Zoek in de site...

Verslagen van de Nacht van de Filosofie 2018

Gehuld in sixties-stijl kwam in de Lindenberg de verbeelding zeker aan de macht tijdens de jaarlijkse Nacht van de Filosofie. Meer dan 40 filosofen, schrijvers en wetenschappers lieten de 800 deelnemers  verspreid over acht zalen nadenken over onder andere opstand en de lessen uit de jaren zestig. Frank Lammers sloot de avond met zijn indrukwekkende theatermonoloog als Karl Marx.

Lees de korte verslagen van de verschillende onderdelen:

Steigerzaal

De jaren zestig. Een cultuurgeschiedenis | Lezing door cultuurwetenschapper Geert Buelens

In de jaren 60 voltrok zich  een revolutie in de massacultuuronder meer  vanwege technische ontwikkelingen. Zo maakte de draagbare transistorradio het mogelijk dat men muziek met zich mee kon nemen. Ondertussen bracht televisie de Vietnamoorlog dichterbij en onderging film een globalisering, zoals de westernfilm: de algemene archetypen zijn hetzelfde, maar in Italiaanse westerns werd het fascisme gethematiseerd.

Buelens legt uit dat al in de jaren 50 verbeelding al een massaproduct werd. Zowel de twist  als de Beatles  waren een internationale rage van Mali tot Oost-Duitsland. Cultuur democratiseerde, maar maakte tegelijkertijd individualistischer.

Hoewel in 1968 op verschillende plekken “de verbeelding aan de macht” komt, wordt deze ook door traditionele machthebbers de kop in gedrukt. Zoals in Praag, waar  Sovjettroepen een einde maken aan de Praagse lente en in China, waar  de Culturele Revolutie die korte tijd later begon met extreem veel geweld gepaard ging.

Ook de seksuele revolutie, met de   minirok als symbool voor de nieuwverworven vrijheid, kende een  andere kant: de jaren zestig waren ook ontzettend macho en de pil maakte vrouwen niet zonder meer baas is eigen buik omdat vrouwen vanaf dat moment geen (biologische) reden meer hadden om "nee" te zeggen.

Foto: Ted van Aanholt

Aandachtsvolle verbeelding | Lezing door psycholoog Hans Alma

De deelnemers werden door Hans Alma direct aan het werk gezet: kies iets uit van wat je bij je hebt wat iets zegt over je verwachtingen over vanavond. Hiermee krijgen dingen een extra betekenislaag en krijgen ze een symbolische waarde. Bekende systemen hiervoor zijn taal en kunst, zij geven ons het vermogen om in het gewone iets extra's te zien.

Verbeelding stelt ons is staat een extra dimensie van het bestaan bloot te leggen: we zien opeens het feitelijke in het licht van het mogelijke. Verbeelding is verbonden met zingeving, dat we volgens Alma niet als het kersje op de taart op moeten vatten, maar als een diep verlangen. Ervaringen van zinvolheid zijn belangrijk in ieder aspect van het leven, en verbeelding speelt daarin een cruciale rol. Kunnen we onze verbeeldingskracht oefenen? Ja, stelt Alma, en ze presenteert een cyclus van waarneming gebaseerd op aandacht, associatie, experiment, anticipatie, expressie en reflectie.

Niet alleen voor kleine kinderen, maar ook voor volwassenen is zowel vertrouwen als nieuwsgierigheid van groot belang. Met verhalen en beelden ontstaan sociale verbeeldingen van het goede, waar we ons vaak niet eens bewust van zijn. En verbeelding is niet alleen iets voor kunstenaars.Iedereen kan zich erin oefenen. We hebben verbeeldingsvolle idealen nodig om te kunnen handelen, bijvoorbeeld in de politiek.

