Zoek in de site...

Terugblik De filosofie van Twin Peaks | Lezing en fragmenten

TwinPeaksDe filosofie van Twin Peaks | Lezing en fragmenten
Dinsdag 13 juni 2017
Filmkenner Constant Hoogenbosch, filosoof Joyce Gusman-Vermeer en schrijver en filosoof Kasper van Royen

Podcast

Na 25 jaar is Twin Peaks terug op de (digitale) buis. De cultserie uit de jaren negentig werd een gigantisch succes en krijgt nu een vervolg. Wat maakte Twin Peaks zo bijzonder? En wie zijn de mensen achter dit project? Constant Hoogenbosch, Joyce Gusman-Vermeer en Kasper van Royen probeerden het mysterie van Twin Peaks te ontleden in een volle zaal in LUX.

(c) Ted van AanholtVolgens filmkenner Constant Hoogenbosch is David Lynch (1946) een heel boeiende filmmaker. “Lynch hoort echt thuis in de top tien van de twintigste eeuw. Hij is regisseur, kunstschilder, striptekenaar, meubelontwerper, hoogleraar, en natuurlijk fervent koffiedrinker. In zijn werk opereert hij intuïtief. Hij werkt graag op basis van dromen en ideeën. Bovendien is hij mysterieus. Van Lynch hoef je geen uitleg te verwachten over de boodschap van een film.”

Revolutionaire serie

De Twin Peaks-regisseur behoort volgens Hoogenbosch tot de voorhoede van de Amerikaanse surrealistische cinema, waarin seks en extreem geweld hand in hand kunnen gaan met de schoonheid van een vredelievend plattelandsstadje. Een prachtig, idyllisch bergplaatsje vormt het toneel voor een afgrijselijke moord, zoals het geval is in Twin Peaks. Omdat Lynch kiest voor een vreemde en complexe narratieve structuur, doorbreekt hij volgens Hoogenbosch de Amerikaanse uitlegcultuur. De gemiddelde Amerikaanse serie had indertijd een episodisch karakter: na drie kwartier was het verhaal netjes afgerond, waren de (c) Ted van Aanholtmeeste vragen wel beantwoord en kon de kijker met een gerust hart gaan slapen. Hoogenbosch: “Dat verandert volledige met Twin Peaks. De serie had een totaal ondoorgrondelijke story arch met dubbele bodems en vreemde plotwendingen. Nee, het was bepaald geen net verpakt setje met vragen en antwoorden. Daarmee kon je blijkbaar de kijker thuis óók boeien. Veel producenten zullen zich achter de oren hebben gekrabd: hoe komen Lynch en Frost hier mee weg? Misschien is het televisiekijkend publiek jarenlang onderschat.”

Lucide dromen

Lynch maakt ter inspiratie voor zijn films graag gebruik van lucide dromen. Die komen tot hem als hij in een stoel zit en zijn hoofd laat wandelen. Tijdens een nacht slaap is een droom niet te controleren, maar een dagdroom biedt de gelegenheid er helemaal in te duiken, verklaarde Lynch eens. Maar Lynch is niet de enige man achter Twin Peaks - ook Mark Frost levert een belangrijke bijdrage. Zeker in het tweede seizoen, waar Lynch maar zes van de tweeëntwintig aflevering regisseert omdat hij ondertussen Wild at Heart maakt. Hoogenbosch: “Dat is ook de reden waarom Lynch een jaar later terugkeert naar de wereld van Twin Peaks. In de prequel Twin Peaks: Fire Walk With Me (1992) speelt Lynch weer voortdurend met verschillende realiteiten, alsof de kijker steeds in een alternatief universum kan stappen.”

Wat is een ervaring?

Radboud-filosoof Joyce Gusman-Vermeer nam het stokje over van Hoogenbosch. Ze nodigde het publiek uit om op een filosofische manier te kijken naar het begrip ‘ervaring’, dat zo belangrijk is in de serie Twin Peaks. Want hoe weten we of een ervaring echt is? Gusman-Vermeer: “De fenomenologie - een belangrijke stroming in de filosofie - vertrekt vanuit de ervaring. De slogan van deze tak is niet voor niks ‘terugkeren naar de dingen zelf’. Fenomenologen willen niet langer theoretisch volledig dichtgetimmerde denksystemen in elkaar zetten die niks meer met de werkelijkheid te maken hebben. Ze willen focussen op de werkelijkheid. We moeten dus beginnen bij onze ervaring van de werkelijkheid. Maar wat is een ervaring?”

Context van de wereld

(c) Ted van AanholtVeel van onze ervaringen zijn perceptueel, stelde Gusman-Vermeer. Het gaat dan niet enkel om zien of horen, maar om het gehele gevoel dat je krijgt bij een ervaring. “Als ik nu weer naar Twin Peaks kijk, gaat het niet om de beelden en geluid, maar bijvoorbeeld ook om het nostalgische gevoel dat ik krijg. Dat noemen we holistisch: we nemen dingen waar in de context van een groter geheel; in de context van de wereld en binnen de context van ons leven.”

