De wereld is niet plat

Datum bericht: 17 juni 2020

Door Sophie van Bijsterveld

In de verre omgeving van Utrecht is de Domtoren het belangrijkste oriëntatiepunt op de stad. Daaraan kunnen de toppen van de Rabobank en het Stadskantoor niet tippen.1 Kerktorens in onze stads- en landschapsgezichten herinneren ons eraan dat de wereld niet plat is.2

In veel andere plaatsen hebben kerktorens als hoogste bouwwerken plaats moeten maken voor andere. Wie ver in het Friese platteland in de richting van Leeuwarden kijkt, vindt geen kerktoren als baken maar de Achmeatoren die als een reusachtige grafzerk uit het vlakke landschap oprijst. In de skyline van Rotterdam vallen kerktorens weg tegen nieuwe reuzen als de Maastoren en New Orleans.

Maar wie kan zich het Nederlandse landschap voorstellen zónder kerktorens? En zijn Nederlandse stadsgezichten denkbaar zónder de vertrouwde aanblik van kerken die met hun spitsen naar de hemel wijzen?

groningen-1901084_640

Ook in een geseculariseerde tijd blijven kerkgebouwen aantrekkingskracht uitoefenen. Niet-gelovigen laten zich vaak graag verleiden om een voet over de drempel naar binnen te zetten. Een tentoonstelling of een mooi concert is daarvoor al aanleiding genoeg. Veelzeggend zijn de volle kerken die de Matthäus Passion de laatste jaren trekt. Jaren nadat de NCRV met het programma ‘Kerkenpad’ de harten van velen veroverde, wordt de kerk als hoofdingrediënt van toeristische expedities gekoesterd. Een cultureel bezoekje aan een stad is bijna ondenkbaar zonder de drempel van een kerk over te stappen, zelfs wanneer die drempel op zondag door onbekendheid of schroom een bijna onneembare horde is geworden. Wat is dat toch?

Alexis de Tocqueville, een van de grootste denkers over de moderne democratie, voorspelde in de negentiende eeuw dat mensen in een democratie meer gericht zouden raken op materiële zaken en uiteindelijk steeds meer losse individuen worden.

Hij schreef: “In democratische naties … [breekt] de draad der traditie … ieder ogenblik af; het spoor getrokken door vorige generaties wordt telkens uitgewist. Gemakkelijk verdwijnt de herinnering aan hen die voorafgingen zoals men ook geen enkele voorstelling heeft van degenen die het nageslacht zullen vormen. Alleen tijdgenoten staan in het licht van de algemene belangstelling. … [De democratie] werpt de mens voortdurend terug op zichzelf, waardoor het gevaar bestaat dat hij ten slotte volledig is overgeleverd aan het isolement van eigen innerlijk wezen.”3

Voor velen verwijzen kerkgebouwen naar dierbare jeugd- en familieherinneringen. Zij zijn een tastbare aanwezigheid van onze geschiedenis. Zij herbergen een belofte van geborgenheid. Zij drukken uit dat niet alles alleen op onze eigen schouders terecht hoeft te komen. De toppen van banken of verzekeringskantoren vallen daarmee in het niet bij de torens van kerken die wij in ons landschap zien.

polder kerk

Kerkgebouwen die met hun spitsen naar de hemel wijzen, helpen ons als gelovigen en niet-gelovigen eraan herinneren dat er meer is dan wijzelf. Dat is waardevol, juist in onze moderne democratie. Dat besef moeten wij niet kwijt raken, evenmin als die mooie kerken zelf.

Sophie van Bijsterveld is hoogleraar Religie, recht en samenleving aan de Radboud Universiteit en oud-lid van de Eerste Kamer.

Meld je nu aan voor de Tocqueville-nieuwsbrief!

Lees meer over Tocqueville en instituties

Tags: Tocqueville, kerkgebouwen, instituties, christendom, religie, waarden, traditie, kerken, secularisering

Voetnoten:

1. Fragmenten van dit blog zijn letterlijk overgenomen uit: ‘Over de blijvende betekenis van het christelijk geloof in Nederland’, in: Sjaak van ’t Kruis, René de Reuver, Dick Schinkelshoek en Herbert Wevers (red.), Waar een Woord is … Het protestantisme doordacht, Zoetermeer: Boekencentrum 2016, p. 122- 129.
2. Vrij naar Thomas L. Friedman, The World is Flat. The Globalized World in the Twenty-First Century, Penguin 2007.
3. Citaat uit: Democratie: wezen en oorsprong. Alexis de Tocqueville, ingeleid door Andreas Kinneging, Kampen: Agora/Pelckmans (z.j.), p. 162-163.