Foto: Ted van Aanholt

Wie weet | Interview van schrijfster Jannah Loontjens door Femke Halsema

Over of Jannah Loontjens Wie weet (2018) meer een liefdesverhaal is of een pleidooi tegen het kapitalisme werden Loontjens en Halsema het niet eens. Het "wie weet" uit de titel verwijst naar Simone de Beauvoir uit De Mandarijnen. Wie weet impliceert een openheid naar de toekomst, misschien is het allemaal niet zo slecht. Hoewel Wie weet overwegend als politieke roman wordt geduid, ging het Loontjens er veeleer om te laten zien welke  onderhuidse spanningen en emoties aan het licht komen bij een  aanslag als die op Charlie Hebdo in 2015.

Kleine verhalen over alledaagse onderwerpen gaan altijd over iets groters, stelt Loontjens, nadat ze een fragment uit haar boek heeft voorgedragen. “De hele multiculturele samenleving keert in de negen karakters van je boek terug”, vindt Halsema. "Het is alleen een andere manier om iets aan te kaarten" aldus Loontjens, "anders dan in columns of essays."

Het is ook een hoopvol boek: na de aanslag zie je eerst haat en polarisatie, maar desondanks leven we toch maar allemaal mooi samen.

Foto: Ted van Aanholt

De jeugd van tegenwoordig | Gesprek met Femke Kaulingfreks en Stijn Sieckelinck

De eerste associaties uit de zaal bij het begrip "politiek" blijken wel aardig overeen te komen met de antwoorden die de jongeren in Kaulingfreks' boek gaven: Den Haag, macht en "shit".

De politiek gaat vaak niet over thema's die jongeren interessant vinden.. Jongeren uiten hun politieke bevlogenheid soms op heel persoonlijke wijze, dan gaat het vaak over emancipatie. Het punt is dat we deze manieren van protesteren vaak niet als politiek herkennen. Activisme en sociale bewegingen associeert men niet met politiek.

Stijn Sieckelinck schreef zijn boek over re-radicalisering aan de hand van vijf lessen. Het ontstond vanuit irritatie over een verkeerd beeld van radicalisering. Kanaal van verzet voor jongeren leidt bijna automatisch tot radicalisering - als je verzet wilt begrijpen moet je de context in acht nemen. De samenleving dient andere vormen van verzet aan te bieden dan alleen die. Het gaat in wezen over moraliteit en identiteit. Ook zingeving speelt een cruciale rol. Religie kan volgens Sieckelinckworden ingezet als breekijzer, dat geldt niet alleen voor islam maar ook voor bijvoorbeeld extreemrechts.

Ook gezag speelt een grote rol: radicalisering is primair geen gedragsprobleem maar een gezagsprobleem. Dat is hier in het bijzonder van belang - we zijn bang, en als we bang zijn zetten we meestal macht in als pressiemiddel. Maar dit is onmogelijk in het sociale domein: gezag is de grote uitdaging van deze tijd. Jongeren hebben ruimte nodig om zich te kunnen uiten en tegelijk moet je als volwassene ook de wereld moet kunnen verdedigen zoals die is.

Foto: Ted van Aanholt

Blue/Yellow Room

Avonturen bestaan niet  | Dubbelcollege door Simon Gusman en Arjen Kleinherenbrink

In een overvolle zaal vertellen Simon Gusman en Arjen Kleinherenbrink over hun nieuwste boek Avonturen bestaan niet. Ze legden uit dat ons leven geen plot heeft, en dat dat maar goed is ook. Als dat wel zo zou zijn, zouden we zelf geen verantwoordelijkheid hoeven nemen, maar ook geen lof kunnen oogsten. Hun boek blijkt nodig te zijn, want stiekem willen mensen toch avonturen beleven!

Foto: Ted van Aanholt

Karolingenzaal

What if? | Lezing door filosoof Jeroen Hopster

“What-if-vragen, daar moet je je als historicus niet mee bezig houden”, werd tegen filosoof en historicus Jeroen Hopster gezegd tijdens zijn studie. “Daar kun je als historicus weinig zinnigs over zeggen.” Toch zijn dit soort vragen volgens Hopster meer dan zinloze verbeelding. We moeten ze alleen op een zinnige manier vormgeven.

