Zoek in de site...

Ventilatie in gebouwen

Alle gebouwen op de campus zijn getoetst op mogelijke risicosituaties met betrekking tot de ventilatiesystemen. In enkele gevallen heeft dit geleid tot aanvullende maatregelen of beheersmaatregelen. Vrijwel alle gebouwen op de campus hebben echter een ventilatiesysteem dat voldoet aan de RIVM-richtlijnen.

Mechanische ventilatie met verse buitenlucht

De mechanische ventilatie in de gebouwen zuigt verse lucht van buiten naar binnen en blaast gebruikte lucht naar buiten. De installatie is ruim voor de opening van het gebouw ingeschakeld en blijft ook na sluitingstijd lang in bedrijf. Op deze wijze is geborgd dat de installaties zorgen voor een goed en veilig binnenklimaat.

Veilig gebruik van ruimtes met natuurlijke ventilatie

In de gebouwen zonder mechanische ventilatie (Thomas van Aquinostraat 1, UBC, Huize Heyendaal, Soeterbeeck) is natuurlijke ventilatie via geopende ramen en deuren de oplossing.

In deze gebouwen gelden strikte richtlijnen voor een veilig gebruik van de ruimte. Indien de ruimte wordt gebruikt zonder ventilatie, dus met gesloten ramen en deuren, geldt dat er maximaal één persoon aanwezig mag zijn. Indien de ruimte wordt geventileerd tijdens gebruik, dus met open deuren én ramen, dan zijn meer personen tegelijkertijd toegestaan.

Op de deur van de ruimte staat het maximum aantal aangegeven. Na gebruik dient de ruimte altijd goed gelucht te worden.

Gebruik ventilatoren en lokale airco's

Het gebruik van ventilatoren, lokale airco’s e.d. is toegestaan in ruimtes waar meerdere personen tegelijkertijd aanwezig zijn, maar alleen dan wanneer de luchtstroom niet op personen gericht is.

Voor een beperkt aantal ruimtes gelden extra eisen, de leidinggevende of PAM’mer informeert je daarover.

De medewerkers van Campus & Facilities volgen de ontwikkelingen continue. Bovengenoemde richtlijnen en maatregelen zijn gebaseerd op de meest recente richtlijnen van het RIVM en in overleg met de Arbo- en Milieudienst (AMD) samengesteld.