Spiritualiteit: verfrissing, vernieuwing en groei!

Datum bericht: 12 maart 2020

Door Wil Derkse

Spiritualiteit is een veelgebruikt begrip. Het is tegelijk ook wat wazig: een paraplu waar van alles onder lijkt te vallen. Sommigen denken bij spiritualiteit vooral aan zweverigheid. Spiritualiteit wordt ook wel gebruikt om te verwijzen naar een individueel alternatief voor een klassieke religieuze gebondenheid. Het kan ook een gerichtheid op persoonlijk welbevinden aanduiden. En met dat alles is natuurlijk niets mis.

Geestelijke vitaliteit

Ik vervang het begrip spiritualiteit vaak door geestelijke vitaliteit – de mate waarin je nog innerlijk in leven bent en in innerlijke zin dus nog niet ‘klinisch dood’. Maar of die terminologische vervanging wel verheldering brengt?
‘Geestelijk’, wat is dat dan? Is het geestelijke niet door en door lichamelijk ingebed en omgekeerd? Zonder twijfel, zo lijkt mij. En dit is dan toch vooral op de eigen individuele vitaliteit gericht? Ja, dat is zo. Maar er is ook zoiets als maatschappelijke vitaliteit. Maatschappelijke organisaties – van politieke partijen tot kerkkoren – kunnen geestelijk vitaal zijn en soms al bijna klinisch dood.

WilDerkse_spiritualiteit_verfrissing_vernieuwing_groei_Tocqueville_levenskracht_vitaliteit_religie_maatschappelijkeorganisaties

Pneuma, fietsbanden en voedingsbronnen

Spiritualiteit werd door vakbroeders van mij eens omschreven als het domein van levensélan, levensoriëntatie, levensstijl en levenstransformatie. Het centrale woord is hier duidelijk: leven. Deze levenskracht wordt in meerdere levensbeschouwelijke tradities met de levensadem geassocieerd, in het Grieks: pneuma. Grappig dat in het Frans een fiets- of autoband pneu genoemd wordt. Die banden worden opgepompt door een bron met een hogere pneumatische druk. Een band die op spanning is gebracht, verliest overigens langzamerhand zijn druk en loopt geleidelijk leeg.
Wat voor fietsbanden en autobanden geldt, geldt hier ook voor mensen en hun organisaties. Jouw innerlijke vitaliteit, je pneuma, moet gevoed blijven worden door bronnen van vitaliteit, van geestkracht. Zulke bronnen kun je vinden in traditionele spiritualiteiten, geestelijke traditie- al of niet ingebed in een religieuze context. Die bronnen kun je bewust opzoeken. Je kunt je daarmee verbinden en je kunt je erin oefenen om je open te stellen voor de instromende pneuma.

Spiritualiteit_vernieuwing_groei_Tocqueville_levenskracht_vitaliteit_religie_maatschappelijke_organisaties

Pneuma-onderhoud nodig

In die zin is geestelijke vitaliteit ook ‘oefenbaar’: je kunt er in groeien. Daardoor kun je ook een bron worden van vitaliteit van anderen. Jouw pneuma vereist wel onderhoud – net als een goed opgepompte band. Geestelijke vitaliteit is namelijk ook kwetsbaar. Er kan geleidelijk spanningsverlies optreden – zoals bij een fietsband of autoband lucht weglekt langs het ventiel. Er kan ook een regelrecht lek zijn. Je vitaliteit is ook kwetsbaar voor doelloze overbelasting of onverschilligheid. Dat geldt ook voor verwaarlozing van het contact met voedende bronnen. Uitputting van je eigen reservoir is ook een bedreiging van de vitaliteit. Ook het putten uit troebele en zelfs giftige bronnen kan je vitaliteit ondermijnen. Die giftige bronnen borrelen soms ook in onszelf op, zoals de bronnen van de eerzucht, het jezelf willen bewijzen, te ver doorgevoerd perfectionisme, werk- en andere verslavingen, gedrevenheid door concurrentie, wantrouwen en angst, maar ook herrie en lawaai, je levensstijl. Dagelijks contact met voedende bronnen werkt daarentegen genezend, verfrissend en heilzaam.

Vitale organisaties, vitale tradities

Wat voor de innerlijke vitaliteit van onszelf geldt, is ook van toepassing op groepen en organisaties. Ook een vitale club kan door verwaarlozing van het contact met de eigen bronnen of aanvullende voeding geleidelijk ‘leeglopen’ en de fut verliezen. Zowel in kleiner als in groter verband zijn daar gemakkelijk voorbeelden van te geven. Hernieuwd contact met bronnen van pneuma zorgt vaak juist voor nieuwe vitaliteit. Dat kunnen personen zijn en al of niet met die personen verbonden spirituele, geestelijke tradities en de religieuze contexten daarvan. Zo kunnen overigens ook die tradities zelf vitaal blijven. Levende tradities zijn op verfrissing, vernieuwing en groei gericht. Dat is trouwens wel een ander begrip van traditie dan wij gewend zijn. Daarover een volgende keer meer.

Wil Derkse is filosoof en voormalig hoogleraar aan de TU Eindhoven en de Open Universiteit. Hij is oud-directeur van de Stichting Thomas More (voorheen Radboudstichting) en schrijver van Een levensregel voor beginners - Benedictijnse spiritualiteit voor het dagelijkse leven. Hij was voorts hoogleraar-directeur van het Soeterbeeck Programma voor Wetenschap, samenleving en levensbeschouwing (nu Radboud Reflects) van de Radboud Universiteit.

Meld je nu aan voor de Tocqueville-nieuwsbrief!

Lees meer over geloof

Tags: Tocqueville, spiritualiteit, levenskracht, vitaliteit, religie, maatschappelijke organisaties