Door jezelf what-if-vragen te stellen geef je volgens Hopster diepgang aan je emoties. Toen een vriend van hem omkwam tijdens een motorongeluk in het buitenland, probeerde een andere vriend hem te troosten met de opmerking : “misschien had het wel zo moeten zijn”. Dat was volgens Hopster echter een miskenning van het feit dat het leven van zijn verongelukte vriend ook een andere wending had kunnen nemen. Het stellen van de what-if-vraag gaf juist betekenis aan zijn verdriet.

De dingen zoals ze zijn gelopen afzetten tegen een wereld waarin de dingen anders hadden kunnen lopen, geeft betekenis aan onze emoties en omgekeerd: door het weglaten ervan vervlakt je emotionele beleving af. Daarnaast geven historische what-if-vragen het leven zijn open toekomst terug. Ze geven een reliëf aan het verleden. Ze plaatsen onze historische verworvenheden in perspectief waardoor we ze minder voor lief nemen. Het besef dat Vasili Arkhipov tijdens de Cubacrisis niet koos voor een kernoorlog, helpt ons het heden meer te waarderen. Zo geven What-if-vragen verdieping aan het leven.

Foto: Ted van Aanholt

Landschapspijn. Een nieuw klimaatvocabulaire | Lezing door Evanne Nowak

“Bij onze omgang met de klimaatcrisis ontbreekt het ons niet aan krachttermen”, legt Evanne Nowak uit. Uitspraken als “we need to win this war” zeggen  haar echter niet zo veel. Integendeel. Nowak: “door dit soort woorden val ik stil en klap ik een beetje naar binnen.” Gelukkig kan het volgens haar ook anders,: door de klimaatcrisis te vertalen in woorden en begrippen die ons wél raken.  Kan er een culturele verandering plaatsvinden wanneer we overgaan op een ander vocabulaire?

Nieuwe woorden
“Klimaatverandering wordt vaak gezien als een sturingsprobleem. Alle hens aan dek en aanpakken die storm.” Maar volgens Nowak is het niet een storm die voorbijraast en daarna over is. Dit soort metaforen helpen ons daarom niet verder. Daarom presenteerde zij het publiek een reeks nieuwe woorden en onderzocht zij wat dit  losmaakte bij het publiek.

Landschapspijn
Zo maakte het woord onbehagenweer veel los bij het publiek. Het geeft een onbehaaglijke gevoel omdat je het weer dan opvat  als een voorbode van slechte tijden als gevolg van klimaatverandering. Ook het woord landschapspijn, een pijnlijk of weemoedig gevoel dat je krijgt wanneer je een landschap ziet dat dramatisch is beschadigd, drong goed door in de zaal. Nowak stuurde het publiek naar huis met een stapel uitgeprinte nieuwe begrippen om verder over na te denken.

Foto: Ted van Aanholt

Jaren van verzet. 1943, 1968, 2018 | Lezing door historicus Lennert Savenije

Opvallend veel Nijmegenaren schoven aan bij de lezing van historicus Lennert Savenije. Maar aan de andere kant ook weer niet heel verwonderlijk: Savenije vertelde namelijk een aantal interessante verzetsverhalen uit het Nijmegen in de jaren veertig.

Zo sprak Savenije over een vorm van verzet in het Sportfondsenbad in Nijmegen tijdens de Tweede Wereldoorlog. In eerste instantie zouden Nederlandse dienstplichtigen tijdens WO II geen krijgsgevangen worden. Door een gebrek aan arbeidskrachten draaiden de Duitsers dit besluit alsnog terug. Dit leidde tot de april-mei stakingen. Toen Duitse militairen wilden gaan zwemmen in het Sportfondsenbad draaiden de monteurs de kraan open waardoor het zwembad leegliep.

