ideaal. Neem nu het geweld dat je nodig hebt om een ideaal op te leggen – dat is buitensporig groot. Wat doe je met degene die de disciplering weigeren te aanvaarden?”

Conflict lijkt er niet te zijn in het Utopia van More. Waar slaat het maakbaarheidsdenken door in het ideaal van More, vraagt Linssen zich af. “In het politieke aspect,” vindt Beeckman. “Je hebt altijd verschillende belangen in de samenleving. Ieder heeft een eigen visie op het goede leven. Daar moet je in een politiek bestel ruimte voor laten. Het is zaak een toneel te creëren waar mensen het oneens kunnen zijn.” Van Meerkerk vult Beeckman aan en stelt dat More een heel specifieke visie heeft op het goede leven: een zuiver rationele blik. “Het is een enge samenleving. Dat zit hem in het gebrek aan emotie, gebrek aan onmaat als tegenwicht in feest of muziek. Dat ontbreekt in het geheel.”

Door: Karlijn Ligtenberg