Zoek in de site...

Het succes of de mislukking van een uitvinding ligt niet alleen aan de techniek

Terugblik weerstand of warm onthaal. Illustratie: alphaspiritWeerstand of warm onthaal? De landing van nieuwe uitvindingen | Lezingen en gesprek met classicus André Lardinois en socioloog Lotte Krabbenborg | Radboud Reflects Maand van de Ethiek @ Faculteit der Letteren van de Radboud Universiteit | Dinsdag 24 oktober 2017

Podcast | Video

'Wie heeft een smartphone bij zich?', vraagt filosoof Marcel Becker de zaal. Iedereen steekt zijn hand omhoog. In 1999 was dit echter niet vanzelfsprekend geweest. Om dit te illustreren werd er een filmpje getoond uit die tijd waarin mensen op straat worden aangesproken met de vraag: “Zou u een mobiele telefoon willen hebben?”. Een greep uit de antwoorden die men in 1999 gaf: “Ik heb hem niet nodig, ik word toch niet gebeld”, “Dan ben je aan het fietsen en word je gebeld” en “Waarom moet ik een mobiel hebben? Altijd bereikbaar zijn lijkt met niet leuk”. Daar denken we tegenwoordig dus wel anders over. Maar waarom halen sommige uitvindingen het wel, zoals de mobiele telefoon, en anderen niet?

Fotograaf: Ted van Aanholt

Voer voor geesteswetenschappers

André Lardinois, classicus aan de Radboud Universiteit, stelt dat de zaal misschien wel verbaasd is om een classicus te horen spreken over innovatie. Maar naar zijn mening is dat helemaal niet vreemd. Het succes van een uitvinding heeft namelijk voor slechts 25% te maken met de techniek erachter en voor 75% met de human factor. En die human factor is precies waar de geesteswetenschappen en de sociale wetenschappen kennis van hebben. Innovaties vinden niet alleen plaats op technisch en medisch gebied, maar ook in de politiek, literatuur, kunst en religie. Lardinois onderzoekt of deze vernieuwingsprocessen gelijkenissen vertonen op deze verschillende domeinen. En pleit ervoor dat er ook geesteswetenschappers aan tafel zitten wanneer er over de landing van nieuwe uitvindingen in de samenleving wordt gesproken. Zij zijn nodig om te doorgronden wat innovaties eigenlijk zijn en waarom sommige uitvindingen wel en andere niet goed verankerd raken in de samenleving.

Oud en vertrouwd

De onderzoeksgroep waar Lardinois deel van uitmaakt onderzoekt de hypothese dat een nieuwe uitvinding, om succesvol in de samenleving te kunnen landen, verankerd moet worden aan iets dat oud en vertrouwd is. De Atheense bevolking uit de 5e eeuw voor Christus deed dit bijvoorbeeld al. Daar vonden veel vernieuwingen plaats op tal van terreinen, van politiek tot theater. De Atheense samenleving was de eerste bevolking die volledig overging op een monetaire economie. Ze slaagden er in om de bevolking te laten accepteren dat de nieuwe munt waarde had door het hoofd van de godin erop af te beelden. Dit is iets dat we vandaag de dag nog steeds zien, bijvoorbeeld bij de Amerikaanse Dollar. Op de 25 cent munt staat George Washington afgebeeld en op het briefgeld staat de leus 'in God we trust'. Ook op de Nederlandse euro staat het hoofd van de koning afgebeeld.

Denk aan de bevolking

Deze methode van verankering wordt echter niet alleen bij positieve innovaties gebruikt. Denk bijvoorbeeld aan hoe het fascisme misbruik maakte van oude cultuur. Mussolini spiegelde zichzelf aan keizer Augustus. Daarmee suggereerde hij dat zijn regime een terugkeer was naar de goede oude tijd. Het onderzoek waar Lardinois aan meewerkt heeft als een van de doelen om bewustwording te creëren over het proces van verankering. Ook om te zien hoe mensen daarmee gemanipuleerd kunnen worden. Verder geeft het inzicht in hoe nieuwe uitvindingen in de markt gezet kunnen worden. Niet alleen uitvinders en marketeers kunnen van dit onderzoek leren, maar ook ambtenaren. Zij moeten meer rekening houden met wat de bevolking van uitvindingen vindt, zodat het niet als een verrassing komt als de samenleving een uitvinding niet accepteert, zoals bijvoorbeeld het vaccin tegen baarmoederhalskanker.

De sociale norm van het altijd schone huis

Lotte Krabbenborg, wetenschapssocioloog aan de Radboud Universiteit, opent haar lezing met het voorbeeld van de stofzuiger. Niet alleen de smartphone is een duidelijk voorbeeld van een uitvinding die de samenleving heeft veranderd, maar de stofzuiger ook. Met de stofzuiger werd het voor de huisvrouw heel gemakkelijk om het huis schoon te houden, waardoor ze er veel minder tijd in zou hoeven steken. Een onvoorzien effect van deze uitvinding was echter de verandering in de sociale norm. Men verwachtte voortaan dat het huis altijd netjes zou zijn, omdat het zo makkelijk was om te stofzuigen. In plaats van minder tijd in het huishouden te steken ging men er juist meer tijd aan besteden. De innovatie van de stofzuiger bracht dus niet alleen een verandering teweeg waar de uitvinders op doelden, namelijk het makkelijker schoonmaken van het huis, maar ook een verandering in de normen en de waarden in de samenleving.

Uitvindingen bijsturen

In haar onderzoek probeert Krabbenborg deze onvoorziene veranderingen bij uitvindingen in het oog te krijgen zodat erop geanticipeerd kan worden. Door dit in een vroeg stadium te onderzoeken, wanneer de uitvinding in de testfase zit, kan er nog bijgestuurd worden. Dit is echter iets ingewikkelder dan het zo lijkt. Een uitvinding kan alleen nog bijgestuurd worden in een vroeg stadium, de testfase. Maar in dit stadium is er ook nog veel onduidelijkheid over wat de technologie precies allemaal kan en wat het teweeg gaat brengen. Lang wachten met nadenken over hoe je het in de samenleving wilt laten landen betekent echter dat de technologie mogelijk al verder doorontwikkeld is waardoor er niet meer bijgestuurd kan worden.

Wetenschappers: kom uit uw ivoren toren

Krabbenborg ziet haar onderzoek als een brug tussen de fundamentele wetenschapper en de uiteindelijke eindgebruiker van de uitvinding die gedaan wordt. Ze probeert het gat tussen deze twee werelden te verkleinen zodat zij minder van elkaar gescheiden zijn. Dit doet ze door te onderzoeken hoe het leven van de eindgebruiker eruit gaat zien met de nieuwe technologie. Deze scenario's toetst ze dan bij de verschillende partijen. Krabbenborg stelt dat er een taak bij de wetenschappers ligt. Zij moeten de ivoren toren uitkomen en de samenleving in gaan om na te gaan hoe innovaties de samenleving zullen beïnvloeden. Dit schiet er momenteel echter vaak bij in; bijvoorbeeld doordat zij voldoende moeten blijven publiceren. Maar ook de burger kan meer doen. Zij moeten blijven vragen naar wat er gebeurt in de wetenschap, bijvoorbeeld via sociale media en door te reageren op berichten in de krant.

Door: Berit Akse

Podcast:

Aankondiging

Wil je op de hoogte blijven van onze activiteiten? Schrijf je dan in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief.