Het ongeduld van de politiek (II) – Devaluatie van de Grondwet?

Datum bericht: 21 september 2022

Door Sophie van Bijsterveld

De Grondwet verkeert de laatste jaren in bijna doorlopende staat van verbouwing. De verbouwing is nu – juni 2022 - nog volop in uitvoering. Er komen steeds nieuwe plannen bij. Wat voor soort plannen zijn dit? Hoe moeten wij deze duiden? Sophie van Bijsterveld ziet politiek ongeduld de Grondwet binnen sluipen. Dat doet afbreuk aan het karakter van de Grondwet.

'Onbekend, maar niet onbemind’, luidde de conclusie van een onderzoek uit 2008 naar de bekendheid met de Grondwet bij de bevolking. Het onderzoek dat in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties was uitgevoerd, toonde aan dat 94% van de ondervraagden desgevraagd de Grondwet ‘tamelijk’ tot ‘heel belangrijk’ achtte, ook al erkende 84% daarvan niet of slecht op de hoogte te zijn van de inhoud van de Grondwet.1

Gezag

De Grondwet heeft ondanks zijn onbekendheid in elk geval gezag. Dat gezag ontleent hij aan wat hij naar zijn aard is: een document dat basisregels geeft voor de inrichting, samenstelling en bevoegdheden van de staatsinstellingen en de verhouding van de staatsinstellingen tot de burger. Hiermee hangt samen dat de Grondwet niet zo makkelijk te veranderen is als een gewone wet.

Om de Grondwet te veranderen, moet tweemaal de wetsprocedure worden doorlopen. Tussen die twee rondes (‘lezingen’ genoemd) moeten Tweede Kamerverkiezingen hebben plaatsgevonden. In de tweede lezing kan het voorstel inhoudelijk niet veranderd worden en beide kamers moeten het voorstel met twee derden van het aantal uitgebrachte stemmen aannemen.

Omdat de Grondwet de basisregels voor het staatkundige leven bevat, is het goed dat hij niet door een willekeurige meerderheid op een willekeurig moment te veranderen is. Er is een versterkt draagvlak nodig: in de tijd en in de omvang van de steun.

tingey-injury-law-firm-nSpj-Z12lX0-unsplash

Verbouwing in soorten

Hoe zit het dan met al die verbouwingen? De meeste daarvan vallen eigenlijk onder ‘onderhoud’. Zo zijn er bepalingen die voor een overgangssituatie in het leven zijn geroepen en inmiddels zijn ‘uitgewerkt’. Die kunnen probleemloos geschrapt worden.2 Ook zijn er soms veranderingen nodig om bij de tijd te blijven. Zo wordt het klassieke ‘brief- en telegraafgeheim’ aangepast aan het digitale tijdperk.3  Dan is er ook de nodige symboliek. Zo wordt voorgesteld om in het eerste artikel van de Grondwet de expliciet benoemde verboden discriminatiegronden uit te breiden, ook al worden zij inhoudelijk al door het bestaande artikel bestreken.4  Ook het opnemen van een algemene bepaling in de Grondwet dat Nederland een democratische rechtsstaat is, valt in deze categorie.5 Het lijstje is niet uitputtend, maar het geeft wel een idee.

Staatkundig-politieke keuzen

Maar wat ervan te denken dat de aanstellingswijze van de burgemeester uit de Grondwet is gehaald? 6 Dat raakt de inrichting van het hele gemeentelijke bestel. Wat te denken van het invoeren van een vorm van bindend referendum? 7 Wat te denken van het introduceren van een vorm van toetsing door de rechter van parlementaire wetten aan de Grondwet? 8 Dat zijn zaken die de kern van de publieke besluitvorming raken en waarover sterk uiteenlopend wordt gedacht. Wat te denken van wijzigingen in de vrijheid van onderwijs, die ingrijpen in de verhouding tussen burger, maatschappelijke organisaties en overheid? 9 Het gaat bij zulke voorstellen om fundamentele staatkundig-politieke keuzen die meteen het belang duidelijk maken van een stevig draagvlak; een draagvlak dat verder gaat dan de toevallige meerderheid van het moment.

opinion-poll-g40e5cd12c_1920

Politiek ongeduld

De Franse denker Tocqueville leefde helemaal in de begintijd van de moderne democratie. Toch doorzag hij al heel goed het ongeduld van de politieke meerderheid. Die is er namelijk op uit om zoveel mogelijk en zo snel mogelijk de eigen politieke wensen te verzilveren in de korte tijd die zij heeft. In een democratie veranderen meerderheden immers voortdurend. Tocqueville zag daarom de grote waarde van een Grondwet. Daaraan lag óók een democratische meerderheid ten grondslag, maar die had een steviger fundament juist omdat er zwaardere democratische eisen aan werden gesteld.

