Zoek in de site...

Van stenen en spitsmuis tot vlinders en koeien: de natuurlijke historie

Datum bericht: 1 januari 2015

De collectie oude drukken van de UB Nijmegen blijft verrassen, omdat we, hoe vreemd het ook klinkt, niet weten wat voor type boeken zich in die collectie bevinden. De oude drukken zijn ontsloten zoals moderne boeken ontsloten worden: op auteur en titel. Maar bij het handgemaakte boek (die periode duurt tot ca. 1830) zijn er veel meer onderdelen van het boek als object die van belang zijn voor onderwijs en onderzoek. Het type boekband, het papier, het sierpapier, de bindtechniek, de bandversiering, de illustraties (portretten, plattegronden, alle andere illustraties, de illustratietechniek), de drukkersmerken, de boekverkopers en drukkers, fondscatalogi, drempeldichten, herkomstgegevens en vooral het genre.

Dat laatste vang je niet met een trefwoord. Een oude druk vol voorbeeldbrieven voor notarissen, gaat niet over notarissen, maar valt onder het genre ‘brievenboek’. Een oude druk over dieren, planten en mineralen? Valt onder ‘natuurlijke historie’.

En als we al tegen een bepaald type boek oplopen, dan weten we vrijwel nooit hoeveel van dat soort boeken er in de collectie voorkomen. Dit vormt een niet te onderschatten handicap voor een conservator en voor onderzoek en onderwijs.

De boeken die de natuurlijke historie als onderwerp hebben, behoren over het algemeen tot de mooie boeken in de UB. Vol prachtige gravures met torren, vlinders, vogels, slangen, beren, allerlei planten, maar ook mineralen en inboorlingen uit exotische landen. De natuurlijke historie behoorde in de 18e eeuw tot de "moeder der wetenschappen" en had een golf van verzamelwoede tot gevolg. Zelfs stadhouder Willem V (1748-1806) sloeg aan het verzamelen, startte een dierentuin en benoemde de beroemde naturalist Arnout Vosmaer (1720-1799) tot opzichter daarvan.

Van Arnout Vosmaer bezit de UB 31 natuurlijke historische titels (periode 1766-1787), bijvoorbeeld over de orang-oetan of de platstaart slang of de eland. Het allermooiste boek van dit soort is 'Nederlandsche vogelen' van Cornelis Nozeman (1720-1786) en Jan Christiaan Sepp (1739-1811), vijf folianten boordevol adembenemend mooie, handgekleurde kopergravures van Nederlandse vogels. Niet veel minder spectaculair zijn de werken van de iets minder bekende, maar niet minder belangrijke auteurs, zoals Martinus Houttuyn (1720-1798) [afb.1], met een compleet overzicht van de natuurlijke historie in 38 banden.

Spin uit boek van Houttuyn
Afb.1: Spin uit boek van Houttuyn.

Vlinder uit boek van Rösel von Rosenhof
Afb.2: Vlinder uit boek van Rösel von Rosenhof.

De UB bezit ook een exemplaar afkomstig uit de voormalige bibliotheek van het kleinseminarie Apeldoorn, met gekleurde prenten. Helaas ontbreken vijf banden, vanwege de waterschade die de collectie opliep in de Tweede Wereldoorlog. Er is ook werk van August Johann Rösel von Rosenhof (1705-1759): een natuurlijke historie der insecten uit 1783 [afb.2]. Van Rösel von Rosenhof bezit de UB ook de natuurlijke historie van de kikkers.

Ook in de UB te vinden: 'De natuurlijke historie van de tanden' van John Hunter (1728-1793), verschenen te Dordrecht in 1773 [afb.3]. Hunter was een belangrijke Schotse geneeskundige, gespecialiseerd in de anatomie en in de geslachtsziekten. Hij experimenteerde met donortanden en bezat een verzameling van 14.000 preparaten voor colleges over de menselijke anatomie.

Van de beroemde Franse naturalist George Louis Leclerc comte de Buffon (1707-1788) bezit de UB 23 titels, waaronder verschillende edities van zijn beroemde Histoire naturelle générale et particulière, in 31 delen en 10 supplementen [afb.4]. Dit boek had een enorme invloed op zijn 18e-eeuwse tijdgenoten. Men noemde hem niet voor niets "de vader van de natuurlijke historie". Net als Arnout Vosmaer in Den Haag was Buffon directeur van de koninklijke verzameling in Parijs.

'De natuurlijke historie van de tanden' van Hunter
Afb.3: 'De natuurlijke historie van de tanden' van Hunter.

Werk van Leclerc comte de Buffon
Afb.4: Werk van Leclerc comte de Buffon.

In Nederland verscheen, in Amsterdam, de Natuurlyke Historie van Holland, in 9 delen, van de hand van de Leidse arts, wetenschapper, orangist en 'woelwater' Johannes Le Francq van Berkheij (1729-1812). In opzet een algemene natuurlijke historie, maar onvoltooid. Berkheij beschrijft uitvoerig de Nederlandse bodem en de Nederlandse mens. De twee gewildste onderdelen zijn de beschrijving van het paard en, wat hij zelf noemde, 'mijn grote koeienboek' [afb.5]. Vanwege de beperkte ruimte sla ik schrijvers over als Knorr, Baker, Valmont de Bomare, Ranouw, John Hill, Pallas, Martinet, Barba, Ledermuller, Deiman, Ludwig, Munting en Leeuwenhoek.

Uit 'Mijn grote koeienboek' van Le Francq van Berkheij
Afb.5: Uit 'Mijn grote koeienboek' van Le Francq van Berkheij.

In de OPC kan men zoeken op de woorden 'natuurlijke' (ook 'natuurlyke') en 'historie', maar dan worden gegarandeerd niet alle boeken over dit uitgebreide onderwerp gevonden. In de vele titels van Arnout Vosmaer, bijvoorbeeld, komen de woorden 'natuurlijke' en 'historie' niet voor. En ook de vele reisjournaals uit de 17e en 18e eeuw zou men daardoor overslaan. Veel reisbeschrijvingen zitten boordevol natuurlijke historische observaties over exotische planten, dieren, schelpen en inboorlingen. Een voorbeeld hiervan zijn de Reizen over Moskovie door Persie en Indie van Cornelis de Bruyn (†1727), verschenen te Amsterdam in 1714. De Bruyn besteedt een groot deel van zijn reisbeschrijving aan de natuurlijke historie van de door hem bezochte landen. [afb.6]

Vissen uit werk van De Bruyn uit 1714
Afb.6: Vissen uit werk van De Bruyn uit 1714.

Kortom, opnieuw een verrassende schat aan informatie over een enorm breed gebied van 18e-eeuwse wetenschap, die beschikbaar staat voor onderwijs en onderzoek maar ook voor allen die willen genieten van fraaie, soms handgekleurde gravures, van schelpen en vlooien tot slangen en koeien.

Robert Arpots, conservator