Zoek in de site...

Tiener in de oorlog: als gedoopte jood in Westerbork

Meisje met een ster

Meisje met een ster | Holocaust Memorial Day Getuigenis door overlevende Henny Dormits | Dinsdag 30 januari 2018 | 19.30 – 21.15 uur | Aula, Radboud Universiteit

Podcast | VOX artikel - 'Vanavond tiende getuigenis Holocaust Memorial Day' | Blok 3, minuut 48: Omroep gelderland - over HMD | Gedoopte Joden in kamp Westerbork, lezing door Guido Abuys

"Integer, intens en een organische afwisseling tussen zinnen en gezangen. En wat is die Henny Dormits krachtig in haar presentatie. Het heeft echt indruk gemaakt toch een van de steeds kleinere groep van overlevenden van de concentratiekampen haar verhaal te horen vertellen." (uit een deelnemersevaluatie)

Op twaalfjarige leeftijd kwam de joodse tiener Henny Dormits terecht in kamp Westerbork, samen met haar twee en een half jaar oudere zus en ouders. Tijdens deze tiende Holocaust Memorial Day Getuigenis, georganiseerd door Radboud Reflects in samenwerking met het Stedelijk Comité 4&5 mei en Herinneringscentrum Kamp Westerbork, neemt mevrouw Dormits ons in haar herinneringen mee naar kamp Westerbork en kamp Theresienstadt. De avond wordt omlijst met muziek door zangeres Elisabeth Oets en pianiste Mi Ying Chen. Holocaust-onderzoeker Ria van den Brandt leidt het gesprek.

Foto: Ted van Aanholt

Joods?

Het gezin Dormits was joods, maar op een aantal eettradities na niet praktiserend. Ze gingen bijvoorbeeld nooit naar de synagoge. Vader Dormits had vijf slagerijen in Den Haag. Het gezin had een fijn leven met genoeg inkomen, een huis, een fijne school voor de kinderen en genoeg vriendinnetjes. Toen de oorlog uitbrak, merkte de familie daar het eerste jaar weinig van. Totdat de grote borden met ‘Verboden voor Joden’ overal kwamen te hangen, ze hun fietsen moesten inleveren en ze niet meer mochten reizen met het openbaar vervoer. Dormits vertelt hoe haar vriendinnetjes haar bleven uitnodigen om mee te gaan zwemmen of voor andere activiteiten die voor joden niet meer toegankelijk waren. Haar vriendinnen begrepen niet waarom Henny niet mee mocht. Haar leefwereld werd steeds kleiner.

Onderduiken

Vader Dormits wilde niet vertrekken uit Nederland vanwege zijn slagerijen, maar een jaar na het uitbreken van de oorlog werden al zijn zaken afgenomen. De aanhoudende maatregelen tegen joden en de vreselijke verhalen uit Duitsland leidden er toe dat het gezin toch besloot onder te duiken. Het was niet makkelijk om een adres te vinden, maar op een gegeven moment kwam er een plaats bij een jong echtpaar. Joden mochten na acht uur ’s avonds niet meer naar buiten en vanwege de bombardementen moesten binnen en buiten alle lampen uit zijn zodra de zon onder was. Twee aan twee, en met zoveel afstand dat men elkaar nog net kon zien, maakte het gezin te voet de gevaarlijke tocht van ruim een uur door het duister naar het nieuwe adres. Ze hadden de Jodensterren van hun kleding gehaald en helemaal niets meegenomen. Moeder Dormits had de deur dichtgetrokken van hun huis, wetende dat ze alles daar achterlieten.Foto: Ted van Aanholt

Verraad

Het onderduikadres bestond uit drie kleine kamers. Niemand mocht weten dat er onderduikers in huis waren. Daarom mochten ze overdag, wanneer het echtpaar niet thuis was, niet lopen, geen lampen aan doen en het toilet niet doortrekken. Maar ondanks de voorzorgsmaatregelen werd het gezin toch verraden. Twee mannen met pistolen kwamen het huis binnen en namen het gezin én de man van het gastgezin mee. Na drie dagen te hebben doorgebracht in de gevangenis van Scheveningen, werd de familie Dormits naar kamp Westerbork overgeplaatst. Via een vriend die in het bestuur van de Nederlands Hervormde Kerk zat, had vader Dormits valse dooppapieren verkregen voor zijn gezin. Toen hij deze papieren overhandigde na hun arrestatie, werden ze voor hun neus doormidden gescheurd.

Schijnkamp

Bij aankomst in kamp Westerbork hield vader Dormits vol dat zijn gezin gedoopt was. Gelukkig bleek er een lijst te zijn met namen van joodse gezinnen met dooppapieren en de naam Dormits stond daarop. Gedoopte joden werden in een speciale barak ondergebracht en werden vrijgesteld van deportatie. Het kamp noemt Dormits een ‘schijnkamp’. Daarmee bedoelt ze dat de situatie in Westerbork, zeker in vergelijking met andere kampen, niet heel slecht was. In Westerbork was een prima ziekenhuis met goede artsen en genoeg te eten voor iedereen. Tegelijk kwam er elke dinsdag een trein waarmee steeds duizend mensen op transport werden gezet naar bijvoorbeeld Auschwitz. Als zij in Westerbork al hadden geweten wat hen te wachten stond elders, dan was er paniek uitgebroken.

Foto: Ted van Aanholt

Kinderjuf

Om te voorkomen dat het gezin alsnog op transport gezet zou worden, moesten ze aantonen dat de dooppapieren van vóór 1940 waren. Via brieven verzocht vader Dormits de dominee om deze opnieuw beschikbaar te stellen. De vroegere kinderjuf van de meisjes bleek de reddende engel. Zij bracht de nieuwe dooppapieren te voet naar het gezin. Maar ondanks de nieuwe papieren werd het gezin tegen het einde van de oorlog alsnog naar Theresienstadt overgebracht. Uiteindelijk verbleven ze daar vijf maanden. De Duitsers hadden medicijnen nodig en de Zwitsers waren bereid deze te geven in ruil voor twaalfhonderd gevangenen. Alle gedoopten en gevangenen met een beschermde status, werden op de trein naar Zwitserland gezet. In vergelijking met de veewagens van de nazi’s was deze trein een luxe, en in de wagons stonden manden met koek en brood. Zo kwamen de gezinsleden in februari 1945 terecht in Zwitserland. Toen het gezin van Henny Dormits na de bevrijding terugkwam in Nederland, bleek bijna niemand van de familie de oorlog overleefd te hebben, behalve een zus van haar vader. Het gezin Dormits had dit te danken aan de beschermde status die ze verkregen door de valse dooppapieren.Foto: Ted van Aanholt

Door: Berit Akse

Podcast:

Aankondiging

Wil je op de hoogte blijven van onze activiteiten? Schrijf je dan in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief.