Zoek in de site...

Verslag " We vinden onze maatschappij onschuldig, weldadig."

Islamophobia. Rooted in Our Politics?
Lecture by cultural scientist Arun Kundnani
Donderdag 15 september 2016 | 19.30 - 21.30 uur | Collegezalencomplex RU

Arun Kundnani - auteur van The Muslims are Coming! (2012) - schrijft voornamelijk over islamofobie en over surveillance. Hij vraagt zich af of islamofobie bestaat en als dat het geval is, welke politieke mechanismen er dan aan ten grondslag liggen? Over religieus geweld, de (schijn van) tolerantie en inburgeringscursussen.

Racialisering

“De term islamofobie is omstreden. Bovendien is het begrip moeilijk te definiëren,” aldus Kundnani. “Islamofobie is geen uitdrukking van haat of negativiteit richting moslims. Dat is niet het fundamentele feit. Het is een manier om de frustraties van mensen aan elkaar te koppelen. Ja, er zijn terroristen en verkrachters die moslim zijn. Maar islamofobie doet alsof het een vaststaande natuur is die in moslims besloten ligt. Daaruit blijkt dat er sprake is van ras-denken. Over islamofobie wordt vaak  gezegd dat het geen racisme is, omdat de islam geen ras maar een geloof betreft. Die stelling kun je pareren omdat racisme als een sociale praktijk de illusie van ras creëert. Dat is wat academici racialisering noemen.”

Infiltranten

Wie kijkt naar academische literatuur over hoe islamofobie zich manifesteert, kan vijf thematische kenmerken van de islamofobe ideologie onderscheiden. Ten eerste is er de terugkerende overtuiging dat moslims vatbaar zijn voor terrorisme, vertelde Kundnani. “Ten tweede worden moslims weggezet als extremisten die vol woede zitten. En dan is er ook nog het beeld van de moslim als de onderdrukker van vrouwen en kinderen, met daarbij tevens het beeld van de vrouw als ondergeschikte. Bovendien worden moslims neergezet als infiltranten die de natie ondermijnen door het in standhouden van verborgen netwerken. Ten slotte worden moslims gezien als seksueel disfunctioneel.”

Systematische uitsluiting

Waar komt de islamofobe ideologie vandaan? Het kan haar oorsprong vinden in vooroordelen van individuen, en de daaruit voortvloeiende vijandigheid als reactie op terrorisme en culturele verschillen. Maar islamofobie gaat ook over een maatschappij als geheel. Kundnani: “Sommige groepen hebben voordeel van systematische uitsluiting van andere groepen. De uitgesloten club heeft een leven dat moeilijker en minder vrij is dan de levens van mensen die lid zijn van de uitsluitende groep. Ingrepen van staten houden de anti-moslimpraktijken in stand.”

Vreemde cultuur

Grote gebeurtenissen zoals een terroristische aanslag, een militaire nederlaag of migratie worden volgens Kundnani door islamofoben uitgelegd als “het resultaat van een vreemde cultuur. Daarmee verplaatst ze politieke vijandigheden naar het domein van de cultuur. Er ontstaat een idee van een gefixeerde natuur van de ander.” En dat terwijl we toch echt te maken hebben met ons eigen geweld. Ook wij maken deel uit van conflicten. “We zien het alleen als een gepaste reactie op de agressieve natuur van wat wij als een fanatieke moslimvijand zien. We vinden onze maatschappij onschuldig, weldadig.”

Vrouw

Islamofoob racistisch geweld raakt veel vrouwen. Wat volgens Kundnani opvalt is het verlangen om de sluier van een gezicht van een vrouw te trekken. “Daarmee dwing je zichtbaarheid af en wordt het lichaam van de vrouw weer een publieke zaak. Vrouwelijkheid moet tentoongesteld worden. De vrouw moet gewelddadig bevrijd worden van de moslimcultuur. Ze is zwak, kwetsbaar en onderdrukt. Maar ze is ook een gevaarlijke extremist, die een bedreiging vormt voor de sociale orde en dus blootgelegd moet worden door haar te ontsluieren,” aldus Kundnani.

Verwachtingen van moslims

Islamofoben vinden dat de islamitische religie beperkt moet worden tot de privésfeer. Ook verwachten ze dat moslims zich publiekelijk uitspreken tegen een extremistische interpretatie van religie, waaruit blijkt dat ze hun ratio boven blind geloof stellen. Maar tegelijkertijd wordt een moslim niet geacht kritisch te zijn op het Westen. En religieus geweld moeten ze veroordelen, behalve wanneer hun eigen overheid het inzet.

Slavernij en kolonialisme

“We zijn in Europa zo tolerant,” merkte Kundnani op, “dat we niet willen dat er immigranten komen om onze tolerante cultuur op te schudden. Dat werd zonder ironie gezegd. Het draait uiteindelijk niet om de vraag of de moslimcultuur compatibel is met de Europese. Je moet je ook afvragen hoe Europa geïntegreerd kan worden in de rest van de wereld, gegeven de geschiedenis van slavernij en kolonialisme. We kunnen een begin maken door de burgerrechten van moslims te verdedigen. Vluchtelingen moeten verdedigd worden omdat ze slachtoffers zijn. Zij kunnen ons over onszelf leren.”

Christelijke kerk

Martijn de Koning, die als antropoloog verbonden is aan de Radboud Universiteit, vulde Kundnani aan: “We zijn geneigd te spreken van een seculiere samenleving. Maar die bestaat niet. Een seculiere samenleving voor Nederland is exclusief gebaseerd op geschiedenis met christelijke kerken.” Wat De Koning ook aan wilde stippen: “Het idee van de islam als dreiging was in de jaren ’70 al zichtbaar. Als je kijkt naar het Nederlandse integratiebeleid zie je dat de dreiging van migrantenculturen werd besproken. De islam was een concreet voorbeeld, en dan in het bijzonder de verenigbaarheid van de islam met democratische rule and law.”

Tolerantiemythe

Nederland mag dan wel beroemd zijn vanwege het tolerante karakter, maar is dat narratief inmiddels niet veranderd? Martijn de Koning: “Sommige filosofen noemen het de tolerantiemythe. Het is niet zo dat tolerantie niet bestaat, maar het werkt vooral als norm. Het is niet wie we zijn maar wie we moeten zijn. Tolerantie maakt deel uit van het idee van de Nederlandse identiteit, Nederland als tolerante natie. Om deze te beschermen moeten we vluchtelingen de toegang ontzeggen omdat ze deel uitmaken van een intolerante cultuur. Het is bovendien echt niet fijn om getolereerd te worden in de maatschappij. Je wilt erkend worden, geaccepteerd en meetellen. Degene die zegt: ‘Ik tolereer jou’, heeft de macht. Een slaaf die zegt: ‘Ik tolereer jou’, maakt weinig indruk.”

Vuilniszakken buiten zetten

“De inleidende cursussen over Nederland voor migranten zijn een goed idee, maar onderwijzen nieuwkomers niet over hoe te navigeren in een nieuwe maatschappij. Ze leren migranten over de Nederlandse cultuur, althans: ze krijgen een ideaalbeeld voorgeschoteld. Ik heb zelf een keer een inburgeringstest gemaakt. Eén van de vragen was hoe laat het afval naar buiten moest. De meesten van ons deden dat als ze thuis kwamen na het werken, dus rond een uurtje of zes ’s avonds, zodat het de volgende ochtend meegenomen kon worden. Het juiste antwoord was: het vuilnis zet je buiten tussen 22.00 uur ’s avonds en 07.00 uur de volgende morgen. Zulke beelden van de Nederlandse cultuur worden opgelegd aan migranten, maar niet aan de witte mensen in het land zelf.”

Door: Karlijn Ligtenberg