Winnaars

Winnaar 2008

Winnaar van de essaywedstrijd ‘Natuurbeleving’ van de Westhoff-lezing 2008 was Jaap Rohof, student Biologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder zijn winnende inzending.

Beleven is een werkwoord!

Natuurbeleving bij jongeren

door

Jaap Rohof


“Toen ik jong was had ik een hut in een bos in de buurt. Elke dag wilde ik daar wel naar toe. Mieren kruipen naar boven in die hut, op je hand. Je hebt een vlieg of een mug. Gruwelijk irritant, maar ze zijn er wel. Als ik terugkijk heeft dat zeker indruk gemaakt. Dan weet je dat er meer is dan achter je computer zitten.”


Een ervaring in de natuur, zoals hierboven beschreven door een leerling uit 5 HAVO, zullen veel mensen herkennen. Het plotselinge gevoel midden in de natuur te zijn kan iemand, jong of oud, raken. Iedereen draagt dergelijke momenten bij zich die je niet meer vergeet. Vaak komen deze uit je jeugdjaren. Deze ervaringen kunnen iets betekenen voor de keuzes in je verdere leven. Zo noemen veel natuurbeschermers jeugdervaringen in de natuur als motivatie van hun huidige werk. Maar, laten we nu eens gaan kijken naar de natuurbeschermers van de toekomst. Herkennen jongeren van nu dit soort indrukwekkende ervaringen en kunnen ze er eigen voorbeelden van geven? Dat zijn vragen die scholieren hebben beantwoord in een verkennend onderzoek naar natuurervaringen bij jongeren op vijf middelbare scholen. 1

Als je de kranten erop naslaat, heeft bovengenoemde natuurervaring bijna iets weg van The last Mohican in zijn eigen genre. Kinderen en jongeren komen maar weinig in de Nederlandse natuur. Want natuur is buiten, en de Nederlandse jeugd zit binnen. Wie heeft natuur immers nog nodig? Hutten bouwen leer je in de survivalprogramma’s van Discovery, en soldaatje spelen doe je online. Daarbij komt dat de inrichting van veel steden in Nederland ook niet echt uitnodigt tot buitenleven. Stadsjongeren groeien op tussen kantoorgebouwen, betonnen JOP’s en winkelcentra. Groene plekken, waar de jeugd gewoon kan en mag zijn, zijn er maar weinig. Natuurwinkels zijn er wel, maar daar koop je geen natuur: juist de ervaringen die zo belangrijk zijn, zijn behalve onbetaalbaar nergens te koop.

De krantenkoppen over computerende jongeren ten spijt heb ik, als jongere, andere jongeren aan het woord gelaten. En dan valt op dat zij wel degelijk belangrijke ervaringen in de natuur opdoen en herkennen. In groepsgesprekken kunnen ze zich deze herinneren en erover praten. De natuurervaring maakt veel verschillende emoties los, die – door erover te praten – als het ware weer opnieuw worden beleefd. Van de angst bij het verdwalen in het bos, het ontzag dat je voelt bij het kijken naar de sterren tot de onmacht die komt kijken bij de reddingspoging van een (al dode) mier.

In de verhalen van jongeren komt naar voren dat de natuur er altijd is. Dat kan heel erg leuk zijn, bijvoorbeeld als op een balkon in Londen opeens een eekhoorn opduikt. Maar ook gewoon erg vervelend. Al zijn in de hut van ons voorbeeld de mieren en muggen niet van harte welkom, ze zijn er toch. De natuur kent geen bezoektijden. En dat kan je overvallen. Zo vertelt een meisje dat ze, bij het plotseling opdoemen van een onweersbui in de verte, opeens besefte dat er grotere dingen om haar heen zijn. Dingen waar je geen vat op hebt. En waar dus wel eens iets fout kan gaan. Ook voor dieren. Een ander meisje, dat regelmatig met haar opa naar de vogels in de tuin keek, vertelde over de vergissing van een moedermerel om haar nest aan de zon-zijde van een boom te maken. De mereljongen verbrandden. Een nogal bruut verhaal; toch was het voor haar een teken dat zelfs intuïtieve dieren wel eens een steekje laten vallen.

Veel jongeren die aan de groepsgesprekken hebben deelgenomen, waarderen natuur. Natuur is, ook voor jongeren, een omgeving om tot rust te komen. Je kunt er even jezelf zijn. Bovendien is natuur nooit hetzelfde; bomen groeien en bloeien, en seizoenen veranderen. Er is veel variatie in kleuren, geur en geluiden. Dat maakt het bijvoorbeeld ook een uitstekende omgeving om in te sporten. Behalve om de functionele waarde zeggen veel jongeren natuur om een andere reden belangrijk te vinden. Natuur is er en hoort er gewoon te zijn. Juist dit maakt misschien wel dat een jongere haast nooit uit zichzelf over natuur praat. Het lijkt immers zo vanzelfsprekend. Een zomerdag met een mountainbike in het bos. Genieten van een barbecue in de tuin. Lekker met wat vrienden vissen, een kampvuurtje maken. Dat zijn momenten waar het in de natuur om gaat. Niet praten, niet denken, maar doen. Toch wil dat niet zeggen dat er met jongeren niet over natuur te praten is. Integendeel; als je jongeren en hun verhalen serieus neemt, kan dit prima. Dat werkt het beste op een aardse manier. Want hoewel binden met bomen en blootsvoets aarden heel fijn kan zijn, is het voor maar weinig jongeren een herkenbare bezigheid.

Wat jongeren en natuur betreft, kun je – ik wil het hier nog een keer herhalen –  dus beter beginnen met gewoon doen. Daarin is onderwijs met aandacht voor beleving een cruciale factor. Natuurlijk moet je de Nederlandse nachtdieren kennen en weten hoe stekelbaarzen paren. Maar wat is de waarde hiervan als je ze zelf nooit hebt gezien? Ook buitenschools moet je jongeren de kans geven te doen in natuur. Blijf daarvoor dicht bij hun eigen voorkeuren. Maak in steden ruimte voor het ontstaan van groene plekken, die jongeren uitnodigen te bewegen. Laat sportende jongeren vertellen waarom een mountainbiketochtje in de natuur zo anders is dan in de stad.

Dan blijkt dat de natuur geen zorgenkindje is. In mijn eigen ervaring, en die van vele jongeren met mij, toont zich een natuur met veerkracht, onvoorspelbaarheid en diversiteit. Een onderdeel van het leven, in plaats van een plaatje uit een boek. Doen in de natuur leidt tot een belevenis, die zich verankert tot een ervaring. Natuurbeleving is dus werk in uitvoering en de natuur is één grote werkplaats. Want net als houden van, is beleven een werkwoord.

1. Indrukken zijn afkomstig uit mijn stageonderzoek ‘Sprekenderwijs, visies van jongeren van 14-18 jaar, NME specialisten en milieufilosofen op topervaringen in de natuur’. Dit onderzoek is tot stand gekomen met medewerking van Radboud Universiteit Nijmegen en Stichting wAarde, en is in de afrondingsfase.