Was de sabotage in het Sportfondsenbad ook een vorm van verzet? Volgens Savenije wel, vanwege de grotere context van de april-mei stakingen en de relatie tot de bezetter. “Verzet verhoudt zich altijd tot de bezetter en tot collaboratie. Dat is niet los te zien van elkaar.” Bij het verzet denken we vaak aan de verhalen van moedige verzetshelden. Wanneer we het begrip verzet ontleden komen we echter ook tot een ander beeld van het verzet. Voorbeelden als die van het Sportfondsenbad laten we ons daar volgens Savenije dieper over nadenken.

Foto: Ted van Aanholt

There is no Alternative? | Gesprek met Martijn Stevens, Eva Rovers en Evanne Nowak

In de Valkhofzaal werd het spits afgebeten door Martijn Stevens, Eva Rovers en Evanne Nowak. Met Frank van Caspel als enthousiaste gespreksleider vroegen ze zich af wat er eigenlijk is over gebleven van het gedachtengoed uit de jaren zestig. Kunnen we ons nog wel een andere wereld verbeelden? Of is er simpelweg geen alternatief mogelijk, zoals Margaret Thatcher beweerde?

De toon was direct gezet. Hoewel Eva Rovers en Evanne Nowak juist uitgingen van een goede hoop op de toekomst, verdedigde Martijn Stevens aanvankelijk het wat meer cynische kamp. Volgens hem hebben tegenwoordige generaties niet zo zeer te maken met onwil tot protesteren, maar met onmacht. We kunnen niet ontsnappen aan het systeem en een alternatief is dan ook niet mogelijk.

Toch liet hij zich gedurende het gesprek verleiden door aan de ene kant Evanne, die met haar nieuwe klimaatvocabulaire de vinger op de zere plek legt. Nieuwe woorden zorgen ervoor dat we onze nieuwe, problematisch verhouding met de aarde beter kunnen duiden. Het verdriet dat het woord “landschapspijn” oproept, moet allereerst ook doorleeft worden, zodat we dit verdriet vervolgens om kunnen zetten in kracht.

Aan de andere kant was daar het optimisme van Eva Rovers die liever denkt in mogelijkheden dan in beperkingen. Juist door het nemen van kleine stappen kunnen we iets groots bereiken. Samen kunnen we zorgen voor verandering en vooruitgang, al gaat dat natuurlijk niet van de een op andere dag. Zo lang we maar onthouden dat we niet bij de pakken neer moeten zitten, maar dingen moeten blijven doen!

Zo eindigde het gesprek toch nog met een positieve noot, toen ook Martijn besloot zijn cynisme overboord te gooien. Er is wel degelijk een alternatief mogelijk, als je er maar in gelooft.

Foto: Ted van Aanholt

Filosofisch Veldwerk | Lezing door filosoof Florentijn van Rootselaar

Vroeger diende de aarde nog als het decor van de mensheid en haar geschiedenis. Maar tegenwoordig heeft zij zelf ook een geschiedenis. Dat ligt niet zozeer aan de aarde zelf, als wel aan onze verhouding tot de aarde. In het tijdperk dat de grote denkers van deze tijd het Antropoceen hebben gedoopt, moeten we ons afvragen hoe we deze verhouding moeten denken. Pas dan kunnen we problemen als klimaatverandering te lijf gaan.

Zijn we één met Moeder Aarde en deel van het geheel of staat de aarde ons juist tegenover als een decor? Bewegen we met de aarde mee of tegen haar in? En wat hebben we aan de term “Antropoceen”? Zorgt de term er niet juist voor dat we onszelf steeds verder verwijderen van de aarde, in plaats van dat we onze verbondenheid met haar benadrukken? Of duidt ze juist op antropocentrisme? Hoe zorgen we voor meer balans? En, niet onbelangrijk, welke vormen van opstand kunnen ons hierbij helpen?