Hoe ervaar je?

Volgens de grondlegger van de fenomenologie, Edmund Husserl, is een object op drie manieren te ervaren. Zo ook de beroemde cherry pie uit Twin Peaks. Gusman-Vermeer: “Ik kan spreken over een kersentaart, ook al heb ik nog nooit een taartstuk gezien of gegeten. Dat is wat Husserl verwijzend interacteren noemt. Als ik daarentegen verbeeldend interacteer, vorm ik een beeld van een object. Dat gebeurt bijvoorbeeld als ik een flyer met een afbeelding van een kersentaart zie. Ten slotte kan ik perceptueel met de objecten omgaan, zoals ik doe wanneer ik een hap neem van fysiek aanwezige kersentaart. Deze drie manieren van ervaren staan in een hiërarchische verhouding: perceptueel ervaren heeft een hogere waarde dan verbeeldend of verwijzend ervaren.”

Toegang tot de objecten

Hoe ervaren we de wereld om ons heen? Gusman-Vermeer: “De gangbare theorie was dat de wereld gemedieerd wordt door representatie. Ik neem de kersentaart niet direct waar, maar ik heb een representatie van de taart in mijn hoofd. Fenomenologen zeggen echter dat we wel degelijk directe toegang kunnen verkrijgen tot objecten. Zij hadden problemen met de gangbare representatietheorie, die zorgde voor het probleem van de brug. Want hoe weet ik dat het huis in mijn representatie overeenkomt met het huis in de buitenwereld? Ik heb immers enkel toegang tot de representatie; niet tot het object in de wereld zelf. Door er vanuit te gaan dat we een directe toegang hebben tot de objecten zelf - zoals de fenomenologen beweren - verdwijnt dat probleem.”

En de waarheid dan?

De vraag of onze ervaring waarheidsgetrouw is, is daarmee nog niet beantwoord, (c) Ted van Aanholtstelde Gusman-Vermeer. “Voor een fenomenoloog is de eerste-persoons ervaring het uitgangspunt. Het is voor mij onmogelijk om een perceptuele illusie door te prikken en te ervaren; als ik hem doorprik kan ik hem niet meer ervaren. Een fenomenoloog kan dus niet anders dan waarheidsgetrouwheid niet meenemen. De perceptuele inhoud blijft echter overeind. De echtheid van ervaringen is dus niet afhankelijk van de waarheidsgetrouwheid, maar van relevantie. Ik denk dat we ervaringen uit dromen en hallucinaties niet zomaar moeten wegzetten als irrelevant. Want zonder Coopers dromen had hij de moord op Laura Palmer nooit op kunnen lossen. De echtheid van ervaringen is afhankelijk van wat je er mee kunt.”

Twin Peaks, het boek

Via een persoonlijk relaas over dromen uit zijn jeugd bracht filosoof en schrijver Kasper van Royen een ode aan Mark Frost, die naast David Lynch werkte aan de serie Twin Peaks. Daar waar Lynch de man van mysterie is, buigt Frost voor het geheim. Van Royen citeerde Mark Frost, die in 2016 The Secret History of Twin Peaks uitbracht. Daarin schreef hij:

“A secret is only a secret as long as you keep it. Once you tell someone, it loses all of its power; for good or ill. Like that, I’s just another piece of information. But a real mystery can’t be solved, not completely. It’s always just out of reach, like a light around the corner.”

Frosts boek

(c) Ted van AanholtHet is een citaat uit The Secret History of Twin Peaks, Frosts nieuwste boek. Dat werk lijkt te fungeren als link tussen de oude en de nieuwe serie. Van Royen leest het citaat als een ode van Frost aan Lynch. Van Royen: “The Secret History staat bol van geheimen. Het werk heeft de vorm van een dossier, dat is samengesteld door een persoon die zichzelf archivaris noemt. Aantekeningen worden afgewisseld met handgeschreven dagboekfragmenten, documenten van de FBI en publicaties uit vergeelde streekkranten. Belangrijke figuren uit de Amerikaanse geschiedenis van doofpotaffaires en geheime genootschappen spelen een sleutelrol. Hun link met stadje en inwoners blijkt telkens pas na tientallen bladzijdes.”

Geheimen en mysteries

Waar Frost analytisch te werk gaat, is het voor Lynch zaak om het doel onbereikbaar te houden. De geest kan er net geen grip op krijgen. Het geheim van Twin Peaks moet dan ook schuilen in de combinatie van die twee karakters. Zonder het mysterieuze van Lynch had Twin Peaks volgens Van Royen nooit zo’n mythische status kunnen krijgen. Ook de bijdrage van Frost, die een grote voorliefde heeft voor het geheim, droeg bij aan het succes. Van Royen: “In een geheim ligt de suggestie tot een mogelijke verklaring. Als die suggestie ontbreekt, zou bij kijkers van Twin Peaks een gevoel van willekeur kunnen optreden.”

Door: Karlijn Ligtenberg

Wil je op de hoogte blijven van onze activiteiten? Schrijf je dan in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief.