Praktische voorbereiding op je toets

Heb je binnenkort een digitale of papieren toets op de campus? Loop hieronder dan door de algemene checklist en bekijk waar je rekening mee moet houden bij het maken van een specifieke toets. Zo zorg je dat je goed voorbereid naar je toets gaat.

Algemene checklist

  • Controleer je toetsinschrijving in OSIRIS. Je kunt je tot vijf werkdagen voor de dag van jouw toets inschrijven. Twijfel je of alles klopt? Neem dan contact op met het STIP van jouw faculteit.
     
  • Zorg dat je je kan identificeren met een geldig identiteitsbewijs (paspoort, identiteitskaart, rijbewijs of verblijfsvergunning). Een kopie, verlopen identiteitsbewijs of campuskaart tellen niet als geldig identiteitsbewijs.
     
  • Is je identiteitsbewijs verlopen, verloren of gestolen? Meld dit minstens één werkdag voor je toets bij het STIP van je faculteit. Zorg ervoor dat je het STIP een verklaring van vermissing of een geplande afspraak bij de gemeente kunt tonen in het geval van een Nederlands ID-bewijs of een proces-verbaal in het geval van een buitenlands ID-bewijs. Neem ook een alternatief identiteitsbewijs mee (bijvoorbeeld het verlopen identiteitsbewijs). Het STIP beoordeelt of en op welke alternatieve manier je je kunt identificeren bij toetsen.
     
  • Maak je gebruik van een studentgebonden voorziening zoals extra tijd of een kleinere toetsruimte? Controleer dan ruim van tevoren in OSIRIS of je voorziening correct staat gekoppeld aan jouw toetsinschrijving. Staat je voorziening niet correct gekoppeld? Neem dan op tijd contact op met je studieadviseur via de mail of het STIP van je faculteit.
     
  • Misschien mag je hulpmiddelen gebruiken tijdens de toets, we noemen dit toetsgebonden voorzieningen. Je examinator laat je via Brightspace tijdig weten welke voorzieningen er zijn toegestaan. Er kunnen vier soorten worden toegestaan:
    • Woordenboek: één set van twee woordenboeken die vertalen van willekeurige taal naar toets-taal en vice versa. Hierin mag niet geschreven zijn.
    • Eigen rekenmachine: eén rekenmachine.
    • Naslagewerken: niet digitaal naslagwerk.
    • Kladpapier: student neemt zelf schrijfgerei mee. De surveillant zorgt dat iedere student één leeg vel A4 papier heeft bij aanvang van de toets. Student mag om extra kladpapier vragen.
       
  • Lees de frauderegeling van jouw faculteit door. Deze is van toepassing tijdens het maken van een toets en vind je terug in de OER van jouw opleiding.
     
  • Zorg dat je bekend bent met de huisregels voor het maken van een toets aan de Radboud Universiteit. Hierin lees je aan welke regels je je dient te houden en wat je wel en niet mee mag nemen naar een toets. Het niet navolgen van deze regels kan ertoe leiden dat jou de toegang tot de toetsruimte wordt ontzegd.

Specifieke checklists

Naast de algemene checklist die geldt voor alle toetsen zijn er bij het maken van een papieren of digitale toets specifieke dingen waar je op moet letten. Bekijk hieronder de checklist die voor jou relevant is.