Zoek in de site...

B.H.D. Hermesdorf

Bernardus Hubertus Dominicus Hermesdorf is op 3 november 1894 te Kerkrade geboren. Hij studeerde rechten aan de Universiteit van Utrecht en rondde deze studie af in 1911 met een promotie op stellingen. Na gedurende korte tijd werkzaam te zijn geweest in Heerlen werd hij bedrijfsjurist bij de NV Noury en Van der Lande te Deventer. In 1923 vestigde hij zich in deze stad als advocaat en procureur. Hermesdorf werd in 1928 benoemd tot lector in het Romeinse recht aan de Nijmeegse universiteit, zonder een letter op dit vakgebied te hebben gepubliceerd. Hem werd een professoraat in het Romeinse recht en het oud-vaderlandse recht in het vooruitzicht gesteld bij gebleken geschiktheid. Hermesdorf

Hoewel hij zich na enige tijd bewezen had, bleef instelling van deze leerstoel lang uit, zelfs nadat hij in 1931 tot hoogleraar in het Romeinse recht te Leuven was benoemd. De oorzaak van dit uitstel lag bij E.J.J. van der Heijden, die onwillig was het oud-vaderlandse recht aan Hermesdorf af te staan. Pas in 1938 gaf Van der Heijden het vak op en werd Hermesdorf benoemd tot hoogleraar in het Romeinse en het oud-vaderlandse recht. Hij bleef dit tot zijn emeritaat in 1965.

Hermesdorf ontwikkelde zich tot een bekwaam beoefenaar van de rechtsgeschiedenis in de brede zin van het woord. Hij legde zich niet zo zeer toe op de bestudering van de wortels van het positieve recht, maar hij was vooral een katholiek geïnspireerd cultuurhistoricus. Zijn Schets der uitwendige geschiedenis van het Romeins recht (eerste druk 1936; zevende druk 1972) is voor vele studentengeneraties verplichte kost geweest, evenals de oorspronkelijk door Van der Heijden geschreven, maar vanaf de derde druk door Hermesdorf bewerkte Aante(e)keningen bij de geschiedenis van het oude vaderlands(ch)e recht (1943; achtste druk 1968). Tot zijn bekendste boeken behoren Licht en schaduw in de advocatuur der Lage Landen (1951), Te hoofde gaan (1954) en Römisches Recht in den Niederlanden (IRMAE V5a, 1968). Hermesdorf heeft daarnaast veel gepubliceerd over Gelderse en Limburgse rechtsgeschiedenis. Opvallend is eveneens zijn aandacht geweest voor Bernardus van Clairvaux als jurist.

In de bitterste jaren van de Tweede Wereldoorlog was Hermesdorf de rector magnificus van de Nijmeegse universiteit. Hij werd eind 1942 benoemd en hij zou zijn ambt uitoefenen tot september 1945. Hij weigerde om principiële redenen medewerking te verlenen aan de plannen van de Duitse bezetter, zoals ten aanzien van de arbeidsinzet. Hij verzette zich met steun van de Nijmeegse senaat, het College van Curatoren en de bestuurders van de Sint Radboudstichting tegen de ondertekening van de loyaliteitsverklaring (die de Duitsers van de Nederlandse studenten eisten). Hermesdorf stuurde als enige Nederlandse rector magnificus de studenten van zijn universiteit de verklaring niet toe. Het onontkoombare gevolg van deze houding was de sluiting van de instelling met ingang van 11 april 1943. Hermesdorf bevestigde eigenhandig op 10 april het bericht met een mededeling van deze strekking op een bord in de aula. Zo wist hij de rug recht te houden in uiterst moeilijke omstandigheden.

Hermesdorf was een kunstzinnig en -minnend mens. Hij had zijn huis aan de Groesbeekseweg zelf ontworpen.

Hij overleed op zijn 84ste verjaardag.

Bronnen:

J.B.A.M. Brabers, De Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Katholieke Universiteit Nijmegen, 1923-1982, Nijmegen 1994, met name p. 68 e.v. en p. 148 e.v.; Opstellen over recht en rechtsgeschiedenis, aangeboden aan prof. mr. B.H.D. Hermesdorf, Deventer 1965, met een bibliografie op p. XI-XXIII. Zijn archief bevindt zich in het Katholiek Documentatie Centrum te Nijmegen.