Een categorie op zichzelf

In dat licht verdient een ander voorstel om de Grondwet te veranderen onze aandacht: het voorstel om het veranderen van de Grondwet zelf makkelijker te maken.10 Het houdt in dat in de tweede lezing beide kamers gezamenlijk stemmen. Het gevolg is dat de Tweede Kamer het overwicht krijgt. Zij heeft immers het dubbele aantal leden. De regering motiveerde dit voorstel het argument dat nu een derde van de Eerste Kamer een wijzigingsvoorstel kan ‘blokkeren’. Maar: datzelfde kan de Tweede Kamer ook! En bovendien ‘blokkeren’ is niet het juiste perspectief. Het is het perspectief van een ongeduldige Tweede Kamer die met een op dat moment bestaande meerderheid haar wens wil verzilveren.

Een self-defeating redenering

Daarmee devalueert de Grondwet. Daarbij moet bedacht worden dat het zeker in de Tweede Kamer soms niet eens om een ‘echte’ meerderheid gaat, maar om een meerderheid die kunstmatig is afgedwongen via een regeerakkoord.

De wens om grondwetswijzigingen makkelijker te maken schiet zichzelf bovendien in de voet. Immers, volgende Tweede Kamers kunnen dan ook makkelijker een wijziging doorvoeren of een niet-welgevallige wijziging weer terugdraaien. Dat dat laatste niet helemaal denkbeeldig is, bewijst wel het lotgeval van het bij gewone wet ingevoerde raadplegend referendum. Wat ieders standpunt daarover inhoudelijk ook moge zijn: jojo-wetgeving is niet gewenst. Dat geldt zeker waar het de Grondwet betreft.

Vond je dit een boeiende blog? Lees meer en blijf op de hoogte door je aan te melden voor onze maandelijkse Blog Alert

Sophie van Bijsterveld is hoogleraar Religie, recht en samenleving aan de Radboud Universiteit en oud-lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal (2007 – 2019)

Tocqueville #Grondwet #democratie #politiek ongeduld #Eerste Kamer

Noten:

1. https://njcm.nl/actueel/nederlandse-burger-vindt-grondwet-belangrijk-maar-kent-zijn-grondrechten-niet/ (geraadpleegd 17 juni 2022).

2. Dit voorstel is juni 2022 in de eindfase van de tweede lezing in de Eerste Kamer, Kamerstukken 35 787.

3. Dit voorstel is juni 2022 in de eindfase van de tweede lezing in de Eerste Kamer, Kamerstukken 35 790.

4. Dit voorstel is juni 2022 in eerste lezing in behandeling bij de Eerste Kamer, Kamerstukken 35 741.

5. Dit voorstel is juni 2022 in de eindfase van de tweede lezing in de Eerste Kamer, Kamerstukken 35 786.

6. Dit voorstel is in 2019 aangenomen.

7. Een initiatiefvoorstel daartoe is juni 2022 in tweede lezing aanhangig in de Eerste Kamer; zie Kamerstukken 35 729.

8. Een initiatiefvoorstel daartoe is in 2018 in tweede lezing door de initiatiefnemer ingetrokken; zie Kamerstukken 32 334.

9. Dit voorstel is in eerste lezing aanhangig in de Tweede Kamer, Kamerstukken 35 024.

10. Dit voorstel is in eerste lezing aanhangig in de Eerste Kamer, Kamerstukken 35 533. Zie over de procedure tot grondwetsherziening ook Kamerstukken 35 789, juni 2022 in de eindfase van de behandeling in tweede lezing in de Eerste Kamer.