Zoek in de site...

Toetsing

In de tentamenhandleiding die je aan het begin van de Educatieve Minor/Module ontvangt, benoemen we de drie rollen van de docent die wezenlijk zijn voor het vak van docent en voor de opleiding. Deze rollen staan ook centraal in de beoordeling. Als student dien je aan het eind van de opleiding aan te kunnen tonen dat je competent bent in de drie rollen, zodat je 'start bekwaam' bent voor het beroep van tweedegraads docent en dus de lesbevoegdheid kunt ontvangen.

Tentamens van de Educatieve Minor en Module

De Educatieve Minor/Module kent een aantal tentamens die als afsluiting gelden van een onderwijsperiode. Het gaat hier om tentamens in de vorm van werkstukken die op de tentamendatum ingeleverd dienen te zijn. Deze tentamens moeten allemaal met een voldoende worden afgesloten. Er is dus geen compensatie mogelijk.

Voor elk tentamen zijn er twee gelegenheden. Er zijn dus twee momenten waarop je een tentamen kunt laten beoordelen: in het kader van de eerste tentamenkans en voor de herkansing. Kies je ervoor om je tentamen pas op het tweede moment in te leveren, dan is dat je enige kans. Er is dan geen herkansing meer mogelijk. Op het moment dat je iets inlevert, geef je aan of het gaat om een toetsing of om het verkrijgen van feedback.

Tentamens van de Educatieve Minor en Module
Eerste kwartaal
RDA-LR-MI Lessenreeks 5 EC
RDA-STA-MI Stage a 7 EC
Tweede kwartaal
RDA-ZEA-MI Zelfevaluatie a 5 EC
RDA-ZEB-MI Zelfevaluatie b 5 EC
RDA-STB-MI Stage b 8 EC

De theorie wordt niet apart getoetst: er zijn geen schriftelijke tentamens over de inhoud van de opleiding. Dat is misschien anders dan je gewend bent. In plaats daarvan laat je in de tentamens duidelijk zien dat je producten kunt verantwoorden via theoretische inzichten, door bijvoorbeeld gemaakte keuzes te verdedigen aan de hand van wetenschappelijke literatuur. Meer informatie per tentamen vind je in de tentamenbeschrijvingen door op de codes in bovenstaande tabel te klikken. Alle informatie vind je in de tentamenhandleiding die je aan het begin van de opleiding krijgt.

Je stageactiviteiten vormen in elk blok een zelfstandig tentamen. Daarmee wordt het gewicht van je prestaties in de praktijk (en het oordeel van de werkplekbegeleider over je geschiktheid als docent) onderstreept. Bij de beoordeling hanteren de opleiders de opleidingscompetenties en de bijbehorende bekwaamheidseisen en gedragsindicatoren, zoals die voor de Radboud Docenten Academie zijn vastgesteld als beoordelingsinstrument. Zie ook hiervoor je tentamenhandleiding.

In het 'competentiegericht opleiden' is het samengaan van kennis, vaardigheden, houding en gedrag (handelen van een docent in pedagogische, professionele en didactische zin) van belang. Om dit te toetsen worden door de opleiders vier parameters gebruikt die het academische niveau moeten waarborgen: onderzoekende houding, theorie-praktijk, ontwikkelingsgerichtheid en coherent/consistent denken en handelen.

De tentamens ‘Lessenreeks’Zelfevaluatie a’ en Zelfevaluatie b’ worden door één of twee opleiders van de Radboud Docenten Academie beoordeeld. De deeltentamens ‘Stage a’ en ‘Stage b’ worden door de werkplekbegeleider beoordeeld, in overleg met een of meer opleiders van de school en de Radboud Docenten Academie.

Deelopdrachten van de Educatieve Minor en Module

Per periode zijn er deelopdrachten ontwikkeld. Deze deelopdrachten zijn ondersteunend aan de deeltentamens en de colleges. De deelopdrachten zullen per periode op Brightspace worden gepubliceerd.