Democratie, religie en eigenmachtigheid

Datum bericht: 15 juni 2022

Door Michaël Bauwens

De Nederlandse taal bezit woorden die zich bijzonder goed lenen voor wijsgerige overwegingen. Zo hebben de begrippen ‘eigenmachtig’ en ‘eigenmachtigheid’ geen eenduidige tegenhanger in de grote buurtalen Engels en Frans. Politiek filosoof Michaël Bauwens introduceert deze begrippen in zijn reflectie over het onderscheid tussen de vorm en de bron van het staatsgezag. Dit fundamentele onderscheid heeft zowel theoretische als praktische consequenties.

De vorm versus de bron van staatsgezag

In het doorsnee oor van de 21ste-eeuwse lezer staat de encycliek Immortale Dei van Paus Leo XIII (1885) vol met argumenten, stellingen en concepten die klinken als het akelige krassen van een krijtje op een aloud schoolbord. Maar de encycliek maakt bijna terloops het cruciale onderscheid tussen de staatsvorm als de manier waarop het moderne staatsgezag wordt uitgeoefend enerzijds, en de uiteindelijke bron of legitimering van dat staatsgezag anderzijds. Die twee kunnen samenvallen. Wie vindt dat enkel democratie een legitieme staatsvorm is, zal stellen dat staatsgezag maar legitiem is als het democratisch is.

Wel goddelijke almacht, geen theocratie 800px-Anthonis_van_Dyck_005 (1)

Maar de paus onderscheidt die twee dus, en stelt dat de Kerk zich niet per se uitspreekt voor of tegen bepaalde staatsvormen – een uitspraak die voor Franse monarchisten destijds dan weer kan hebben geklonken als een akelig krassend krijtje. Het is de Kerk in de eerste plaats te doen om de bron van het staatsgezag, omdat die bron uiteindelijk God is. Dat God ‘almachtig’ is heeft dus  ook politieke implicaties, wat zeker in moderne oren dan weer akelig theocratisch kan klinken. Maar net dat onderscheid tussen de vorm en de bron van het gezag verspert de weg naar een theocratie. De Kerk vertegenwoordigt God en dus de bron van alle macht, maar net daardoor is haar gezag principieel onderscheiden van dat van de autonome staat en zijn bestuursvorm.

Wel autonomie, geen eigenmachtigheid

Tegelijkertijd impliceert dat onderscheid dat een democratie weliswaar een van de mogelijke staatsvormen is, maar niet zelf de bron of legitimering kan zijn van dat gezag. Hier komt het mooie Nederlandse woord ‘eigenmachtigheid’ uitstekend van pas. Het betekent immers dat volgens de Kerk ook ‘het volk’ of ‘de natie’ niet eigenmachtig is, dus niet zelf de bron is van het gezag – ook al kan dat gezag zeker autonoom en democratisch worden uitgeoefend. Een transcendente bron van alle macht impliceert dat geen enkele partij of politicus, geen enkele staat, bevolking of natie zichzelf die eigenmachtige rol kan toemeten.

Nationalisme en eigenmachtige democratie

Populisme en nationalisme worden vaak als bedreigingen aanzien voor de democratie en als een gevaarlijke bron van conflict. Maar ze volgen logisch uit een eigenmachtige democratie die ‘het volk’ of ‘de natie’ als de ultieme bron van haar gezag beschouwt waarmee gezagsbron en gezagsvorm samenvallen. Net door allereerst de bron van het politieke gezag te onderscheiden van de bestuursvorm van het politieke bestel, kunnen we vervolgens die bron buiten het politieke bestel zelf plaatsen. Daarmee kan dan iedere vorm van politieke eigenmachtigheid, zoals populisme en nationalisme, fundamenteel onder kritiek worden geplaatst.

Overstijgende mensenrechten

Nu heeft na twee Wereldoorlogen ‘het volk’ of ‘de natie’ als eigenmachtige bron van gezag haar geloofwaardigheid al danig verspeeld – en worden ze er tot vandaag vaak expliciet mee gelinkt. Daarom wordt er sinds enkele decennia zwaar geïnvesteerd in een universeel mensenrechtendiscours met een bijhorende suprastatelijke infrastructuur. Die mensenrechten en hun institutionele wachters moeten ons hoeden voor bovengenoemde gevaren net door overal en op iedereen van toepassing te zijn, zonder onderscheid – dus door alle landen en naties te overstijgen of te ‘transcenderen’. Het is in die zin dus opnieuw een poging om die eigenmachtigheid los te koppelen van het concrete politieke bestel van de staat.

grasp-g0a37e8024_1920

Oude wijn in nieuwe zakken?

Maar met enkele elementaire filosofische vragen over wat ‘mens’ en ‘recht’ ten gronde zijn, komen we al snel bij kwesties die al millennia geleden en eeuwen lang door de Kerk werden beantwoord met ‘God’. De bron of grondslag van de ‘moderne’ waardigheid en gelijkheid van de mens lag er bijvoorbeeld in beeld te zijn van (en vrijgekocht door) een transcendente God waar dus geen enkel aards onderscheid afbreuk aan kon doen. Nu smaakt oude wijn in nieuwe zakken niet noodzakelijk slechter, maar misschien had die oude paus dan toch wel ergens een punt?

Vond je dit een boeiende blog? Lees meer en blijf op de hoogte door je aan te melden voor onze maandelijkse Blog Alert

Michaël Bauwens is doctor assistent aan de Universiteit van Antwerpen, en verbonden aan het Centrum voor Ethiek. Hij promoveerde aan de KU Leuven op een proefschrift over de metafysica van instituties.

#Tocqueville #democratie #staatsgezag #legitimering #instituties #grondwet #oorlog #vrede #PausLeoXIII #Encycliek #Immortale Dei.