In zijn lezing nodigde Florentijn van Rootselaar het publiek uit om samen met hem na te denken over deze vragen. Dit monde uit in een noodzakelijke, maar ook hoopgevende discussie over het Antropoceen, de opwarming van de aarde en hoe deze tegen te gaan.

Foto: Ted van Aanholt

Mens-zijn in een digitale wereld | Gesprek met filosoof Miriam Rasch

Miriam Rasch werd tijdens de Nacht van de Filosofie geïnterviewd door filosoof Carli Coenen over haar boek Zwemmen in de oceaan, waarin ze een antwoord probeert te geven op de vraag wat het betekent om mens te zijn in een digitale wereld.

Hoewel we de digitale revolutie hebben overleefd, bevinden we ons nu in een tijd waarbij alles is besmeurd met digitaliteit. Niet alleen de wereld is gedigitaliseerd, maar ook de mens zelf is deels digitaal geworden. Denk aan sociale media, maar ook aan de manier waarop bedrijven als Google en Facebook op iedere moment van de dag en van iedereen data verzamelen. De smartphone, die zelfs onze fysieke locatie detecteren en volgen, is hier de hoofdzakelijke boosdoener.

Miriam Rasch waarschuwt voor deze digitale ontwikkelingen en vreest voor onze onafhankelijkheid. Met onze data in handen, zijn bedrijven in staat ons te beïnvloeden en te manipuleren. Met haar boek wil ze ervoor zorgen dat we juist blijven waken voor onze eigen autonomie. De echte, fysieke wereld heeft zo veel te bieden en moet in haar waarde behouden blijven. Kleine veranderingen in het leven kunnen hierbij al de eerste stap zijn op weg naar verandering. Verwijder bijvoorbeeld de facebookapp van je smartphone en probeer zo de regie weer terug in eigen handen te krijgen!

Foto: Ted van Aanholt

Love, peace and happiness | Gesprek met Geert Buelens, Laurens Landeweerd en Ellen ter Gast

De avond werd afgesloten met een roerig gesprek tussen Ellen ter Gast, Geert Buelens, die op uitnodiging van samenwerkingspartner Vlaams-Nederlands Huis deBuren in Nijmegen was, en Laurens Landeweerd van Stichting Filosofie Oost-West. Ferial Saatchi leidde het gesprek.

“De jeugd van tegenwoordig lijkt wel verlamd!”, roept Ellen ter Gast verontwaardigd. Waarom gaat men niet meer de straat op om zich te verzetten? Er is sprake van een gevoel van onmacht in plaats van daadkracht. Maar waarom

Er is tegenwoordig ook geen sprake meer van peace, love and happiness. Jongeren zijn te veel bezig met het halen van studiepunten en het hopen op een goede baan. Een burn-out dreigt. Volgens Geert Buelens is dit eigenlijk meer te wijten aan de val van de muur: vanaf dat moment waren er geen remmen meer op het kapitalisme en ging het rendementsdenken echt van start.

Maar waarom doet deze generatie hier dan niets aan? Waarom verzetten ze zich niet? Wat is er nodig voor verandering? Ten eerste het geloof in het feit dat deze verandering mogelijk is. En als het probleem dan maar urgent genoeg is, dan kan protest wel degelijk gerealiseerd worden. Geert Buelens roept mensen op om zich dan ook massaal te verzetten. Reageer wanneer iets je niet bevalt! Stuur die boze mail en deel je onvrede!

Collectieve solidariteit is nodig om iets voor elkaar te krijgen, maar vooral ook het geloof dat verandering überhaupt mogelijk is. De jaren zestig bieden ons daarom hoop. Toch valt er zo hier en daar ook iets op deze geïdealiseerde revolutie aan te merken. Het was niet de gewone man die in opstand kwam, maar slechts een klein elitair deel van de samenleving.

Foto: Ted van Aanholt