Tolerantie, vrijheid en een gemeenschappelijk wereldbeeld

Datum bericht: 2 december 2020

Door Marin Terpstra en Theo de Wit

Mensen trekken zich steeds meer terug in kleine gemeenschappen zonder verkeer met andersdenkende mensen. Hoe zijn deze 'bubbels' ontstaan? Een korte geschiedenis van tolerantie, vrijheid en gedeelde normen en waarden.

Vrijheid en tolerantie

Democratie zoals wij die kennen lijkt moeilijk denkbaar zonder tolerantie en vrijheid. Vrijheid zorgt ervoor dat verschillende politieke standpunten in de arena kunnen verschijnen en dat partijen of personen om de kiezersgunst kunnen dingen zonder dat er inmenging van de kant van de overheid plaats heeft.

Tolerantie op haar beurt is een vereiste, wil deze strijd niet in een burgeroorlog ontaarden. Partijen en burgers moeten van de ander dulden over politieke kwesties anders te denken, hoe weerzinwekkend de opvattingen van de tegenstander ons ook mogen voorkomen. Tolerantie lijkt zo een afgeleide te zijn van vrijheid: om de laatste mogelijk te maken moeten de burgers zich de deugd van verdraagzaamheid eigen maken zonder hun strijdbaarheid of overtuigingskracht te verliezen.

Een andere betekenis van tolerantie

Met deze laatste visie is het begrip tolerantie van betekenis veranderd. Het idee van de ‘deugd van het verdragen’ dat de westerse politieke cultuur gekleurd heeft, is nauw verbonden met de geschiedenis van het christendom in Europa. Politiek gezien is het christendom vooral van betekenis geweest vanwege de manier waarop Europa gekerstend is. Dit proces is in de veertiende eeuw voltooid.

christ-898330_1280

De poging om een wereldbeeld en een religieus-morele orde voor een grote gemeenschap vast te leggen, is zowel indrukwekkend als catastrofaal. Om op alle plaatsen op gelijke wijze eenzelfde eredienst en geloofsleer te vestigen en te bestendigen, is een sterk gedisciplineerde geestelijke stand vereist. Deze geestelijke stand moet bovendien toegang hebben tot alle mensen. De kans dat hier iets misgaat is groot.1 Voortdurend verschijnen afwijkingen en ketterijen waarop de kerk moet antwoorden.

In dit kader is tolerantie vooral geduld hebben, in de wetenschap dat een boodschap nooit helemaal overkomt en beklijft. Niettemin raakte het geduld vaak op en greep de kerk hard in.

Tolerantie en de Reformatie

In de zestiende eeuw ging het echt mis en viel het christendom uiteen. De behoefte aan een gemeenschappelijk wereldbeeld en morele orde bleef echter bestaan, zowel bij machthebbers als bij burgers.

De aanvankelijke oplossing was dat elke staat voor één van de denominaties in het christendom koos: cuius regio eius religio. Dat bleek echter moeilijk te handhaven en tolerantie was nodig. Dat was geen vanzelfsprekendheid. Nog in 1812 kunnen wij een hofpredikant horen verzuchten:

“De waarheid is zo heilig, dat zelfs de kleinste afwijking ervan nauwgezet moet worden vermeden. Het is dan ook een volstrekt valse tolerantie om in godsdienstige aangelegenheden te verklaren dat wat wij als een fout beschouwen, eigenlijk om het even is.”2

Tolerantie betekende dan vooral het dulden van afwijkingen, maar tot een bepaalde grens. Ook dit model bleek al snel lastig te handhaven. In de loop van de negentiende eeuw koos men voor de vrijheid van godsdienst.

Het belang van deze ontwikkeling

Waarom is het van belang hieraan te herinneren?

Ten eerste is de behoefte aan een gemeenschappelijk wereldbeeld nog steeds niet verdwenen. Dit geldt ook voor degenen die vrijheid en tolerantie hoog in het vaandel hebben staan. Hun wereldbeeld is immers even heilig, zodat intolerante en vrijheidsbedreigende groepen als een soort ketters (‘fundamentalisten’, ‘fanatici’) moeten worden behandeld.

Ten tweede is tolerantie, zeker wat betreft levensbeschouwelijke opvattingen, vervangen door vrijheid. Hermann Lübbe schreef in zijn studie Religion nach der Aufklärung (1986): ‘waar vrijheid bestaat, is tolerantie overbodig’. Deze omslag is van grote betekenis. Niet langer geldt één wereldbeeld of morele orde, waarbij afwijkingen gedoogd worden. Wereldbeeld, religie en moraal zijn vrije kwesties geworden. Niemand hoeft zich te meten aan dezelfde maatgevende orde.

marc-sendra-martorell-sETSVxV8lAI-unsplash

Ten derde: gegeven de behoefte aan een gemeenschappelijk wereldbeeld gekoppeld aan vrijheid zien wij dat mensen zich steeds meer terugtrekken in kleine gemeenschappen zonder verkeer met andersdenkende mensen. Zij kunnen daar hun eigen denkbeelden koesteren die niet gecorrigeerd kunnen worden door andere meningen, of het nu om een wetenschappelijk onderbouwd standpunt gaat of om een complottheorie.

Dit alles is een consequentie van de politieke keuzes die zijn gemaakt en die in onze instituties zijn vastgelegd. Tegelijkertijd betekent de vrijheid dat de geestelijke grondslag van deze instituties niet gewaarborgd is. Een weg terug naar een nieuwe kerk – het grote christelijke experiment maar dan met andere inhoud – lijkt afgesloten. We moeten met deze spanningen leren leven, en vooral proberen te begrijpen waar deze vandaan komen. Totdat zich een vijand aandient die ‘wij’ niet kunnen verdragen en dus moeten bestrijden.

Vond je dit een boeiende blog? Lees er meer en blijf op de hoogte door je aan te melden voor onze Blog Alert!


Dr. Marin Terpstra was tot half mei 2020 universitair docent politieke filosofie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Prof. Dr. Th.W.A. (Theo) de Wit is politiek theoloog en filosoof. Hij is emeritus-hoogleraar aan Tilburg University en gasthoogleraar aan de Universiteit Stellenbosch. Marin Terpstra en Theo de Wit schreven samen het boek Waarom tolerantie niet de hoogste waarde kan zijn. Over de omgang met heilige zaken, Damon 2019.

Het nieuwe boek 'Een nieuwe politieke formule: Ideeën voor staat en samenleving geïnspireerd door Alexis de Tocqueville' is nu uit! Bekijk het hier

Voetnoten:

1. In een boeiende studie (Transmettre, 1997) heeft mediafilosoof Régis Debray laten zien wat ervoor nodig is eenzelfde gedachtegoed over de eeuwen heen over te dragen aan een grote groep mensen, gegeven de veranderingen die in de overgave van de een naar de ander kunnen plaatsvinden

2. F.S.G. Sacks, Ueber die Vereinigung der beiden protestantischen Kirchenparteien in der Preußischen Monarchie. Nebst einem Gutachten über die Beförderung der Religiosität, Berlin 1812, VIIIff, aangehaald in Klaus Schreiner & Gerhard Besier, ‘Toleranz’, in Otto Brunner e.a. (red.), Geschichtliche Grundbegriffe. Band 6, Klett-Cotta, Stuttgart 1990, blz.512

#Tocqueville #tolerantie #democratie #religie godsdienst #vrijheidvangodsdienst #instituties #christendom #verdraagzaamheid #geloof #vrijheid